vrijdag 31 januari 2020

Nog enkele dwergganzen.

Op de een of andere manier staat de zeer kwetsbare populatie dwergganzen niet zo op mijn netvlies. Ik ging er eigenlijk altijd vanuit dat de vogels in de winter zuidwaarts trekken en er dus ook een aantal bij ons in Nederland overwinteren. Net zoals dat met heel veel noordelijke soorten het geval is.

Hoeveel dwergganzen er zijn en waar ze precies naartoe trekken en verblijven wist ik niet. Nu blijkt dat de soort zeer kwetsbaar is en de aantallen inmiddels zo laag zijn dat de soort ernstig bedreigd wordt. De vogels die nu bij ons de winter doorbrengen komen uit ScandinaviĆ« en zijn daar jaren geleden opnieuw uitgezet nadat ze in Zweden en Finland uitgestorven waren.

De vogels zijn extreem gevoelig voor verstoringen tijdens het broedseizoen en door de toenemende druk van visserij en toerisme verdwijnt de soort langzamerhand.

Oude Land van Strijen
Maar genoeg negativiteit, voorlopig kan ik relatief dichtbij huis genieten van deze bijzondere gansjes. En dat doe ik, met de wetenschap van nu, veel te weinig. Nu ga ik een of twee keer per winter naar het Oude Land van Strijen in de Hoekse Waard want daar zitten er een paar, veel te weinig dus.

Gisteren vond ik, na enkele uren door de telescoop turen, een klein clubje van zeven dwergganzen. Het landschap daar is niet echt telescoopvriendelijk. Het slagenlandschap, oftewel de golvende natte natuurlijke weides, bieden de vogels veel beschutting en zorgen voor een optimale beschutting.

Ze hoeven maar weinig moeite te doen om uit het zicht van de kijker te blijven. Maar als je ze dan eenmaal vindt, dan weet je ook direct dat je met een compleet andere gans te maken hebt. Waar je eerst nog denkt dat je de soort kunt verwarren met een kolgans, zie je direct dat het een echt andere gans is.

Klein, bol kopje, gele oogring, witte bles die doorloopt tot op de kop, klein snaveltje en de chocolade kleurige korte nek en borst ziet er bij elkaar toch anders uit als bij een kolgans. Het ziet er allemaal net wat fijner uit, een prachtig beestje waar we heel zuinig op moeten zijn. Maar zeg dat maar eens tegen die Russen die dit gansje op de menukaart hebben staan.

Wil je meer weten van deze nog net levende fossielen, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/dwerggans

dinsdag 28 januari 2020

Op een grauwe dag......

Grauwe ochtend met grauwe gorzen
Op een grauwe, nevelige, grijze en koude dag een grauwe vogel spotten. Dat klink niet echt opbeurend maar dat was het wel degelijk. Op deze grauwe dag kwam ik, welleswaar op enige afstand, oog in oog te staan met een paar grauwe gorzen. Ik denk dat zij dat niet zo hebben ervaren en mij amper in de gaten hebben gehad, toen ik door mijn telescoop stond te turen. Deze gorzen zaten in een grote groep geelgorzen die er overigens een stuk vrolijker uitzien met hun felgeel gekleurde lijfje.

grauwe gors
Het leken wel kanaries en het verschil met de groenlingen die ook in diezelfde boom zaten was groot. En dat terwijl mannetjes groenlingen soms, met het juiste licht, ook op kanaries kunnen lijken. Met een beetje fantasie, dat wel.

De grauwe gorzen vielen op omdat ze wat dikkig leken en uitsluitend bruin en bruingrijze veertjes hadden. Verder wel een typische gors om te zien. De dikke driehoekige snavel, wit oog ringetje, een iets lichter randje om de kin naar de nek, een flauw geel ondersnaveltje en gespikkelde of licht gestreepte borst maakte dat het een grauwe was. Ze vallen in een groep geel gorzen ook direct op door hun forse bouw. Even dacht ik nog aan een vrouwtje rietgors of een graspieper maar die heeft een te dun snaveltje, dus na nadere bestudering van het beestje was ik er snel aan uit, het waren grauwe gorzen.
geelgorsje, een van de ......

De groep vogels hier is werkelijk enorm, er zaten minimaal 250 groenlingen, 100 geelgorzen en naar mijn weten 2 grauwe gorzen in de groep. Opvallende vogels, ondanks hun weinig spectaculaire kleed, die uiteindelijk vrij gemakkelijk te ontdekken waren.

