donderdag 14 mei 2026

Een sperwer met een snor.

zingende snor in de Biesbosch
(Savi's Warbler, Locustella Luscinioides)
Het was deze ochtend in de Biesbosch sowieso een bijzondere ochtend met overvliegende roerdompen en purperreigers. Dit is niet altijd zo is laat staan dat een sperwer vlak voor mijn neus een masterclass jagen ten beste gaf. De snor zat heerlijk bovenin een rietpluim te snorren en lette gewoonweg niet goed op toen uit het niets een flitsend snelle sperwer van rechts opdook en in een soepele trefzekere beweging de snor uit de rietpluim plukte en meenam.

De sperwer draaide voor mij langs en landde wat verderop op een dikke tak van een boom. Een goede stevige tak waar de snor vakkundig gedemonteerd kon worden. Hij vond hem op een steenworp van mij vandaan en trok zich niets van mijn aanwezigheid aan en ging aan de slag.

de snor heeft het loodje gelegd, 10 mei 2026

Hoe een sperwer een vogel een kopje kleiner maakt heb ik al vaker gezien dus dat hoefde ik niet meer te zien. De gebeurtenis maakte toch wel indruk want ik moest die ochtend regelmatig aan die arme snor denken.Ik snap dat de sperwer regelmatig een vogeltje moet slaan om in leven te blijven maar dat dat vanmorgen nu juist een snor moest zijn deed toch wel een beetje pijn. Snorren zijn helemaal niet zo algemeen als bijvoorbeeld kool- of pimpelmezen en die smaken volgens mij net zo goed en daar zijn er stuk meer van.

sperwer man met een geslagen mees
(Erasian Sparrowhawk, Accipiter Nisus)
De snor is een echte rietvogel die een voorkeur heeft voor rietvelden die in het water staan. Als het riet droog staat en die velden zijn er ook genoeg en als daar ook nog een paar open wat drogere plekken in te vinden zijn, kun je daar weer zingende sprinkhaanzangers aantreffen. Deze twee ratelende rietvogels lijken met hun zang op elkaar en kunnen als de omstandigheden goed zijn, vrij dicht bij elkaar voorkomen. Een stukje nat riet en een stukje droog riet zorgt ervoor dat het kan. 

De rietpolder met de naam De Plomp is met 100 hectare oftewel 1 vierkante kilometer niet zo groot en daar leven in het broedseizoen ongeveer vier snorren. Dat is heel weinig als je dat vergelijkt met bijvoorbeeld rietgorzen waar je kunt rekenen op een stuk of vijftig exemplaren. Dat geeft denk ik goed aan waarom ik het zo jammer vond dat deze snor is gesneuveld.

Wil je meer weten van de snorrende snor, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/snor


maandag 11 mei 2026

Goudvinken schitteren.

goudvink man, 28 april 2026
(Eurasian Bullfinch, Pyrrhula Pyrrhula)
Een goudvink is een lastige vogel om te spotten en dat is zacht uitgedrukt. Ze hebben geen uitbundige zang waardoor je ze net zo makkelijk zou kunnen vinden als een winterkoning. Hun contactroepje is ook al zo lastig omdat ze een zacht geluid maken waar je ook geen enthousiasme in kan ontdekken daarbij klinkt het niet uitgesproken herkenbaar. Het futloze geluidje dat de goudvink met enige moeite uit de snavel krijgt doet mij niet direct opveren.

In de periode als de meeste zangvogels middenin de broedperiode zitten en de mannen hun uiterst best doen om gehoord te worden, is de goudvink nog steeds anoniem aan het werk. 
je zou toch zeggen, ideaal voor goudvinken
En zo ging dat afgelopen week ook weer. Tussen al het geweld van zingende zwartkoppen, mezen, tjiftjaffen, winterkoningen en zanglijsters hoorde ik met enige moeite het futloze goudvinken geluidje. Ik weet dat ze graag op een hoge zangpost zitten en speurde ik de toppen van de bomen om mij heen af. Het geluidje uitpeilen en dan deze prachtvink in het vroege ochtendzonnetje zien zitten was de beloning.

Goudvinken komen bij ons in de buurt wat minder voor terwijl wij hier inde omgeving wel de geschikte bossen hebben. Het zijn gemengde bossen die al behoorlijk oud zijn en waar ook voldoende ondergroei  te vinden is. Je zou zeggen dat dit dan de ideale omgeving is voor 
en nu van dichtbij
deze bosvogel maar dat is toch niet helemaal waar. Er leven hier maar enkele koppels goudvinken en dan ook nog eens op de vaste plekjes, Wat deze plekjes zo aantrekkelijk maakt of waarom de rest niet aantrekkelijk is, kan ik niet zeggen. Voor mij is het lastig om daar iets zinnigs over te zeggen. 

Onze bossen zijn de laatste jaren behoorlijk verdroogt en verjonging, wat ook van belang is voor de leefomgeving van de goudvink, zie je niet of nauwelijks. Het natte voorjaar van 2024 heeft het bos wel een boost gegeven en ervoor gezorgd dat er een flinke waterbuffer was waar het bos tot op de dag van vandaag van geprofiteerd heeft. Maar dat zijn kleine veranderingen waar een soort zoals de goudvink niet direct op reageert. Nee wat dat betreft zitten wij hier in het zuidwesten niet op de beste plek om veel goudvinken te zien. Toch een van de mooiste bosvogels van ons land.

Wil je meer weten van deze

donderdag 7 mei 2026

Bosriet, je hoort hem wel maar ziet hem niet.

