dinsdag 31 mei 2016

Vossenjacht

Zo zag er dat afgelopen zondag uit toen de vos mij opmerkte.
Het was vanmorgen wat vroeger als normaal, ik liep om kwart voor zes langs De Donge bij
's-Gravenmoer. Windstil een beetje mistig en graadje of dertien. De weersvoorspelling voor vandaag was niet best, er was veel regen voorspeld. Ik wilde als eerste deze ochtend door het gebied lopen zodat de vogels en andere dieren nog niet verstoord of opgeschrikt waren. De vogels lieten zich van hun beste kant horen(en dat is absoluut de voorkant), ze zongen dat het een lieve lust was. Bosrietzanger, karekiet, rietgors, rietzanger, blauwborst, putters en grasmusjes.

Het pad langs De Donge waar ik deze vos tegenkwam
Halverwege de wandeling, ik liep een bochtje door, zag ik op nog geen dertig meter voor mij een vos op het pad lopen. Altijd een hele bijzondere waarneming. De vos had mij niet gezien of gehoord en liep lang de grasberm te speuren naar malse prooi. We liepen dezelfde richting in en dat was mijn geluk. Hij ging plat op de grond liggen, spande zijn spieren aan en sprong het hoge gras in. Een dikke muis was de klos en werd met een beet naar de andere wereld geholpen. De vos legde de muis op het pad en merkte mij toen pas op.

Ik stond toen al even onbeweeglijk met ingehouden adem en kippenvel dit schouwspel gade te slaan. Hoe vaak krijg je de kans dit van zo dichtbij mee te maken, ik voelde mij heel even David Attenburough, die ziet ook de prachtigste dieren van heel dichtbij.
Ik keek de vos vol bewondering aan en hij keek mij vol afschuw aan, draaide om en verdween uit het zicht. Dat deed hij trouwens geruisloos, zelfs de takjes en grashalmen bewogen amper. De muis liet hij liggen, ik denk niet dat hij die mij cadeau wilde doen maar de aanblik van een mens van zo dichtbij deed spontaan zijn eetlust verdwijnen.

Weer wat verderop zag ik aan de overkant van De Donge verse vraatsporen van een bever, twee kleine boompjes lagen om, wat dikkere taken van het formaatje bezemsteel waren geheel ontdaan van schors en in de oeverbegroeiing waren twee glijbaantjes gemaakt. Overduidelijk het werk van een bever. Ik had deze bever hier al een half jaar geleden opgemerkt maar het was de afgelopen paar maanden rustig gebleven, alle boompjes bleven staan tot op de dag van vandaag. Hij is weer terug en gaat weer verder met zijn werkzaamheden waar hij een paar maanden geleden mee gestopt was. Dat wordt leuk de komende tijd. Ik ben benieuwd of ik deze keer zijn burcht kan vinden. Die kan best nog wel eens een eindje uit de buurt liggen.

Zo, dat was vanmorgen nog eens wat anders dan alleen maar vogels spotten.

Wil je meer weten van de succesvolle jager van deze ochtend, klik dan op de link;
https://nl.wikipedia.org/wiki/Vos_(dier)
En wil je meer weten van de handige houthakker, klik dan op de link;
https://nl.wikipedia.org/wiki/Bever_(soort)

vrijdag 27 mei 2016

Nachtegaalwater.

nachtegaal zingt uit volle borst(foto; nacht van de nachtegaal Ootmarsum)
Nachtegaalwater, een bijzonder verhaal kan ik wel zeggen, maar daarnaast ook heel interessant. Er bestaan allerlei verhalen over bijgeloof met vogels in de hoofdrol en daar gaat het hier ook over. Het bekendste verhaal wat iedereen wel kent, is dat de ooievaar kinderen "bezorgt". Dit verhaal dateert hoogstwaarschijnlijk uit het einde van de 18e eeuw en komt uit Duitsland. Dit verhaal was niet helemaal volledig, want er werd niet bij verteld waar de kinderen door de ooievaar vandaan gehaald werden. De verklaring waarom moeder dan in bed lag, was dat de ooievaar moeder in haar been zou hebben geprikt.

Een ander verhaal of bijgeloof is dat als er kraaien rond het huis vliegen er iemand zal sterven. Of het verhaal van de ekster die in het begin van onze jaartelling een prachtig verenkleed had maar dat verenkleed veranderde in een rouwkleed omdat de ekster Jezus die aan het kruis hing, had bespot. Zo zijn er nog veel meer bang makende trieste of enge bijgeloof verhalen te vertellen met vogels in de hoofdrol.
Bijvoorbeeld "De
reiziger en de slang"
Maar dat doen we niet, nee, deze keer hebben we het over een bijzondere en voor mij onbekende gelukbrengende kwaliteit die aan een vogel, namelijk de nachtegaal wordt toebedeeld. In de Turkse samenleving bestaat namelijk het verhaal dat een nachtegaal(Turks=bülbül) geneeskrachtige kwaliteiten bezit. Als kleine Turkse kinderen niet kunnen praten of slecht spreken, zeg maar stotteren, wordt dat probleem opgelost door de lippen van het kind te bevochtigen of het kind te laten drinken van water waar een nachtegaal ook van gedronken heeft. Het kind wordt dan genezen en kan praten. Dat is toch mooi dat zo'n kleine nachtegaal met zoveel gemak en zonder dat hij er iets van weet zoveel geluk kan brengen? Dat is wat anders dan een hoorn van een neushoorn of tijger botten stropen. Nee, dat doen die Turken goed!

Turks nachtegaalwater waar
ik van ga praten en zingen
Ik sprak een goede collega van Turkse afkomst en vertelde hem dat ik in de Biesbosch nachtegalen had horen zingen. Dat vond hij geweldig want hij wist niet dat deze vogelsoort ook in Nederland in het wild voorkomt. Hij vertelde, dat toen hij jong was, zijn kleine broertje op vierjarige leeftijd nog steeds niet kon praten en dat zijn ouders op zoek gingen naar een nachtegaal. Zij vonden die in Amsterdam, ik heb eigenlijk niet gevraagd waarom ze daarvoor zo ver weg gingen want in elke wat grotere dierenwinkel is wel een (Japanse) nachtegaal te krijgen. En ik neem aan dat die beestjes net zo geneeskrachtig zijn als de onze. Maar goed, zij togen naar Amsterdam en vroegen de eigenaar of ze het water uit zijn drinkbakje mochten hebben(ze kochten niet eens de nachtegaal) en maakten de lippen van het kleine manneke vochtig met nachtegalenwater. En je snapt 'm al, vanaf dat moment kletste het kereltje honderd uit. Prachtig toch dat het echt werkt en toch gek dat wij dit niet weten. Is dit een publicatie tip voor een gezaghebbend magazine als het Health & Medicine Journal? En als we naar de kosten van nachtegaalwater kijken dan is dat ook nog eens heel goed voor onze almaar stijgende ziektekosten.