Deze gorzen zijn verre van algemeen bij ons en normaalgesproken moet je er echt voor in de auto stappen en een naar zuid Limburg of zelfs Groningen tuffen om er een paar te kunnen zien. Dit zijn echt zwervers die met de geelgorzen meegelift zijn en nu tijdelijk even bij ons zitten. Wel lekker als je de soort nog niet op je lijst hebt staan. Dat scheelt je toch al gauw een Eurootje of 32 benzinegeld.

Wil je meer weten van deze werkelijk zeldzame gors, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/grauwe-gors

vrijdag 24 januari 2020

Weer eens wat anders.

Een grijze winterdag in de Biesbosch
met ideale plekjes voor witgatjes
Afgelopen week zag ik op verschillende plekken witgatjes. Deze kleine steltloper broedt niet bij ons maar wel dichtbij. In Duitsland wordt wel gebroed en dat is dus niet echt ver weg. Heel wat anders dan veel steltlopers die vele duizenden kilometers moeten vliegen om van hun overwintergebied naar hun broed-gebied te komen.

Een klein aantal witgatjes overwinterd hier en daarom is het toch elke keer weer bijzonder om er een te zien. Afgelopen maandag nog zag ik twee witgatjes in de Oranjepolder. Vlak achter de waterzuivering in een smal slootje vloog er een op en je kon heel mooi de witte stuit zien en de bekende roep horen.
de witte stuit goed zichtbaar en daar dankt de vogel
zij naam aan.
Het zijn volgens mij wel zwervers want ze blijven nooit lang ergens hangen. Ze scharrelen langs de oevertjes op zoek naar insectjes, wormpjes en zelfs kleine visjes. Eenmaal zo'n oevertje afgespeurd, vliegen ze weer door naar de volgende sloot.

Je ziet ze soms op de gekste plekken zoals een paar jaar geleden toen er een opvloog hier in de wijk. Het witgatje liep voorlangs een klein rietkraagje van een van de stadsvijvers en vloog op toen ik er met de hond langsliep.

De meeste mensen zou dat niet eens opvallen. En ik denk dat deze vogels op die manier hele gebieden anoniem uitkammen en zo de winter-periode doorkomen. De beste kans om een witgat te zien, heb je toch wel in de Biesbosch. Met name de Noordwaard bij Werkendam biedt ideale omstandigheden met zijn vele slootjes, plas-dras gebieden en in de winter natte velden. Afgelopen week hebben we ze daar ook nog gezien en gehoord. En in tegenstelling tot vele andere steltlopers zie je ze nooit in grote groepen.

Wil je meer weten van deze redelijk zeldzame steltloper, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/witgat

dinsdag 21 januari 2020

Nu even niet!

Vanmorgen liep ik door het bos, een dikke mistdeken hing over de bomen en zorgde ervoor dat de gebruikelijke geluiden van de omliggende plaatsen en de snelweg gedempt werden.

Heerlijk stil maar ook weer te stil als je graag een vogeltje tijdens de wandeling wilt horen en zien. Deze stilte deed mij gelijk weer denken aan het gesprek wat ik gisteren met een vogelaar had over de wintergasten die er nu niet zijn.

sijs in Dorst
Normaal gesproken vliegen in het bos volop sijzen, barmsijzen, kepen en ook wel appel-vinken rond maar nu dus niet. Heel af en toe zie of hoor je er een paar. Het kan zijn dat deze vogels er gewoonweg niet zijn deze winter. Ik ging er vanuit dat de strengere winters in het noorden en bijkomend de weinige uren dag-licht ervoor zorgden dat de vogels deze kant uitkomen maar er speelt nog een factor een belangrijke rol en dat is het voedselaanbod.

Vaak is voedselschaarste de reden dat vogels deze kant "uitgeduwd" worden. Het ontbreken van grote groepen wintervogels dit jaar kan er dus mee te maken hebben dat er in het noorden voldoende voedsel beschikbaar is en er geen reden is om zuidwaarts te trekken. Dat er voldoende voedsel in het noorden beschikbaar is, kan dus een reden zijn in combinatie met de zachte winter van nu, dat de vogels lekker dicht bij huis blijven.

zeldzame pestvogels in Hank
En dat heeft weer als voordeel dat je niet ver hoeft te vliegen, minder gevaar loopt en in een goede conditie aan het broedseizoen kunt beginnen. Heel veel voordelen voor de vogels en heel veel nadeel voor ons vogelaars. Ik hoop dat door deze mogelijke verklaring en mogelijke ontwikkeling het aantal vogels een boost krijgt en er op termijn weer meer vogels deze kant uitkomen. Dit jaar noemen we dan maar een "beurtjaar", een jaar dat de massale vogeltrek een keertje wordt overgeslagen.

