![]() |
| goed verscholen bosuil |
![]() |
| koppeltje steenuilen |
interessante weetjes over vogels in de Oranjepolder in Oosterhout en veel verder .
![]() |
| goed verscholen bosuil |
![]() |
| koppeltje steenuilen |
![]() |
| aalscholver in gevecht met een paling |
| ijsduiker met een platvis |
| nonnetje met (doorgelikte)baars |
![]() |
| de kleine bonte aan het werk |
![]() |
| de roffels schematisch weergegeven |
![]() |
| en nog een kleine bonte |
![]() |
| grote sternen in winterkleed op 4 februari 2021 |
Des te bijzonder is het om nu in de winter grote sternen aan onze kust te zien. De afgelopen maanden zag ik elke keer als ik aan de kust was, wel een paar grote sternen. Die overwinteren dus toch in Nederland en ik weet eigenlijk niet of dat voor het eerst is.
![]() |
| grote sternen in zomerkleed |
Op de een of andere manier is de noodzaak om in het najaar naar het zuiden te gaan er niet meer. Zoals zoveel veranderingen in de dierenwereld, is dit er volgens mij ook weer een. Ganzen trekken niet meer weg of gaan niet meer terug naar de oorspronkelijke broedgebieden, Afgelopen jaar heeft zelfs een ijseend in Nederland gebroed, zuid Europese zangvogels vestigen zich hier waardoor de noordelijke verspreidingsgrens opschuift en nu blijven dus ook sternen hier in hun oorspronkelijke broedgebied hangen. De grote sternen van begin deze maand waren zowel volwassen als jonge grote sternen.
Het gaat niet van de een op andere dag maar zo langzamerhand verandert er toch een hoop. Die sternen voor de kust zijn weer een volgende stap in de veranderingen die we in de natuur onder invloed van de opwarming van de aarde meemaken. Het worden zo standvogels of residenten.Het is misschien niet allemaal goed wat er gebeurt maar het zorgt er wel voor dat je elke keer weer mooie nieuwe waarnemingen op onverwachte momenten meemaakt. Ik blijf het maar van de positieve kant bekijken.
Wil je meer weten van deze nieuwste wintergast, klik dan op de link; Grote stern | Vogelbescherming
![]() |
| een volwassen parelduiker in winterkleed |
| een aardig treintje parelduikers |
![]() |
| Stuttnefja - Kortbekzeekoet |
![]() |
| IJslandse postzegel |
![]() |
| mijn "beste" foto van de korbekzeekoet |
![]() |
| het conische ei |
| (roek in de Oranjepolder toen we nog winters hadden, ben benieuwd naar volgende week) |
De eerste schermutselingen van het aanstaande broedseizoen vinden al plaats en dat kun je het beste zien in de buurt van de broedkolonies. Kolonievogels zijn meestal in grote groepen aanwezig en laten zich het gemakkelijkst zien. Meestal blijven ze jarenlang trouw aan die locaties en zie je hooguit verschillen in de aantallen nesten. Het ene jaar wat meer dan het andere jaar.
![]() |
| we zijn duidelijk over het hoogtepunt heen |
En zo gaat het al jaren, de aantallen nemen gestaag af en dat is landelijk ook zo. Van de dertien roekenkolonies die ik in onze regio inventariseer, is het aantal nesten van ruim 630 stuks in zo'n zes jaar tijd teruggelopen naar amper 500 nesten.
| schitterende volwassen roek |
Ik moet er dan natuurlijk wel eerlijk bij zetten dat ze ook erg graag zaden eten die boeren gezaaid hebben maar ik denk dat de voordelen wel eens op kunnen wegen tegen de nadelen. Want minder ongedierte in de bodem betekent ook dat de boer minder gif hoeft te spuiten en een betere opbrengst heeft en dat is toch ook wel wat waard?
Wil je meer weten van deze deftige kraaiensoort, klik dan op de link; Roek | Vogelbescherming
![]() |
| zie hiertussen maar eens een witbuik te vinden |
![]() |
| de rechtse is een witbuikrotgans |
De eerste vond ik in 2011 op Terschelling en ik dacht toen dat de witbuik een ondersoort van de gewone rotgans was maar dat is echt niet het geval. Waar de ijslandse grutto een ondersoort van de grutto is, is de witbuikrotgans een op zichtzelf staande vogelsoort. Alhoewel sommigen vinden dat het een ondersoort is. Maar de witbuiken komen niet uit Siberië maar komen uit IJsland en Canada.