Hij vroeg mij wel om het niet tegen de andere collega's te vertellen, die zouden hem niet meer serieus nemen. En dat snap ik ook wel, ik kon een brede glimlach ook niet onderdrukken, hardop lachen durfde ik ook weer niet want daar is hij weer te groot en te breed voor.

Wil je meer weten van deze vriend van de Turkse samenleving, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/147

dinsdag 24 mei 2016

Visdieven in de wijk.

Zo kennen we de visdief, langzaam dansend door de lucht.
Sinds een week of wat worden we twee keer per dag getrakteerd op twee visdieven die hun foerageerronde door de wijk maken. Ik weet niet of het een koppel is, maar elke ochtend en elke namiddag zie je ze of eigenlijk moet ik schrijven hoor je ze overkomen. Het lichte krassende, meeuwenkrijsje doet mij opveren en naar buiten lopen. Ik kijk dan richting de grote vijver in de straat en dan zie ik ze vliegen. Niet dat ik niet helemaal lekker in m'n bolletje ben, nee ik zie ze letterlijk vliegen. Ze komen dan een visje uit de grote stadsvijver stelen want ze heten niet voor niets visdief.

langere snavel dan een stern
De twee visdieven vliegen dan laag over de vijver hun rondjes, speurend naar een visje. Een keer zag ik dat een visdief succesvol was, hij vloog over met een visje wat hij even losliet om het daarna in de vlucht opnieuw op te vangen waardoor hij het gelijk in de goede positie in zijn snavel had om het visje soepeltjes naar binnen te laten glijden.

duikvlucht naar een maaltje vis
Vogels eten hun visje precies zoals wij dat ook doen. Wij laten de haring namelijk ook met de denkbeeldige kop eerst, in onze keel glijden. Zo hebben de visdieven geen last van stekels of vinnen die blijven steken bij het inslikken. Dat hebben wij gewoon van de vogels afgekeken. Maar waarom komen die visdieven een woonwijk in, ze horen hier niet echt thuis, zouden ze in hun eigen gebieden minder vis vinden of zit hier nu eenmaal zoveel vis dat het wel erg makkelijk voor ze is om daarvoor een eindje om te vliegen?       

Wat ik mij trouwens ook afvroeg is, is dit dan een koppeltje? Dat is zo in de vlucht niet een, twee, drie vast te stellen. Zouden ze ergens
een nest hebben en zijn ze hier alleen maar om een maaltje vis voor de jongen te halen? Maar daar kom ik helaas niet achter. Het is een koloniebroeder die vooral langs de kust te vinden is. Ook wel in visrijke binnenwateren maar die weet ik zo een, twee, drie niet te noemen, tenminste niet als geschikt broedgebied voor visdieven. In de Biesbosch kom je ze vaak tegen, ook in flinke aantallen maar dat is het dan ook wel. Het gaat trouwens erg goed met de visdief, de aantallen nemen jaarlijks toe en die zijn sinds 1970 zelfs verdubbeld. We zitten nu op om en nabij de 20.000 broedparen en dat weer bijna het niveau van het jaar 1900 toen er naar schatting 30.000 broedparen in Nederland waren.
Vanavond weer goed opletten, want tussen een uur of zes en zeven komen ze langs.

Wil je meer weten van dit sierlijk familielid van de sternen, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/235

vrijdag 20 mei 2016

Veldleeuwerik terug?

veldleeuweriken zoals we ze in onze polder al lang niet meer gezien hebben.
Het is alweer bijna vier jaar geleden dat wij in de Gecombineerde Willemspolder tijdens de Atlasbloktelling een veldleeuwerik hoorden zingen. Een heerlijk geluid wat we helaas steeds minder vaak horen. In totaal is het aantal veldleeuweriken tijdens deze telling en de drie opvolgende jaren blijven steken op slechts één stuks. We hebben de afgelopen jaren vele, vele uren in deze polder doorgebracht maar nooit meer een veldleeuwerik gehoord tot afgelopen woensdag, elf mei om 19.25 uur. We stonden te genieten van de twee jagende velduilen toen we in de verte het zomerse geluid van de veldleeuwerik naar ons toe hoorden rollen. Ook deze keer kwam het geluid uit dezelfde hoek van de polder waar we het jaren geleden tijdens de bewuste Atlasbloktelling hoorden, waarschijnlijk een goed stekje voor deze incidentele bezoeker of zou er dan toch gebroed worden.

Tsja, hoe kom ik daar nu achter? Ik ben niet van plan door de velden te banjeren, op zoek naar een (on)mogelijk nest, temeer omdat hier nogal wat kieviten, scholeksters en zelfs wulpen broeden. Het is sowieso al een levensgevaarlijke plek voor al deze broedvogels en ik vergelijk deze plek wel eens met picknicken op verkeersknooppunt Ouderijn waar de A27 en A2 elkaar via twintig asfaltstroken kruisen. De vogels moeten hier constant oppassen, wegduiken, ontwijken, vluchten en soms ook sneuvelen. Het zijn kanjers die de eerste weken en maanden van hun kwetsbare leventje in deze polder weten te overleven.

De boeren nemen dit stukje cultuurlandschap wekelijks stevig onderhanden, is het niet om te ploegen, zaaien, eggen dan is het wel om te maaien en stront uit te rijden. Produceren, produceren, maximaal produceren daar draait het om. Een goed weidevogelbeheer is hier wel erg ver te zoeken.