Maar gelukkig waren de spechten deze ochtend wel actief, de klein bonte roffelde al, de grote bonte zat op een stam te hakken op zoek naar iets eetbaars en de zwarte specht speelde zijn verschillende deuntjes af, zitroep, vluchtroep en het "vliegwiel" waren al te horen. Toch nog een heerlijke wandeling


vrijdag 17 januari 2020

Alleen als hij ijs- en ijskoud is.

mannetje en vrouwtje ijseend?
Een vrij zeldzame wintergast kun je de ijseend wel noemen. Het is geen garantie dat deze mooie eend uit het hoge noorden elke winter voor onze kust te zien is. Na een aantal jaren op rij dat de vogel bij de Brouwersdam te zien was, is de vogel ook een paar jaar volledig afwezig geweest. Wat de reden van deze afwezigheid was, is voor mij onduidelijk.

Maar gelukkig is de vogel deze winter weer te zien. Afgelopen maand, half december zag ik hem weer voor het eerst en deze week voor de derde keer. De ontmoeting van afgelopen week was wel heel bijzonder. De ijseend dobberde steeds dichter naar de kant en zat op een gegeven moment zelfs op minder dan 2 meter voor de Dam.

Leuk voor de foto en de vogel vond het best. Net als de geoorde futen die ik op dezelfde dag
jonge ijseend een week eerder
ook al zo dichtbij mocht bewonderen.

De ijseend is een vogel uit het hele hoge noorden, IJsland, noord Noorwegen tot ruim boven de poolcirkel. Een aardig eindje fladderen om naar hier te komen maar dan heb je ook wat. De ijseend zag ik een paar keer met een kleine mossel in de snavel. En wat is er nou lekkerder dan een verse Zeeuwse mossel?

Je kunt ook goed zien dat dit(rechts) een jonge vogel is, de gebruikelijke lange staart ontbreekt nog. Misschien is dit wel een jonge ijseend die dit jaar voor het eerst in Nederland geboren is. De Marker Wadden hadden voor de Nederland de primeur en wie weet groeit de populatie de komende jaren en wordt het een standvogel. Dat zou mooi zijn want normaal gesproken zie je de vogel maar een paar wintermaanden en de rest van het jaar niet.

Wil je meer weten van deze hele bijzondere eend, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/ijseend

maandag 13 januari 2020

Geoord fuutje aan zee.

Bijschrift toevoegen
Geoorde futen zien er in de zomer prachtig uit met hun gouden wangen en bloedrode ogen. In de winter blijft daar maar weinig van over, de rode ogen veranderen vanzelfsprekend niet van kleur. De vogel verliest alle kleur en is dan wat grijzig met wat donkere accenten in de bovendelen. Niets  spectaculairs. Toch blijft het een interessant een aantrekkelijk beestje om te zien.

In de winter zijn ze ook wat makkelijker te zien en zijn dan met name langs de kust te vinden. Bij de Brouwersdam is de kans op een ontmoeting met dit kleine fuutje reĆ«el en bij Oude Tonge een zekerheidje. Het is dan wel goed opletten geblazen want ook de kuif-duikers en roodhalsfuten zijn dan in deze regio aanwezig. De kuifduiker in vergelijkbare aantallen als de geoorde fuut en de roodhalsfuut veel minder en is hier voor de kust weer wat moeilijker terug te vinden.

Het verspreidingsgebied van de geoorde fuut ligt wat meer in centraal Europa, terwijl dat van de kuifduiker een stuk noordelijker daarvan ligt. De zuidgrens van het verspreidingsgebied van de kuifduiker, is zeg maar ongeveer de noordgrens van het verspreidingsgebied van de geoorde fuut.

Het bolle kopje en opgewipte snaveltje zijn de twee uitgesproken kenmerken van de geoorde fuut. Een kuifduiker heeft een plat voorhoofd en heeft daardoor een wat meer driehoekig kopje. Afgelopen week zaten opvallend veel geoorde futen voor de kust bij de Brouwersdam. Enkele tientallen vogels waren eenvoudig te bewonderen en waren ook opvallend mak. Uitstappen om een foto te maken was dan ook geen probleem, het had wat weg van poseren voor de fotograaf.

Wil je meer weten van dit parmantige fuutje, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/geoorde-fuut

vrijdag 10 januari 2020

Goedemorgen meneer de burgemeester.