Oranjepolder, 12 juni 2024
(March Warbler, Acrocephalus Palustris)
Vanaf half mei worden de eerste uit Zuid-Afrika terugkerende bosrietzangers verwacht. Het zijn zowat de laatste zangvogels die de lange reis naar hier maken om de broedgebieden weer op te zoeken. Ik was er daarom niet op voorbereid om op 3 mei al, jawel op 3mei jongstleden al een uit volle borst zingende boesrietzanger te horen en te zien. Het geluid dat deze zangvogel maakt is gelukkig niet algemeen waardoor hij niet op zou vallen maar de zang is juist zeer opvallend te noemen. Je hoort namelijk het hele assortiment zangvogels voorbij komen en dat komt allemaal uit de strot van dat ene vogeltje. En behalve bekende geluidjes, kun je ook veel Afrikaanse liedjes horen. Die heeft hij geleerd in de winter in Afrika.

mijn vroegste ooit, op 3 mei 2026
De bosriet is misschien wel de grootste imitator van alle zangvogels en een andere topimitator, de spotvogel moet wel erg zijn best doen om er net zo'n gevarieerd repertoire op na te houden. Daarbij heeft de spotvogel middenin zijn lied een stukje zang wat hem heel erg eigen maakt. De bosrietzanger zingt alleen maar liedjes van een ander die snel achterelkaar aaneen geregen zijn. 

Wat zoekwerk in mijn soortenlijstje zag ik dat de spotvogel nog niet eerder door mij zo vroeg was waargenomen, De vroegste waarneming tot nu toe was een dag later op 5 mei. Ook een hele vroege waarneming dus. Nu is dat lijstje met mijn waarnemingen natuurlijk niet toonaangevend te noemen. Er zijn altijd ergens wel vogelaars die nog vroeger een bosrietzanger spotten en wie weet is de bisrietzanger de laatste jaren altijd wel vroeger terug uit Zuid-Afrika? 

Groote Zonzeelsche Polder. 21 mei 2021
De klimaatverandering heeft wereldwijd invloed op alle gebeurtenissen in de natuur. En wie weet keren de bosriet-zangers voortaan altijd wel een week of twee weken eerder teug?Kijk maar naar de gierzwaluwen die vroeger altijd rond Koninginnedag terugkeerden en tegenwaardig zijn die al voor Koningsdag terug. Dan hebben we het ook over een dag of vier eerder. Dit jaar zag ik zelfs op 23 april al een gierzwaluw, een week eerder dan vroeger toen Beatrix dat uitmaakte. 

Ik ben benieuwd wat de volgende stap zal zijn? Het zou zomaar kunnen dat bepaalde vogels ook in de winter hier blijven en de lange reis niet meer gaan maken. De zwartkoppen en tjiftjafs hebben al moedige familieleden die de gok wagen en in de winter hier blijven. Veel in de natuur is voorspelbaar maar steeds meer wordt ook onvoorspelbaar dankzij het veranderende klimaat?

Wil je meer weten van de zanger met het grootst repertoire, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/bosrietzanger

maandag 4 mei 2026

Broedende kraanvogels langs de weg.

Wierdense Veld. 28 maart 2023
(Common Crane. Grus Grus)
Afgelopen jaar zagen we in het Wierdense veld kraanvogels. Ik wist niet dat ze daar voorkwamen en het was dan ook puur toeval dat ze laag overvlogen en opvielen. Achteraf blijkt dat kraanvogels hier broeden en waarnemingen van deze kwetsbare vogels zorgvuldig verborgen worden gehouden. Nu zijn we hier niet zo ver vandaan voor een weekje vakantie en verkennen we met het prachtige weer de omgeving per fiets. Niet ver hiervandaan ligt het natuurgebied de Zunasche Heide en ook daar broeden kraanvogels. Ook dat wisten we niet omdat ook deze locatie goed verborgen wordt gehouden. We kregen een goede tip en zagen op nog geen honderd meter van de openbare weg een kraanvogel op het nest zitten en het mannetje stond een metertje verder de boel in de gaten te houden. Ik had een tijdje geleden al gelezen dat 
broedend vrouwtje kraanvogel, 24 apr 2026
op de Zunasche Heide

het jaarlijks wat beter gaat met deze mooie soort en dat er het aantal broedparen inmiddels meer dan tachtig is. Vandaar dat ze op steeds meer plekken te vinden zijn. Het zijn geen kolonie-broeders zoals reigers of roeken maar zoeken de rust en ruimte op. 

Ze hebben een voorkeur voor open moeras-bossen en hoogvenen en die zijn volop beschik-baar in Overijsel en Drenthe. En verspreiden ze zich dus vanuit het Fochteloƫrveen verder het land in. Daarbij groeit de populatie in Duitsland en schuiven steeds meer kraanvogels westwaarts op. Tel alles bij elkaar op en de aantallen nemen toe en ook het verspreidingsgebied wordt groter.
het waakse mannetje staat er naast
De kraanvogels hebben trouwens precies in de gaten waar ze moeten zijn. Zonder daarbij ge-holpen te worden, weten ze precies de geschikte gebieden te vinden. De natuurgebieden waar ze nu broeden zijn allemaal in beheer bij grote natuurbeschermingsorganisaties zoals Staatbos, Natuurmonumenten of het Drents-,Overijsels Landschap. Dat biedt ook zekerheid voor de toekomst want daar verandert niet snel iets in de omstandigheden. Bescherming en goed beheer van de gebieden zijn de voorwaarden voor het broedsucces.

Wil je meer weten van deze sierlijke moerasbewoner, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kraanvogel