Daartussenin, in sommige veilige veldjes en hoekjes wordt krampachtig en vastberaden voor nageslacht gezorgd. Ik ben bang dat het de veldleeuwerik de afgelopen vier jaar niet is gelukt om ook maar 1 jong voort te brengen. Er zijn nog maar zo'n 70.000 broedparen in Nederland over, dat is nog amper 10% van de 750.000 broedparen die we in 1970 nog hadden! Ik hoop dat deze vogel niet hetzelfde lot is beschoren als zijn familielid, de kuifleeuwerik die inmiddels in Nederland volledig verdwenen is. De allerlaatste kuifleeuwerik van Nederland zat tot afgelopen jaar in een nieuwbouwwijk van Den Bosch. Ik heb hem in maart 2015 nog gezien maar hij is nu helaas volledig weg uit Nederland. En dan te bedenken dat je zo'n veertig, vijfenveertig jaar geleden hele groepen kuifleeuweriken op straat zag zitten, druk bezig om de paardenmoppen, die de boerenknollen lieten vallen, uit elkaar te halen om zo de onverteerde zaden op te kunnen eten.

Laat het waarnemen van een veldleeuwerik in de Gecombineerde Willemspolder deze week een positieve ontwikkeling zijn en een aanzet zijn tot herstel. Dat is een mooie wens voor deze week.

Klik op de bijgevoegde link om te genieten van het geluid van de veldleeuwerik(geleend van vliegbasis Twente); https://youtu.be/fHdIU3Ikq0A

Wil je meer weten van deze fantastische zanger, die tot grote hoogte kan stijgen, klik dan op de link:
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/231

dinsdag 17 mei 2016

Velduilen in onze polder?


velduil(asio flammeus) op woensdagavond 11 mei
Het was al een heerlijke zwoele zomeravond in mei die al niet stuk kon, maar het werd een onvergetelijke avond omdat we in de Gecombineerde Willemspolder werden getrakteerd op een tweetal jagende velduilen. Een vloog op een halve meter tot een meter boven de glad geschoren grasakkers, op zoek naar een verloren gelopen muisje. die zijn dagelijkse routje nu zonder de bescherming van het malse voorjaarsgras moest lopen. De andere velduil zat op de grond en hield alles in de gaten. Zou dit een broedpaar in een geschikte broedbiotoop zijn, zoals ze dat bij waarneming.nl en SOVON zeggen?

een konijn met vleugels?
De eerste velduil danste door de akkers, af en toe een scherpe wending makend en af en toe een uitval naar een mogelijke prooi. De uil zocht systematisch alle akkers af en had geen erg in ons. Wij stonden te genieten van zijn aanwezigheid en op een gegeven moment zagen we hem in onze richting vliegen, geen angst voor die twee mensen die op zijn route stonden nee, hij vloog op amper tien meter voor ons langs de weg over en we konden met deze hypnotiseur zelfs oogcontact maken. Aan de andere kant van de weg nam hij de volgende twee akkers onder handen. Langzaam verdween hij uit ons gezichtsveld en was alleen nog te volgen met de verrekijker. De tweede uil zat nog steeds op de grond en draaide zijn kop van links naar rechts en van voren naar achteren, wat lijkt mij dat handig om zo rond te kunnen lijken, dan mis je toch niets meer? En wat moet je dan nog met een achteruitkijkspiegel in je auto om maar eens wat te noemen?

Uilen zijn prachtige vogels en wat is het toch een bonus om deze twee zo tegen te komen. Normaal ga je hiervoor in de winter naar de Zeeuwse akkers of zoals in de afgelopen maanden februari en maart naar de polders Muggenwaard en Kievitswaard in de Biesbosch bij Werkendam waar toen meerdere velduilen verbleven.

Het is een broedvogel op de Wadden, in Flevoland en Noord Nederland. Ze broeden in de duinen, maar dat hij mogelijk hier broedt zou wel heel bijzonder zijn. In 2014 in het velduilen topjaar hadden we in Nederland zo'n 70 tot 80 broedparen terwijl dat er in de jaren ervoor steeds een stuk of dertig waren. Dat geeft wel aan dat dit een bijzondere waarneming is.

Voor de zekerheid hebben we van deze waarneming melding gemaakt bij de Uilenwerkgroep Nederland. Het is namelijk een Natura 2000 broedvogel die ernstig bedreigd wordt. De verruiging van het duinlandschap, het intensieve gebruik van graslanden en graslandverbeteringen zorgen ervoor dat de velduilen niet aan voldoende voedsel kunnen komen. Daar is wat aan te doen, maar ja, hoe zet je zoiets in gang, daar loop ik nu alweer een paar dagen over na te denken.

En terwijl wij afgelopen week elke avond stonden te genieten van dit koppel velduilen, werden we steeds getrakteerd op de roep van een steenuil die bij de boer wat verderop in de bomen zit. Daarbij de wetenschap dat weer wat verderop een kerkuil nestelt, besef je wat een vogelrijkdom we hier in deze polder toch hebben.

Wil je meer weten van deze wijze hypnotiserende vogel, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/232

vrijdag 13 mei 2016

Een klucht in de polder

Gelukkig, een klucht in de polder. Het gaat hier niet om het toneelstuk "de klucht van een koe" van Bredero dat in het voorjaar bij ons in de polder opgevoerd gaat worden. Nee, het gaat nu over een groep patrijzen, meestal volwassen vogels die samen optrekken in het cultuurlandschap.

Dit is een "slag" patrijzen en geen "klucht"
Een slag patrijzen is een ouder met een aantal jongen.
Een "klucht" bedreigde patrijzen zien, is tegenwoordig een zeldzaamheid, zeker in de Oranjepolder. Want zoals we de Oranjepolder kennen, strakke akkers en weides, geschoonde sloten en gemaaide bermen, geen kruidige akker-randen of kleine bosjes, is dat dus geen "patrijsvriendelijke" omgeving. Toch weet deze vogel zich aardig stand te houden en zitten er 4 tot 5 koppels, tenminste dat denk ik. Het afgelopen voorjaar hoorde ik namelijk op een mooie lente avond, vijf roepende mannen maar of dat ook vijf broedende koppels geworden zijn, weet ik  niet. Dat ga ik dit voorjaar uitzoeken.