2e kalenderjaar kleine burgemeester
Een van de meest bijzondere meeuwen die je in ons land in de winter kunt zien, is wel de burgemeester. Zowel de grote als de kleine burgemeester komen alleen in de winter in bijzonder kleine aantallen bij ons voor. En natuurlijk is er altijd een uitzondering te benoemen en dat is, het hele vorige jaar, de aanwezigheid van een grote burgemeester in de 1e binnenhaven van Vlissingen. Normaal gesproken zijn ze aan het eind van de winter gevlogen, retour arctisch gebied.

De afgelopen weken zat een kleine burge-meester op de afvalberg van afval verwerker SUEZ in Dordrecht. Lekker makkelijk om een hapje te vinden, je hoeft er nauwelijks iets voor te doen want elke keer als een volle vuilniswagen zijn lading komt storten, wordt in feite de tafel rijk gedekt. Je moet er alleen snel bijzijn want je zit met een paar honderd collega's aan tafel. En, je moet tegen een sterk luchtje kunnen, want stinken doet het er als de hel.

grote burgemeester in Waalwijk
De kleine burgemeester en ook de grote burgemeester zijn beide prachtige meeuwen met een subtiel getekend verenkleed, geen zwarte handpennen zoals vrijwel alle andere meeuwen hebben en ook geen donkere accenten elders op het verenpakket. Mooi egaal beige/wit met subtiele lichtbruine randjes aan de veren. Het geeft de burgemeester, zoals het hoort, een chique tintje.

De kleine burgemeester hoort thuis in Groen-land en met de juiste wind, waaien er wel eens een paar onze kant op. Ik denk dat je de aantallen op de vingers van een hand kunt tellen. Echte bijzonderheden dus. De grote burgemeester is een echte kustvogel en komt uit het arctisch gebied, Canada, Groenland en Rusland.

Die vogels zie je dan niet snel in het binnenland, behalve vorig jaar dan. Toen zat er even een bij de afvalverwerker in Waalwijk. Want, en dat klinkt een beetje gek, burgemeesters houden van stinkende hopen afval om daar wat eetbaars uit te vissen. De kans om een burgemeester in het binnenland te zien, neemt snel af want de afvalverwerkers ontwikkelen nieuwe methodes zodat afval niet meer open en bloot ligt. Weg gedekte tafel, weg burgemeesters en dat is de toekomst en daar moeten we het mee doen.

Wil je meer weten van deze chique meeuw met aanzien, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kleine-burgemeester

dinsdag 7 januari 2020

De overtreffende trap.

grote trap(kori bustard-Ardeotis Kori) in Afrika
De overtreffende trap van vliegende vogels zien, is wel een vliegende grote trap zien.

Die heb ik in een ver verleden wel eens gezien, maar niet in Nederland. Ik moest daar weer aan terugdenken toen ik vorige week een grote trap bij Oostvoorne zag. Deze zwaarst wegende, vliegende vogel van Europa maar ook van Afrika is bij Oostvoorne alweer een paar dagen te bewonderen.

Hij zit wat ver weg in een weiland maar is makkelijk te herkennen, want ja, wat wil je als je een kilootje of 16 weegt, dat verstop je niet zomaar in een klein verenpakje. De spanwijdte is ook indrukwekkend, met 2.40 mtr. heeft het mannetje een spanwijdte die vergelijkbaar is met die van een zeearend.

Grote trap(Otis Tarda) in Oostvoorne
De grote trappen(ook wel kori bustards genoemd) die wij in Tanzania en Kenia zagen, hebben een andere Latijnse naam, namelijk Ardeotis Kori en bij ons heeft de grote trap de Latijnse naam Otis Tarda. Beide vogels horen tot de familie Otidiformes, oftewel de familie van de trappen, alleen het geslacht verschilt, de Afrikaan behoort tot het geslacht Kori en de Europeaan tot het geslacht Otis. Die Afrikaan weegt zelfs nog een paar kilo's zwaarder. Beide geslachten hebben een voorkeur voor uitge-strekte open en droge landschappen.

Dat deze grote trap hier in Oostvoorne zit, is dus een topprestatie van wereldformaat. De vogel zit steevast in hetzelfde veld en vindt daar voldoende voedsel. Nu half vogelend Nederland de vogel bezocht heeft, blijkt dat de vogel gezenderd is en een pootring(ak LT) heeft. En met deze informatie is al vrij snel duidelijk met wie we hier te maken hebben. Het is namelijk
Ngorongoro krater waar we de Kori bustards zagen
een Duitse vogel die in de buurt van Berlijn is geringd en meedoet aan een fokprogramma. Hij wordt daar in de buurt van Berlijn alweer een paar weken vermist. Met zijn logge lijf is hij dus een kilometer of 800 westwaarts gevlogen om hier te landen en aan te sterken. Ik ben benieuwd wanneer deze vogel besluit terug te vliegen en of hij de weg terug wel weet te vinden?