![]() |
| onbegonnen werk zo. |
Afgelopen week heb ik toch maar eens tijd gestoken in het goed observeren van rotganzen. Boekje erbij, foto maken en puzzelen. Ik ben nog niet helemaal zeker over mijn waarnemingen maar heb er goede hoop op dat ik toch weer eens een witbuik bij kan schrijven.
Wil je meer weten van di kleine rotgans, klik dan op de link; https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/rotgans
![]() |
| een typische ijsduiker |
Ik had zelfs het geluk om er een vlak bij huis te zien. In het spaarbekken, de Petrusplaats in de Biesbosch, heeft twee weken lang een ijsduiker gezeten. Die heeft daar in het diepe water voldoende voedsel kunnen vinden anders had hij het daar niet zo lang volgehouden. Het was voor mij weer een nieuwe Biesbosch soort en samen met de roodkeelduiker, zwarte zee eend en grote zee eend maakte dat het mooie rijtje zee soorten compleet.
De ijsduiker is vergeleken met de andere duikers een enorm beest en hij heeft een indrukwekkende snavel. Vissen maken geen enkel kans als ze tussen deze betonschaar komen te zitten. Alhoewel dat ook niet altijd waar is. De ijsduiker van deze week ving een schar en zie zo'n platvis dan maar eens naar binnen te werken. De duiker hakte steeds op de vis in en probeerde hem dan naar binnen te werken maar die was toch iets te breed,
![]() |
| en nu weer aan de Brouwersdam |
Kijk een ijsduiker in de winter zien is bijzonder maar een ijsduiker ook nog horen roepen maakt het wel heel speciaal. Ik was daar alleen en geloofde mijn oren niet, maar na een paar keer roepen wist ik het zeker en hij riep daarna nog een keer of zes. Een prachtige ervaring om na al die jaren weer een roepende ijsduiker te horen.
Wil je meer weten van deze redelijk zeldzame wintergast, klik dan op de link; https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/ijsduiker
![]() |
| De Onderplaat tegenover de Amercentrale |
Twee jaar geleden ontdekte ik een nieuwe kolonie aalscholvers die zelfs tussen de blauwe reigers een paar nesten bewoonden. Deze kolonie is goed te zien vanaf het gemaal bij Het Gat van den Ham, in het Zuidergat van de Visschen.
![]() |
| slaapplaats bij de Spieringpolder |
In de hoogspanningsmast bij spaarbekken De Gijster broeden nu nog enkele aalscholvers. Dat is maar op een paar honderd meter van het zeearenden nest en dat is voor aalscholvers een mogelijk reden om te verkassen. De aalscholvers die nu een stuk westwaarts zijn verkast en tussen de blauwe reigers broeden komen mogelijk uit dit gebied.
Haast niet voor te stellen dat zo'n kleine negentig jaar geleden meer dan zeshonderd broedpaar aalscholvers in de Biesbosch hebben gebroed. Daar is om verschillende redenen een eind aan gekomen en dat is jammer. Want als je een grote groep jagende aalscholvers bezig hebt gezien, vergeet je dat nooit meer. Het is een prachtig schouwspel en een voortreffelijke samenwerking van een groep synchroon zwemmende vogels.Dat maakt wel indruk en dat wil je graag behouden. Dus wat mij betreft neemt het aantal aalscholvers eerder toe dan af maar daar heb ik helaas geen invloed op. Gelukkig blijft het landelijke aantal vogels al jaren gelijk. In de Biesbosch is de recreatiedruk, aanwezigheid van zeearend en eierrovende marterachtigen iets teveel van het goede.
Wil je meer weten van deze slanke duikende watervogel, klik dan op de link; https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/aalscholver
![]() |
| ijslandse grutto's |
In de winter verblijven ze in zuid Europa en dat is dus veel minder ver weg dan onze grutto's die in Afrika overwinteren. Daar staat dan wel weer tegenover dat ze veel verder noordwaarts moeten vliegen dan de onze.
![]() |
| een "gewone" grutto in de Noordwaard |
De ijslandse is iets kleiner en iets roder dan de gewone grutto en dan heb je het al, hoe zie je dat als er zomaar een eenling staat of een groepje van een soort staat in een periode dat ze allebei hier verblijven?