Wel heb ik in de zomer nog een gezinnetje oftewel een "slag" van acht zien lopen. Een nest met soms wel vijftien tot zeventien eieren en uitschieters naar wel twintig stuks is de patrijs de vogel met het grootst aantal in het wild gelegde eieren per nest of broedsel,  Een slecht broedjaar zorgt ervoor dat de volwassen vogels in de zomer elkaars gezelschap opzoeken en een klucht vormen. Dus zie je in de zomer zo'n klucht patrijzen dan weet je dat het niet zo goed is gegaan met de legsels.

Verspreiding 1998-2000
sindsdien sterke afname
Het woord klucht wordt eigenlijk nooit meer in dit verband gebruikt. Ik vind dit een heel mooi ouderwets woord wat ook echt naar vroeger klinkt en wie weet, wordt het woord als het door alle beschermende maatregelen weer beter gaat met de patrijs, weer gangbaar. Maar liever nog wordt het woord een "slag" patrijzen gangbaar, want dan zijn het succesvolle legsels geweest.

Samen met kwartels vormen patrijzen de onderfamilie veldhoenders van de Phasianidae. De Latijnse naam Perdix werd reeds door de Romeinen gebruikt. Het is waarschijnlijk een onomatopee: een klanknabootsende naam. Deze is afgeleid van de alarmroep van de patrijs, het schel klinkende “per, per, per”. Over Onomatopeeën oftewel klanknabootsingen kom ik zeker nog terug en dan natuurlijk over klanknabootsingen in de vogelwereld(denk alvast aan koekoek en tjiftjaf).

Wil je meer weten over deze "klucht" deelnemer, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/164

dinsdag 10 mei 2016

Kieviten; 2016 het jaar van.....

kievit in de Oranjepolder
2016 is door SOVON en de Vogelbescherming uitgeroepen tot het jaar van de kievit. En dat mag ook wel, want er is geen vogel die het zo moeilijk heeft als de kievit. De aantallen nemen al jaar na jaar af, en niet zo'n beetje ook. Van ruim 300.000 broedparen zo rond het jaar 2000 is tegenwoordig het aantal broedparen nog maar 200.000 groot. Een afname met 30% is niet niks. Overigens hebben alle weidevogels het moeilijk, denk maar eens aan de sterke afname van de grutto en de scholekster.

Bij ons in de Oranjepolder zitten ook een aantal koppels kieviten en die hebben het ook erg moeilijk, kiezen ze ervoor om te broeden in het grasland, dan lopen ze het risico dat de maaimachine het nest vernietigd, kiezen ze voor een maïsstoppelveld dan lopen ze het risico dat er geploegd en gezaaid wordt waardoor de nesten vernietigd worden of de overlevingskansen van de reeds uitgekomen jongen minimaal zijn. En hebben we een wat droger voorjaar waar ook nog eens veel water de polder uit gemalen wordt, verdrogen de velden. Heel veel dreigingen waar de kievit zelf weinig invloed op heeft. De enige dreiging waar de kievit zelf het onheil van af kan wenden is de dreiging van vossen, wezels of andere rovertjes. Door mank te lopen en een vleugel te laten hangen lokt zij zo de rovers bij het nest of de jongen vandaan en als dat lukt vliegt zij op en maakt dan het kenmerkende tjoewiet, tjoewiet, tjoewiet geluid.

Vanuit de lucht is zij ook in staat om dreigingen af te wenden door duikvluchten te maken en ook dan hoor je ze veelvuldig roepen. Vaak lukt het dan al om met name kraaien en buizerd af te laten slaan en een andere richting te kiezen. Pffff.... weer veilig, voor even dan.

broedgebieden kievit
Brabant is samen met Gelderland, Overijsel en natuurlijk Friesland de provincie waar veel kieviten voorkomen. Friesland is wel dé kieviten provincie. In Friesland lag de afname van de populatie op zo'n 19% en in heel Europa neemt de populatie dusdanig in aantal af dat de vogel inmiddels op de rode lijst van de IUSN staat.

Dus daarom is het goed dat er dit jaar extra aandacht voor de kievit is. Afgelopen jaar was die extra aandacht voor de grutto en dat heeft geholpen in de bewustwording en de diverse beschermende maatregelen die er op termijn voor kunnen zorgen dat het weer wat beter gaat met de grutto.

Afgelopen jaar zag ik pas in de zomer de eerste jongen in de akkers lopen. De tweede leg naar ik vermoed. Als er niet heel veel gebeurt op de weides en akkers en de
terecht vogel van het jaar 2016
relatieve rust is wedergekeerd, krijgen de kieviten de kans een tweede legsel groot te brengen. Daar word ik dan weer een beetje blij van.

Vrijwel gelijktijdig in deze periode zie ik ook jonge scholekstertjes in de velden rondlopen. Ik denk dat daar een vergelijkbaar verhaal voor geldt. Trouwens als daar iets bedreigends in de buurt komt hoor je dat van een kilometer afstand, wat kunnen die vogels krijsen. Dan laat je het wel uit je hoofd om te dichtbij te komen. Ik vraag me tegelijkertijd ook af wat er in de Oranjepolder zou gebeuren als de boeren voortaan rekening zouden houden met de weidevogels. Dat zouden wel eens een flink aantal kieviten en scholekster extra opleveren. Wie weet, gebeurt het nog eens.

Wil je meer weten over deze deftige weidevogel, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/101

vrijdag 6 mei 2016

Grasmus


grasmus in de Oranjepolder afgelopen zondag
Ze zijn er alweer een paar weken, grasmussen. In de Oranjepolder zat in het voorjaar en zomer van 2015 een grasmus op het hoekje van de schaatsvereniging IJsco en wat verderop zat er nog eentje. En nu heb ik op meer dan acht plekken langs Het Kromgat de grasmus met zijn kenmerkend krasgeluidje gehoord en gezien. Grasmussen zijn anonieme vogeltjes, ze zien er niet zo spectaculair uit zoals een puttertje of bijvoorbeeld een groenling in vol ornaat in het broedseizoen. Het zijn een beetje grijze, bruine vogeltjes die als ze zich niet laten horen, onopvallend zijn en opgaan in de achtergrond en vaak ook onderin het struikgewas verscholen zitten. Als ze zingen, zetten ze een witte keel op, de veertjes staan dan wijd uit en pas dan valt de vogel op. Als hij dan zingt, zit hij meestal bovenin de struik, op zijn "zangpost".