Voor hetzelfde geld vliegt deze vogel zuid-waarts en ontdekt hij zijn Spaanse familieleden en gaat hij daar verder met zijn fokprogramma. De populatie daar en verder oostwaarts in Europa is aanzienlijke groter dan de Duitse groep, die met veel moeite en zelfs een beetje krampachtig in stand gehouden wordt. Je kunt dat fokprogramma een beetje vergelijken met de Nederlandse pogingen om het korhoen voor Nederland te behouden wat eigenlijk ook een doodlopende weg is.

Wil je meer weten van deze otis, klik dan op de link;
https://nl.wikipedia.org/wiki/Grote_trap

vrijdag 3 januari 2020

Een elftal in een knollenveld.

5 patrijzen en een rotte kool.
Sommige vogels vertrouwen blindelings op hun schutkleur en blijven dan ook tot op het laatste moment zitten en vliegen, pas als het echt niet anders kan, met veel kabaal op. Ik ken dat van fazanten en ook een keer van een nachtzwaluw die zelfs helemaal niet opvloog toen ik op minder dan een meter voor het beestje stond. Zijn verdediging was de ogen sluiten zodat hij helemaal op een stuk boomschors leek. Ik liet hem met rust maar had hem met het grootste gemak op kunnen pakken.

Eergisteren zag ik ook weer een sterk staaltje van "vertrouwen op je schutkleur" in de praktijk. In een oude boerenkoolakker, lagen naast een achtergebleven rottende kool, elf patrijzen. Veren flink bol zodat ze goed geĆÆsoleerd tegen de kou helemaal opgingen in de achtergrond en nog meer op een paar bruin geworden boerenkolen leken.
3 "onzichtbare" patrijzen

Opvallend was dat ze op een paar meter van de weg in het veld lagen. Waarom niet een metertje of vijftig verder gaan liggen, dan weet je zeker dat je niet gestoord wordt.

De vogels lieten zich ook makkelijk benaderen en dat gaf mij mooi de gelegenheid om een paar foto's te maken. Ze vonden het allemaal best en dachten dat ik ze toch niet zag. Mooi wel dus! Het is elke keer weer een feestje om een klucht patrijzen te zien. Deze boerenland-vogel, waar je vroeger bijna over struikelde is nu, heden ten dagen vrijwel uitgestorven. De patrijzenstand is met wel 97% afgenomen. Dus je snapt wel dat als ik zo'n clubje tegenkom, ik daar wel blij van wordt.

ik ben een boerenkool.
Her en der wordt met subsidie uit Brussel een poging ondernomen om de patrijs te redden. De zogenaamde "Partridge Projects" zijn de laatste strohalmen voor de soort.

Hier vlakbij, in Almkerk loopt zo'n Partridge Project alweer een paar jaar en Het Brabants Landschap beheert en controleert het gebied met regelmaat. Met geluidsopnames worden de territoriale mannetjes uitgelokt om terug te roepen, zo wordt de patrijzenstand gemonitord. Of het daar al wat beter met ze gaat, weet ik niet.

Wil je meer weten van deze zo kwetsbare boerenlandbewoner, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/patrijs

dinsdag 31 december 2019

Knobbelzwaan 2UC3.

2UC3 aan de wandel in de Zonzeelse
Gisteren kwam ik in de Zonzeelse polder een knobbelzwaan met een gele halsband tegen. Geen onbekende, alhoewel ik nog niet eerder kennis had gemaakt met dit beest. Een vogelaar had mij al eens op zijn aanwezigheid gewezen maar toen was de hele ringcode 2UC3 nog niet bekend. De vogel zat in een groep van 46 knobbelzwanen. Altijd leuk om een ring of halsband af te lezen want met die code krijg je inzicht in het ringproject en vaak ook de geschiedenis van de specifieke vogel.

Op de site van geese. org is veel informatie te vinden maar dan heb je dus wel de ring- of halsbandcode nodig Deze vogel is voorzien van een gele halsband met een codecombinatie van vier letters/cijfers. En wat blijkt, deze knobbelzwaan doet mee aan een lang- lopend populatieonderzoek van de Zwanenwerkgroep Avifauna Groningen. Het project is in de winter van 1979 gestart en vanaf 1989 is de werkgroep gestart met het ringen met gele halsbanden. 2UC3 is dus een Groninger.