![]() |
| een groep rustende ijslanders in de Noordwaard |
De vogel was nog geheel grijs en de rode borst was nog niet te zien(net als de meeste vogels op de foto bovenaan). Ook de lengte van de snavel bood nog geen uitkomst want het beest zat te poetsen of zat met de kop in de veren. Dan heb je dus het geluk dat de tijd van het jaar de soort kan bepalen,
Wil je meer weten van deze mooie ondersoort, klik dan op de link waarin ook de ijslandse grutto wordt besproken; Grutto | Vogelbescherming
![]() |
Ook aalscholvers, meeuwen, reigers en ijsvogels doen mee in deze telling. De telreeks is ononderbroken en laat maar weinig ontwikkeling zien. De soorten nemen niet toe en niet af, de aantallen liggen elke maand op een vergelijkbaar niveau van dezelfde maand door de jaren heen er zit hooguit een kleine schommeling in maar geen dalende of stijgende trend. Als ik dit zo schrijf krijg ik wel een beetje het gevoel dat het bij elkaar genomen een saaie onderneming is geworden. Toch is dat niet zo ook al weet je inmiddels wat je op welke plekken in het gebied kunt verwachten.
![]() |
| grote gele kwikstaart (bijvangst jan 2021) |
Ik zie deze soorten steeds minder en dat komt bijvoorbeeld door de toegenomen recreatiedruk en de intensieve landbouw. Wei paaltjes zijn verdwenen en daarmee de zangpost van de roodborsttapuit, rondrennende honden hebben de patrijzen verjaagd et cetera, et cetera.
De watervogels houden nog goed stand in dit gebied. Ik heb van een aantal soorten de telresultaten van de afgelopen vijf jaar eens naast elkaar gezet om te kijken of er door de jaren heen toch het een en ander is veranderd. Maar nee, dat is niet zo vast te stellen, wat wel opvalt is dat de maand januari 2019 voor alle watervogels een slecht jaar was.![]() |
| 541X op 17 januari 2017 |
![]() |
| een deel van de levensloop van 541X |
![]() |
| gezenderde kleine zwanen in de Willemspolder |
![]() |
| grauwe gors |
Elke winter krijgen we een paar zeldzaamheden op bezoek. Een van die zeldzaamheden is net als bijvoorbeeld de klapekster, de grauwe gors. Echt een bijzonderheid en dat komt misschien ook wel een beetje door zijn “anonieme” verenkleedje. De grauwe gors lijkt namelijk sprekend op een geelgors in winterkleed en een vergissing is dan zo gemaakt.
De snavel geeft bij twijfel dan
de doorslag want die is van een grauwe gors net zo dik als de snavel van een
groenling. Ook de ondersnavel wijkt af van de snavel van de geelgors. De ondersnavel
van de grauwe gors is een beetje gelig of zelfs wat flauw roze gekleurd. De
grauwe gorzen zitten ook graag in die grote gemengde groepen van andere
zaadeters en dat is dan weleens lastig. Tenminste, ik had er in het begin wat
moeite mee om dat verschil goed waar te nemen.
Ze zijn alleen wat rustiger en vallen daarom ook wel wat meer op. Waar alle
andere vogels zoals vinken en groenlingen steeds zenuwachtig heen en weer
vliegen van bomen en struiken naar de kruidenrijke akkerranden, stroken wilde
planten en uitgebloeide bloemen, is de grauwe gors wel de laatste die opvliegt
en zit daarom nogal eens alleen in die bewuste struik. Geduld is dan een schone
zaak en dat geduld wordt dan beloond met een ontmoeting met de deze speciale
wintergast.
![]() |
| het verschil in snavelgrootte is goed te zien (ANWB vogelgids) |
De grauwe gorzen verblijven hier in de winter in zeer kleine aantallen en dan kun je denken aan een kleine honderd voor heel het land. Broeden doen ze hier niet alhoewel SVON vermoed dat er mogelijk nog 1 tot 2 broedpaartjes in Nederland zijn en dat waren er ongeveer veertig jaar geleden nog een kleine twaalfhonderd.
Dat geeft dus wel aan hoe bijzonder het is om een grauwe gors te spotten. Het blijven dus voorlopig nog zeldzaamheden en ik hoop zo dat net als met een aantal andere vogelsoorten de ingrepen in de natuur
ertoe bijdragen dat ook voor de grauwe gors weer een weg terug is aangelegd en we deze zeldzaamheid weer als algemene broedvogel leren kennen. De uitgebloeide zonnebloem hiernaast is zo'n vogelhulp in de winter. Het zou toch best kunnen als je de gestage veranderingen in het landschap waarneemt?Wil je meer weten van deze niet alledaagse gors, klik dan op de link;