Ze zijn niet nauw verwant aan de mussen, die veel drukker zijn en vrijwel altijd wel in groepjes samenzijn. Zowel huismussen en ringmussen vertonen dit gedrag. Gezellig kwetterend en vooral druk doen en ruziën, nee de grasmus is alleen en zoekt zijn familie niet op.

Grasmusje in de struiken
Het goede nieuws is wel dat de grasmus een soort is die in tegenstelling tot heel erg veel andere soorten, het jaarlijks steeds beter doet. Het is zelfs zo dat de grasmus met een gestage opmars bezig is en nu in aantal ten opzichte van 1990 zelfs verdubbeld is. Dat het steeds wat beter gaat met deze vogel komt mogelijk ook doordat in de Sahel de overwinteringsmogelijkheden beter zijn. Dat neemt niet weg dat dan de leefomstandigheden bij ons ook in orde moeten zijn want anders haalt dat ook weer niets uit. In totaal wordt de populatie grasmussen nu op zo'n 150.000 broedparen geschat. Je ziet ze in Nederland in het Westen en Noordwesten een stuk minder dan hier en in het Oosten van ons land, daar zitten voornamelijk de grote concentraties grasmussen.

De Oranjepolder is wel dé biotoop voor een grasmus, met name de struwelen langs Het Kromgat en kruidige zomen langs het dijkje, akkerranden en weiden hebben zijn voorkeur. Ze arriveren dus in april en blijven zo tot half september hier, na het broedseizoen hoor je ze nog amper en vrij anoniem gaan ze dan weer op weg naar Afrika, de Sahara over op weg naar de Sahel.

Wil je meer weten van de "grijze muis" met veren, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/57

Hieronder de kaart van Afrika met de Sahara en net daaronder de oranje streek, oftewel de Sahel.

dinsdag 3 mei 2016

Op heterdaad betrapt.

koekoek in een zwart-wit gestreept boevenpak
Meestal breng je, "op heterdaad betrapt", in verband met een overtreding als een diefstal of inbraak of zoiets dergelijks. Maar je brengt deze uitspraak meestal niet in verband met iets of iemand die iets komt brengen. Nou dat laatste heb ik vanmorgen dus kunnen zien gebeuren. Althans het gebeurde bijna in de Gecombineerde Willemspolder. Op een geringe afstand hoorde ik twee koekoeken roepen, op zich al een traktatie want het geluid van een koekoek maakt mij blij. Een koekoek, net als de veldleeuwerik, roept met zijn geluid het ultieme zomergevoel op, de winter en koude lente laten we achter ons en we gaan het goede weer tegemoet. Al zou je dat niet direct denken als je vandaag buiten liep.

Terug naar de bijzondere waarneming van vanmorgen. Een koekoek vloog op uit de rietkraag langs De Donge en werd gevolgd door twee rietzangertjes. Ze bleven naast, boven, onder en achter haar vliegen en verloren de koekoek geen moment uit het oog. De koekoek koos een flink doorgeschoten knotwilg uit en lande beheerst in de top. Op minder dan een halve meter namen de rietzangers plaats en vlogen keer op keer op en cirkelden dan rond de koekoek en probeerden hem weg te jagen. Ze deden hun uitvallen zonder geluid, daar waar een merel met veel lawaai en alarmkreten slakend de ekster uit de buurt van het nest probeert te krijgen.

nest van een rietzanger
Deze waarneming was nieuw voor mij, ik kende het verhaal al heel lang dat de koekoek stiekem haar ei in een nest van een kleine karekiet, rietzanger of heggenmus legt. De koekoek doet dat stiekem als het nest van een waardvogel een moment verlaten is. De koekoek legt dan snel haar ei tussen die van de waardvogel. In dit geval van vanmorgen, is de koekoek dus door de rietzangers op heterdaad betrapt. Dat dit gebeurt, is eigenlijk ook heel logisch, een koekoek is ook wel eens onvoorzichtig en kiest het verkeerde moment uit, maar dat je er getuige van bent, is wel heel bijzonder. "Betrapt", en nu wegwezen, dachten de rietzangertjes en durf nog maar eens terug te komen. Deze rietzangers kennen dus de praktijken van een koekoek, ze wisten wat ze kwam doen of aan het doen was en ze weten ook wat voor bedreiging het is als een koekoeksei in hun nest wordt gelegd. Waarom zou je anders zoveel moeite doen om de koekoek te verjagen en te achtervolgen?

Toch verzorgen ze het koekoeksjong als het uit het ei is gekomen als was het hun eigen jong. Op de een of andere manier is die broedzorg voor het ei en later uitgekomen jong sterker dan de herkenning van een vreemd koekoeksjong in hun rietzangersnestje. Het koekoeksjong wordt uit alle macht verzorgd, insecten worden in grote aantallen aangeleverd en verdwijnen in de veel grotere jonge vogel, een soort bodemloze put voor de ouders.

Wil je meer weten van deze stiekemerd, klik dan op de link;http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/117



vrijdag 29 april 2016

Gekraagde roodstaart


houten toiletje met betonnen nestkast
Een nieuwe soort voor de Oranjepolder is de gekraagde roodstaart. Niet dat deze mooie vogel daar nooit is voorgekomen, nee dat niet, want daar is de kennis van de diverse soorten niet "oud" genoeg. Het is namelijk zo dat we pas een jaar of vijf intensief de polder afstruinen naar nieuwe soorten. Dus het kan zijn dat hij daar al jaren voorkomt maar nu pas opgemerkt wordt.

Dit koppel gekraagde roodstaarten broedt op een bijzondere plek, in de eerste plaats is dat een zeer veilige plek, het is namelijk de IVN natuurtuin en in de tweede plaats is het een zeer veilige plek omdat dit koppel een duurzaam betonnen nestkastje van Vivara heeft gekozen. Een foei lelijke nestkast maar wel aardbeving- en atoombomveilig. Als IS een bomauto bij het houten toiletje zou laten ontploffen dan ligt er in de vier meter diepe bomkrater een puntgaaf nestkastje met daarin eitjes die nog geen krasje hebben opgelopen. Nee, deze vogels weten wel wat een kwalitatief goede nestkast is. Ik hoop dat uit deze kleine bomkelder een mooi groepje jonge gekraagde roodstaartjes uitvliegt. Maar dat is nog maar de vraag.