Zonzeel gisterenochtend vroeg
Een van de belangrijkste onderzoeksvragen is de "ongerichte" verspreiding(dispersie) van de vogels. Het tegenovergestelde hiervan is de gerichte verspreiding in het najaar tijdens de vogeltrek die vrijwel altijd zuidwaarts gaat en dan zijn het meestal een heleboel van dezelfde vogels die dat tegelijker-tijd doen. Het terug melden van halsbanden geeft dus inzicht in de verspreiding van de uitgevlogen jonge vogels, hoever verwijderd van hun geboortegrond, in welke richting vestigen de vogels zich, hoe oud worden ze, met wie leven ze samen en hoeveel jongen brengen ze voort. Allemaal interessant en deze detailinformatie zorgt er uiteindelijk voor dat de vogels beter beschermd kunnen worden.

Wat jammer genoeg niet duidelijk is van deze knobbel, is de leeftijd of ringdatum, het geslacht en de locaties waar de vogel allemaal geweest is. De eerste melding van deze knobbel is gedaan op 16 december van deze maand, ook in de Zonzeelse polder. Waar de vogel na zijn geboorte of ringdatum allemaal geweest is, is dus jammer genoeg onduidelijk.

Wil je meer weten van deftige knobbelzwanen, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/knobbelzwaan

zaterdag 28 december 2019

Een heterdaadje.

op heterdaad betrapt!
Meestal als ik bij ons in de wijk hoor kloppen, is het een buurman die ergens een spijker in probeert te slaan. Daar kijk je dan ook niet van op, alhoewel deze keer was het bij ons voor de deur en toen ik deze keer wel opkeek, zag ik niemand met een hamer rondlopen, vreemd!

Niet veel later zag ik in mijn ooghoek een vogel opvliegen, golvende vlucht, groter dan een merel en hij landde verticaal tegen een boom aan de overkant. Ha, een specht, een vrouwtje grote bonte specht hing tegen de boom. Ik vermoed dat het dezelfde specht is, die afgelopen voorjaar een nestkastje compleet vernield heeft.

Het nestkastje dat de overbuurvrouw in haar tuin voor de mezen had opgehangen was vakkundig voorzien van een nieuwe deur-opening met een diameter van bijna 10 centimeter. Onbruikbaar voor de koolmezen en bijna geschikt gemaakt voor een duif.

mannetje grote bonte specht
Wat is de reden dat spechten deze nestkatjes openhakken? Ik had het al eens eerder gezien in de IVN natuurtuin, daar zijn meerdere kastjes onderhanden genomen door spechten en on-bruikbaar gemaakt voor mezen. Eerst dacht ik nog dat het zachte hout en het kastje als klankkast een onweerstaanbare aantrekkingskracht hadden om eens lekker te roffelen maar dat klopte weer niet met de tijd van het jaar. Roffelen doe je in het voorjaar en niet in het najaar. Wat blijkt, een grote bonte specht is niet vies van een jong vogeltje. Hij of zij, lust dus behalve insecten, torren en larven ook kleine vogeltjes. Dat verwacht je niet en nu kijk ik toch weer een beetje anders tegen deze "lieflijk" ogende vogel aan.

Vlak na het betere hakwerk in het kastje van de overbuurvrouw, is ook mijn nestkast letterlijk gekraakt. de "voordeur" ligt eruit en het tocht er inmiddels zo, dat de mezen voortaan doorvliegen. De open gehakte kastjes zijn nog te herstellen door een metalen plaatje tegen de voorkant te timmeren met een gat dat net zo groot is als de oorspronkelijke ingang van het kastje. Zo wordt het krot toch weer bewoonbaar verklaard.

Wil je meer weten van deze onverwacht gevaarlijke buurtbewoner, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/grote-bonte-specht

dinsdag 24 december 2019

Onder andere een kiekendief.

mannetje blauwe kiekendief Willemspolder 2015
Eerder dan verwacht zijn de blauwe kieken-dieven weer neergestreken in de Gecombi-neerde Willemspolder. Sowieso een mooi volwassen mannetje, wit met een lichtblauwe gloed over het verendek en gitzwarte hand-pennen, dat gisteren laag over de velden danste en wat verderop, richting de Kijldijk, zag ik een vrouwtje blauwe kiekendief jagen. Het vrouwtje was ook mooi getekend en had een helder witte bovenstuit. Deze overwinteraars komen uit het hoge noorden en blijven hier de hele winter in de polder rondhangen.