Want het is zeer uitzonderlijk dat de gekraagde roodstaart in de Oranjepolder te zien is, het is namelijk een vogel die liever vertoeft in oude gemengde en uitgestrekte bos-
gebieden met een hoog aandeel oude dennen en zandgronden. Hij verkiest dat boven de zware agrarische klei zoals die in de Oranjepolder volop te vinden is. Hij houdt van open plekken in de bossen, van heidevelden en bomen met spechtengaten. En als die ergens niet te vinden zijn, dan is het de Oranjepolder wel.

Gekraagde roodstaarten zijn vooral erg talrijk in de Finse, Duitse en Franse naaldbossen en in Nederland met name in de hogere en droge delen van ons land en minder in het Westen en lager gelegen delen waar vooral klei te vinden is. In Nederland gaat het in totaal om zo'n 30.000 broedparen. Dertig jaar geleden schommelde dat aantal nog rond de 50.000 broedparen. Maar de laatste jaren stabiliseert de soort zich..

Onze gekraagde roodstaarten overwinteren vooral in de Sahel en zijn pas vanaf eind maart, half april weer in Nederland te zien. Dat wij deze vogel hier nu zien past wel in het normale migratie patroon en het zou mij niet verbazen dat dit koppel uiteindelijk toch besluit om verder te trekken. Ik zou dat natuurlijk erg jammer vinden, maar zoals ik al zei, het zou mij niet verbazen.

In het grafiekje van SOVON hiernaast, zie je dat vanaf april tot september en nog een kleine uitloop naar oktober de gekraagde roodstaart hier is waar te nemen. Onze gekraagde roodstaarten vertrekken al in juli en augustus en de vogels die in de maanden daarna waargenomen worden, trekken vanuit Scandinavië door via ons land naar de Sahel. De aantallen blijven alweer enkele jaren stabiel en dat is goed nieuws. Daar waar veel vogelsoorten een dalende trend laten zien is het ook wel eens fijn om een wat positiever berichtje te horen. En wie weet, heeft dit koppel wel extra pioniersbloed in de aderen en verlegt deze soort zijn territoria naar kleinschalig agrarisch gebied met her en der kleine bosjes op kleigrond. Als dat zo is, heeft hij in de Oranjepolder een mooi nieuw broedgebiedje gevonden.

Wil je meer weten van deze gekraagde roodstaart, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/49

dinsdag 26 april 2016

Zwarte Cor, deel III

roekenkolonie bij jachthaven Hermenzeil, Raamsdonk
We zijn alweer een paar weken verder en ik heb inmiddels mijn tweede ronde roeken kolonies tellen achter de rug. En daar werd ik wel een beetje vrolijk van. De mij bekende kolonies waren met enkele nesten, iets uitgebreid. Zo was de grootste kolonie bij Knooppunt Hooipolder, de kruising van de A27 en A59 van 95 nesten in maart naar nu 105 nesten gegroeid. Ook de kolonie bij jachthaven Hermezeil bij Waspik was flink gegroeid. Er was slechts een kolonie kleiner dan de eerste telling in maart en dat was de kolonie aan de A59 bij afslag 36 naar Sprang Capelle. Hier telde ik twee nesten minder, en dat is te overzien. Maar wat wel zorgelijk is, is dat met name deze kolonie alweer vijf jaar op rij een daling laat zien naar nu nog 32 bewoonde nesten. Deze kolonie komt af van maar liefst 74 bewoonde nesten in 2011.

Ik schreef in "Zwarte Cor deel II" dat ik overwoog om de twee kolonies langs de parkeerplaatsen aan de A59 erbij te nemen, nu, dat is inmiddels gebeurd, net als de kolonies in Den Hout en Oosteind. In totaal tel ik nu tien kolonies,in totaal goed voor 450 bewoonde nesten. Als uit al deze nesten, zeg maar, gemiddeld vier a vijf eieren uitkomen(tot 9 eieren is mogelijk) dan hebben we het toch over ruim tweeduizend jonge roeken in de regio Oosterhout. Geen gering aantal zou je zeggen, maar hoe komt het dan toch dat landelijk het aantal broedparen per jaar afneemt met 5%? In onze regio betekent dat dus een jaarlijkse afname van ongeveer 2.022 roeken(oudervogels en aanwas van 2.000 jongen bij elkaar).

Roeken zijn al sinds de vogelwet van 1936 beschermd, er worden geen afschotvergunningen afgegeven, ze hebben geen natuurlijke vijanden in de vorm van roofdieren die de populatie onder druk kunnen zetten. Dan staat niets in de weg voor een ongebreidelde groei van de landelijke populatie zou je denken. Maar niets is minder waar, de efficiënte bewerking van de landbouwgronden door de boeren, zorgt ervoor dat er minder regenwormen, emelten en verschillende andere insecten beschikbaar zijn. Vaak richten de roeken zich dan tot zaaigoed zoals granen, maïs en zelfs aardappelen en erwten.

Daar zijn de boeren in eerste instantie niet blij mee. Maar toch begint het besef te komen dat roeken nuttige dieren zijn die schadelijk ongedierte zoals emelten en ritnaalden kunnen opruimen. De waarde van de roek als bestrijder van insectenplagen wordt langzaam maar zeker duidelijk. Mijn grote wens is dan ook, dat dit besef ervoor gaat zorgen dat de roekenstand niet verder achteruit gaat en zo rond de 51.000 broedparen blijft schommelen of zelfs nog wat kan gaan groeien.

vrijdag 22 april 2016

Omgezaagde nestboom?

Vorige maand, op18 maart schreef ik een stukje over "jagers, wildbeheerders??", en in dat stukje schreef ik ook over een omgezaagde nestboom van een buizerd in het bosje tussen de parkeerplaats van SCO en de trainingsvelden. Ik verbaasde mij dat juist deze boom was omgezaagd en de rest niet. Ook is deze boom niet opgeruimd en lag daar zomaar te liggen. Ik vond het maar vreemd en stuurde de Gemeente Oosterhout via mail een berichtje met de vraag of zij hiervan op de hoogte waren. Nu duurde het meer dan een maand en drie herinnering mailtjes, voordat er een reactie kwam. Maar het moet gezegd worden, mijn opmerking werd wel serieus opgepakt.

Een zeldzaam mooie en professionele zaagsnede
De Gemeente ambtenaar en mensen van de afdeling Handhaving trokken er op uit om naar aanleiding van mijn verontrustende bericht, polshoogte te nemen. Zij constateerden dat het om een mooie professionele zaagsnede ging, duidelijk uitgevoerd door een bedrijf met verstand van zaken en zagen. Nee, er was niets mis gegaan met deze legale boomkap. Het waren duidelijk geen jagers, of zoals jagers dat zelf zeggen, `wildbeheerders`, die de buizerds en vraag me niet waarom, als bedreiging zien en er alles aan doen om het deze prachtige vogels lastig te maken. Nee, het was duidelijk, jagers kunnen alleen schieten en zeker niet zo mooi zagen!

omgezaagde nestboom
Het blijkt dus om een hazelaar te gaan die al wat langer op de nominatie stond om gekapt te worden. Waarom? Dat kon de beste man van de Gemeente mij niet vertellen. En wie kan trouwens een boom nomineren om gekapt te worden, gaat dat op een zelfde manier als bij de Oscars of zo, daar worden ook nominaties uitgedeeld. Een bedrijf wat voor de Gemeente dit soort werkzaamheden uitvoert heeft de boom omgezaagd. Zij gaven ook nog de verklaring dat het hier niet om een nestboom ging want een buizerd nestelt op een hoogte van een meter of tien en deze boom was zo hoog niet. Nu weet ik zeker dat buizerds geen meetlinten hebben en al helemaal geen verstand hebben van het metrieke stelsel en volgens mij gewoon nestelen op een plek die voor hun het meest geschikt is en dat was tot het afgelopen jaar juist deze hazelaar. Ik weet zeker dat het zo was, want ik ken het koppel buizerds dat daar de afgelopen jaren nestelde persoonlijk. Niet dat we bij elkaar op visite gingen of dat ik tijdens mijn wandelingen door het gebied daar een praatje ging maken. Nee, zover gingen onze sociale contacten nu ook weer niet. Maar ik hield ze wel steeds in de gaten omdat ik elke keer weer benieuwd was hoeveel van de uitgebroede jongen het nest zouden verlaten.

Nu weet ik even niet hoe het verder zal gaan met dit trouwe Oranjepolder koppel. Ik speur wekelijks de polder af, maar heb nog geen alternatieve nestplaats kunnen ontdekken, alhoewel de buizerds nog steeds in de buurt op de weidepaaltjes zitten en boven de Oranjepolder omhoog schroeven, de oneindig lijkende blauwe hemel in, om daarna in een heerlijke, lange glijvlucht over het gebied te zweven. We wachten in spanning af.

Een flink stuk verderop, richting de kwestieuze brug werd ik getrakteerd op een laag overvliegende buizerd met een forse tak tussen de poten, op weg naar een nest in aanbouw. Opvallende waarneming en daar had ik nog niet eerder over nagedacht, maar heel veel vogels zie je nu met nestmateriaal in de snavel vliegen, op weg naar hun nieuwe nesten. Dat vogels dat zo doen herkent en weet iedereen ook wel. Maar een buizerd transporteert zijn takken dus in zijn vlijmscherpe klauwen en niet in zijn bek. Moet ik dus nog eens uitzoeken of dat typisch roofvogel gedrag is. Ik weet wel dat de visarend en zeearend in de Biesbosch dat ook doen.

dinsdag 19 april 2016

Watervogeltellingen 2015/2016

Nionplas waar afgelopen winter veel kuifeenden verbleven
De watervogeltelling van 2015/2016 zit er op. De afgelopen zes maanden heb ik steeds rond de vijftiende van elke maand alle watervogels in de Oranjepolder en polder De Blokken vlakbij Raamsdonksveer geteld. De telgegevens gaan maandelijks naar SOVON. Er zitten mooie patronen in van binnenkomende of overwinterende watervogels die naarmate het voorjaar nadert weer afnemen en naar de broedgebieden vertrekken. Dat kan trouwens ook gewoon in Nederland zijn, sommige vogels broeden op de Wadden of langs de randmeren.


watervogeltelling 2016
kuifeenden
Een mooi patroon laat de kuifeend zien, die in het najaar naar de   Millenniumplas trekt en piekt in januari met ruim vijfenzeventig stuks.     Tijdens de laatste telling in april kwam ik niet verder dan 1 koppeltje dat in Het Kromgat rondzwom. Op zowel de Millenniumplas als de Nionplas was in geen velden of wegen geen kuifeend te bekennen. Er zaten wel vier krakeenden en dat was weer meer dan de voorgaande maanden toen ik niet verder dan twee stuks kwam.

Waar ik heel erg blij van werd was het aantal ijsvogels dat naarmate het voorjaar vorderde steeds groter werd. Je moet dan niet denken in tientallen maar tijdens de april telling telde ik maar liefst vier ijsvogels in het gebied. Een ijsvogel vloog bij de oude vuilstort De Hillen op en neer, tenminste ik vermoedde dat het steeds dezelfde ijsvogel was. Een tweede ijsvogel spotte ik bij de Kwestieuze brug en de andere twee broeden in een aarden wal aan Het Kromgat bij de voetbalvelden van SCO.

In totaal kwam ik deze ochtend op twintig soorten watervogels met een totaal van 224 vogels. Een prima resultaat als je bedenkt dat al een behoorlijk aantal vogels aan het broeden is en uit het zicht op de eitjes zit. Behalve de meerkoeten dan, die zie je werkelijk overal in de rietkragen op hun drijvende nesten zitten. In de wijk, in Het Kromgat maar vooral in de rietkragen van de Nionplas

Watervogeltelling
2016 wilde eend
Watervogels die in dit gebied redelijk stabiel in aantal blijven, zijn de wilde eenden. De novembertelling is niet representatief maar alle maanden daarna wel en dan zie je dat de aantallen zo rond vijfenveertig stuks schommelen. Alleen in februari was er een piek waar te nemen en die eenden zaten met name op de Millenniumplas.