Enkele jaren geleden bleef een vrouwtje blauwe kiekendief tot half mei hier. Ik had toen even het idee dat er iets mis was met deze vogel want die hoort rond die tijd in noord Rusland of het noorden van ScandinaviĆ« te gaan broeden. Rond 16 mei was ze "eindelijk" weg, dus het zal wel goed gekomen zijn.

jagend vrouwtje afgelopen zaterdag
In het brede strook grasland tussen de Rijsdijk-Groenendijk jagen de kieken dagelijks. Maar met name de graslanden tegen de Kijldijk aan, waar in het gras ook andere kruidige plantjes mogen groeien, zitten veel roofvogels.

Afgelopen week waren in dat stukje weiland drie buizerd, twee torenvalken verschillende reigers en het duo kiekendieven actief. Hier moeten echt veel muizen zitten want ze eten er allemaal van.

Dat het grasland aan de Kijldijk van een andere soort is, is ook goed te zien aan de tientallen molshopen in het veld en dan zie je weer eens overduidelijk dat kruidige graslanden beter voor het milieu zijn dan de raaigraslanden die er omheen liggen. In die velden geen molshopen en is nauwelijks bodemleven te vinden en kun je bijna spreken van een groene woestijn. Daar kun je als kiek jagen tot je een ons weegt en val je vanzelf wel een keer uit de lucht, de hongerdood te gemoed.

Niet alleen zijn de kiekendieven terug om hier de wintervakantie door te brengen, ook de kleine zwanen zijn gearriveerd, tenminste de voorhoede van de club, de kwartiermakers zeg maar. 6 kleine zwanen hielden zich op in een grotere groep knobbelzwanen. Die zwaantjes ga ik de komende maanden nog eens beter bekijken, wie weet zit er wel een bekende tussen met een mooie gele of witte halsband?

Wil je meer weten van deze dansende roofvogels, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/blauwe-kiekendief

vrijdag 20 december 2019

Het is een toppertje.

toppertje in Zeeland
Het is niet altijd even makkelijk om in de winterperiode bij ons in de buurt een topper te zien. Nederland is een belangrijk overwinter-gebied voor deze eend en in de wintermaanden verblijven meer dan 100.000 toppers in het noorden van ons land. Vrijwel alle toppers zitten dan op het IJsselmeer of aan de wadden-kust en bijna nooit bij ons in het zuiden.

Heel af en toe hebben wij het geluk dat er een of twee in de Biesbosch of op het Hollands Diep belanden. En dan moet je er wel snel bijzijn want lang blijven doen ze dan niet. Afgelopen week werden een paar toppers gemeld in de Beneden Spieringspolder. In een groep van een duizendtal kuifeenden werden twee vrouwtjes en een mannetje gezien. En deze eend spotten, die sprekend op een kuifeend lijkt, is een lastige klus. De hele groep moet gescand worden om hem er uit te pikken.
toppertje in de Biesbosch
De topper ziet er vrijwel hetzelfde uit als een kuifje, het grote verschil is de licht gekleurde rug. Een kuifeend heeft een zwarte rug. De topper mist de kuif en is ook iets groter dan een kuifeend. Hij heeft hetzelfde formaat als een tafeleend en met slecht licht kun je die twee ook makkelijk verwarren. De contouren en kleur-patroon komt erg overeen. Waar de tafel een bruine kop heeft, is de topper zwart.

In de Biesbosch zitten de kuifjes vrijwel altijd op groot en diep water, net als de tafeleenden en ook de toppers houden van water dat een metertje of 10 diep kan zijn. Ze houden van driehoeks-mosseltjes en die halen ze van een flinke diepte omhoog. Aan de kust, zelfs met een ruwe zee en diep water voelen ze zich in hun element. Op zee duiken ze ook de grotere mosselen op en dat zie je de aan het binnenwater gekluisterde kuifeend nog  niet doen. Het is dus de groffere uitvoering van een kuifeend en zo moesten we afgelopen week de grote groep kuifjes ook scannen. Zoek de joekel met de witte rug.

Wil je meer weten van dit toppertje, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/topper

dinsdag 17 december 2019

Bonter kan ik het niet maken.

de Zeeuwse bonte
Na een paar uurtjes over het water en langs de oevers van de Zwarte polder turen, vond ik het genoeg. De Zwarte polder tussen Nieuwvliet en Cadzand Bad is voor mij een bekend gebied. Alweer tien jaar kom ik in dit gebied en geniet hier elke keer weer van de vele vogels die niet te ver weg zitten zodat je ze goed kunt bekijken. Ook nu weer zaten er vogels die de moeite waard zijn zoals water- snip, slobeend, zilverplevier, kleine zilverreiger etc. etc.

Op weg naar de auto keek ik uit over de uitgestrekte en pas geploegde glimmende kleiakkers. Die zijn klaar voor de winter dacht ik nog en ik bedacht mij dat hier wel eens patrijzen zouden kunnen zitten. In Zeeland is de kans om patrijzen te zien wel wat groter dan bij ons. Amper een kwart van de akker afgespeurd, ontdekte ik tussen een groep zwarte kraaien een bonte kraai. Dat was een echte meevaller want die zie je niet vaak. Mijn eerste en laatste keer was een bonte kraai die op 3 februari 2016 bij Breugel in een weiland zat. Een geluksmomentje dus om er zo spontaan een te vinden.

de bonte van Breugel
Het viel mij op dat de bonte kraai iets kleiner was dan de zwarte kraaien in de groep. Of het door de kleur van deze bonte kwam en mijn blik vertekend werd, weet ik niet want ze "horen" even groot te zijn. Het vervelende van deze groep kraaien was dat ze mij goed in de gaten hadden en ook al bleef ik op een flinke afstand, van wel meer de dan 100 meter, ze vlogen direct op als ik de auto stopte. Ze vermoeden volgens mij dat als auto's stoppen er jagers uitkomen en dat betekent..... wegwezen. Een goede foto maken is uitgesloten maar dat geeft niet, de ontmoeting met deze zeldzame wintergast is meer dan genoeg.

Als ik afgelopen week met mensen over deze bijzondere vogels sprak, werd mij meerdere malen verteld dat bonte kraaien vroeger hier in grote groepen voor-kwamen. En ik herinner mij ook dat in de voorlaatste Vogelatlas van Nederland bonte kraaien ook wijd verspreid voorkwamen en zelfs in de Gecombineerde Willemspolder werden enkele honderden bonte kraaien geteld. En dan hebben we het over de zeventiger jaren, niet eens zo lange geleden dus. Tegenwoordig kom je in de winter in Nederland maximaal 10 bonte kraaien tegen. Wat is er toch gebeurd?

Wil je meer weten van deze bonte kraai, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/bonte-kraai

vrijdag 13 december 2019

Synchroon vissen.

samen opletten, samen vissen, samen
Het is niet voor te stellen, maar de aalscholvers gaan de komende weken al beginnen aan hun broedseizoen. Dat kan al eind december zijn. De kolonie die ik een paar jaar geleden langs de Amer richting het Hollands Diep ontdekte, wordt dan weer in gebruik genomen. Hier in de regio zitten geen echt grote kolonies van vijftig of meer broedparen. Langs de Amer tegenover Het Gat van den Ham, zitten bijvoorbeeld "slechts" elf broedparen en in de hele Bies-bosch zitten nog een paar van die verge-lijkbare groepen aalscholvers.

Bij de Krammer en Volkerak zag ik vorige week nog enorme aantallen jagende aal-scholvers. Gezamenlijk jagen ze door het water en drijven de vis op totdat die geen kant meer op kan.
Het is dan maar opscheppen en doorslikken geblazen. Na het vissen moeten ze dan een paar minuten drogen en dat doen ze altijd binnen 20-25 minuten na de zwempartij. Die drie tot vier minuten drogen is al genoeg om weer voldoende beschermt te zijn tegen de kou. Ze hebben niet het best geĆÆsoleerde zwempak maar wel het best gestroomlijnde. Hierdoor kunnen ze lang onder blijven en ver onder water zwemmen. Dat is wel wat anders als je die omhoog ploppende meer-koeten ziet. Die moeten hard werken om onder te blijven.

In de Hardenhoek heb ik dat synchroon jagen al eens vaker gezien. De vogels werkten perfect samen en het leek op een golfbeweging zoals die groep aalscholvers door het water gleed. Ze kwamen als groep boven water en doken ook samen weer onder. Afgesproken werk vermoed ik. Het leek wel een balletvoorstelling, een mooi muziekje er onder en de tranen springen je van ontroering in de ogen. Als je dan ziet hoeveel vogels vis eten, en dan bedoel ik niet alleen maar aalscholvers, zeearenden, reigers en futen, nee het zijn er nog veel meer, dan moet er toch enorm veel vis in onze wateren rondzwemmen? Als de alen zo bezig zijn, zie je langs de kant de reigers mee rennen, die hopen zo ook een visje mee te pakken.

Wil je meer weten van deze teamplayer, klik dan op de link; 
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/aalscholver