Verder zijn de futen nog te noemen waar wat opmerkelijks over te vermelden valt. Je zou het niet zo een, twee, drie bedenken maar ook dat is een "seizoens" vogel, naarmate de winter nadert zie je de aantallen toenemen en na februari nemen de aantallen weer snel af. De piek lag met zestien stuks ook bij deze vogel in februari, net als met de meeste watervogels. De bedoeling is dat ik na het broedseizoen weer een nieuwe ronde ga starten en dan krijg ik ook inzichten in het verloop van een jaar en kan ik de wintermaanden goed vergelijken. ben benieuwd wat dat weer voor inzichten gaat opleveren?

donderdag 14 april 2016

Een vers eitje in de ochtend.

Niets zo lekker als een vers eitje in de ochtend. Zo dacht de kraai, die ik in de top van een boom zag zitten, er ook over. Alleen had hij de pech dat de twee eksters, die de eigenaren van het nest bleken te zijn, daar heel anders over dachten. Ze waren voor de duvel niet bang, laat staan dat ze bang waren van een eenzame en hongerige kraai die het op hun eieren voorzien had. Niet alleen schreeuwen en speldenprikken met hun groffe snavels uitdelen, nee ze vielen hem echt aan en probeerden hem van z'n tak te stoten. De kraai leek niet onder de indruk en hield vol, ik liep onder de boom door en volgde het brute geweld. Ik was al zeker honderd meter verder en hoorde het gekibbel nog steeds. tsjonge jonge wat een drukte.

Maar niet veel later zag ik weer zo'n tafereeltje, dit keer waren de merels die naar het leek in blinde paniek waren. Een snelle, schelle, harde angstroep bleef zich maar herhalen en trok mijn aandacht, het waren dit keer de eksters op hun beurt die de merels de stuipen op het lijf joegen. Nu acteerden zij in de rol van rovers en waren ze uit op een vers eitje in de morgen. Ik denk dat veel eieren en jongen in deze tijd gegeten worden, zonder dat het extra voedsel aan de eigen jongen wordt gevoerd. Het eiwitrijke voedsel dient om voldoende aan te sterken om de energie vretende broedtijd goed door te komen.


moeder met haar pas uitgebroede jongen
De eenden die rondzwemmen in de grote vijver bij ons in de straat, hadden afgelopen 31 maart nog een gezinnetje met maar liefst dertien jongen en vandaag was dat aantal al teruggebracht naar tien. En ik ben bang dat dat aantal de komende dagen nog wel wat lager wordt. Op de kant van de vijver zat opnieuw een sluwe kraai zijn kans af te wachten, want verse eitjes alleen zijn niet genoeg, een stukje vers gevogelte is ook niet verkeerd zal hij denken. Niet alleen bij de wilde dieren in Afrika geldt, "eten of gegeten worden", nee, in de broedtijd is dat bij ons ook dagelijks werk. Een werkelijk harde wereld.
Het is daarom ook van een groot belang dat veel eieren gelegd worden en dat er meerdere legsels per seizoen uitgebroed worden. Al met al is dit een enorm drukke, gevaarlijke en vermoeiende periode voor vogels. Denk je maar eens in, korte nachten, lange dagen, nog voor het licht wordt, zo veel mogelijk en zo hard mogelijk liedjes zingen, een partner zoeken, nest bouwen, eieren uitbroeden, jongen opvoeden, je gezin verdedigen, voedsel zoeken, rouwen omdat je kinderen vermoord zijn en als alles achter de rug is, naar Afrika vliegen. Ben ik blij dat ik geen vogel ben en gewoon naar de supermarkt kan gaan om een doosje eieren te kopen voor mijn vers eitje in de morgen.

dinsdag 12 april 2016

IJsvogels in de Oranjepolder


Ideale wand voor een ijsvogelnest langs Het Kromgat in de Oranjepolder
Hoe kan de natuur toch zo'n mooie voorziening treffen voor de ijsvogel? De felle maart storm in 2015 heeft ervoor gezorgd dat niet alleen vijf van de zeventien roekennesten van de roekenkolonie aan de Otterweg in de Oranjepolder vernield werden, maar ook een rijtje wilgen dat met de voetjes in het water stond, is over een lengte van ruin tien meter gelijktijdig omgewaaid. Doordat dit rijtje tijdens de storm zo mooi gelijktijdig omviel, hebben de wortels ervoor gezorgd dat alle aarde die aan de wortels vastzat, meegetrokken werd. Daardoor ontstond een heel mooi verticaal wandje waar ijsvogels erg van houden en vorig jaar is daar door een koppel ijsvogels dan ook direct gebruik van gemaakt. En dit jaar ziet het er opnieuw naar uit dat het koppeltje ijsvogels hier weer gaat broeden.

Helemaal rechts van het wandje zitten vier vers gegraven gaten. Ik loop er nu een paar keer per week langs om alle activiteiten nauwlettend in de gaten te houden. Blijven staan kijken durf ik niet, ik ben veel te bang dat ik deze schuwe vogels verstoor en onnodig ongerust maak.

Naast dit nest en vermoedelijke koppel ijsvogels zit er nog een koppel in de Oranjepolder. Hiervoor moet je wel een stukje de andere kant van de polder in, meer richting de oude vuilstort, De Hillen. Daar broedt ook alweer een paar jaar een koppel ijsvogels. Daar zag ik afgelopen maart al een koppel ijsvogels baltsen, een eerste keer dat ik dat heb gezien.

Het gaat goed met de ijsvogel, na vele, en vele jaren van  moeizaam herstel groeit de populatie de laatste jaren sterk. In 2013 werd door SOVON geschat dat we zo tussen de 340 en 400 broedparen zaten. Dat hebben we natuurlijk ook deels te danken aan de zachte winters. Want als er iets is waar een ijsvogel een hekel aan heeft, dan is het wel een strenge winter. Er ligt dan vrijwel overal ijs en dat voorkomt dat de vogel bij zijn favoriete voedsel, kleine visjes kan komen. En zo'n teer vogeltje kan niet lang zonder voedsel en sterft dan helaas. In het top- jaar 2008 werd geschat dat we zo tegen de duizend broedparen zaten en ik hoop dat we ook dit jaar na een zachte winter weer een mooie opstap richting de duizend broedparen maken. De Biesbosch is een echt ijsvogel bolwerk met tussen de vijfentwintig en honderd broedparen.

Wil je meer weten van deze prachtige vogel, klik dan op de link;
http://www.vogelbescherming.nl/vogels_kijken/vogelgids/zoekresultaat/detailpagina/q/vogel/94