maandag 28 september 2026

Vaal stormvogeltje raast voorbij.

vaal stormvogeltje, 9 spetember 2026
(Leach's Storm Petrel, Oceanodroma Leucorhoa)
Als er in deze tijd of om nog specifieker te zijn, in september een stevige westen-noordwestenwind blaast, moet je naar de kust. In deze tijd trekken heel veel zeevogels naar het zuiden en gaan daar overwinteren. Sommige vogels slaan daar weer in door als je weet dat de noordse stern van de Noordpool naar de Zuidpool vliegt om te over-winteren. Daar snap ik trouwens helemaal niets van want waarom de halve wereld overvliegen om van de ene ijskoude plek naar de andere ijskoude plek te vliegen. Sneeuw is sneeuw of ijs is ijs denk ik dan en wat is er bij de zuidpool, waar het volgens mij het hele jaar door winter is, meer te vinden dan bij de net zo winterse noordpool? Maar dit terzijde.
meer dan honderd grote sternen
Die harde westen-noordwestenwind drukt heel veel vogels die van het noorden zuidwaarts de trechter van de Noordzee invliegen, naar onze kust en passeren dan relatief dicht langs de kust. Afgelopen negen september was zo'n dag, de wind blies uit de goede richting en had kracht 6 tot 7. Perfecte omstandigheden dienden zich dus aan. Om 8.15 uur stond ik aan zee en moest een plekje zoeken om iets beschut te staan zodat mijn telescoop enigszins stabiel stond en bruikbaar was om ver op zee te kijken. Vrijwel direct zag ik grote groepen grote sternen passeren en af en toe zat daar een zwarte stern tussen. Die trokken dus samen op opweg naar het zuiden. Maar daar ging het mij dus niet perse om, ik kwam hier voor de kersen op de taart. En ik was niet voor niet vroeg mijn bed uitgekomen want niet veel later vloog de eerste vale stormvogel voorbij. Weliswaar een flink stuk op zee en goed en herkenbaar te zien.
noordse stormvogel, Noordzee 6 oktober 2018
(Northern Fulmar, Fulmarus Glacialis)

Niet veel later vloog de ene na de andere bijzon-dere zeevogel voorbij. De noordse stormvogel vond ik wel heel speciaal. Een echte zeevogel die zijn hele leven op zee doorbrengt en alleen aan land komt tijdens het broedseizoen. Ze over-winteren op zee en mijden zelfs dan nog de warme zeeën, ze houden meer van de koudere omstandigheden als de boel maar niet dichtvriest want dan moeten ze noodgedwongen wegtrek-ken. Ook de noordse pijlstormvogels kwamen voorbij. Vogels die je in het binnenland al hele-maal niet tegenkomt en zelfs aan de kust zijn het samen met de noordse stormvogel en vaal stormvogeltje de hoogtepuntjes waar je het voor doet. Jan van genten, zwarte zee eenden en kleine jagers vulden het lijstje verder. Bij elkaar genomen was het een echte topdag. Een zeedag zoals je die graag wilt meemaken.

Wil je meer weten van dit kleine bijzondere stormvogeltje, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/vaal-stormvogeltje

donderdag 24 september 2026

Kiekendieven maken een pitstop.

jagende steppekiekendief, 21 september 2026
(Pallid Harrier, Circus Macrourus)
Soms zie ik grote groepen vogels die massaal op voedsel afkomen. Zo kunnen een paar honderd kokmeeuwen achter een ploegende tractor aan-lopen en alle bodemdiertjes oppikken of lopen ooievaars, blauwe reigers en grote zilverreigers statig door de vers gemaaide weilanden om daar de achtergebleven slachtoffers van de maai-machine op te ruimen. Het is een vrij algemeen beeld en niet heel bijzonder. Maar gisteren was ik getuige van een vergelijkbare situatie maar dan net anders. In een paar weilanden in Oost-Brabant had de boer last van een enorme muizenplaag. Ik weet niet of de boer ook wist dat er zoveel muizen op zijn velden zaten maar hij had in ieder geval heel veel hulp gekregen om deze plaag te bestrijden. Tientallen roofvogels waren op die overvloed aan muizen afgekomen en deden zich meer dan tegoed aan al dat lekkers. 
een torenvalk met een verse muis
(Common Kestrel, Falco Tinnunculus)
Een kleine veertig torenvalken vlogen druk heen en weer en deden de ene na de andere succesvolle uitval naar het zogenaamde "ongedierte". En ze waren daar niet eens alleen want de halve Nederlandse roofvogel-soortenlijst was aanwezig, Ik heb ze niet allemaal gezien want daar had ik de tijd niet voor maar die dag jaagden daar de zeearend, buizerd, grijze wouw, steppekiekendief, grauwe kiekendief, bruine kiekendief en tig torenvalken. Dit is toch wat je noemt een indrukwekkende lijst roofvogels op zo'n relatief kleine oppervlakte van pak weg een stuk of drie-vier weilanden?
de bijna aan mij ontsnapte grauwe kiekendief
(Montagu's Harrier, Circus Pygargus)
De grauwe kiekendief ontsnapte bijna aan mijn aandacht want ik was nog onderweg en had mijn aandacht bij het verkeer. In een flits zag ik een kiekendief met een witte stuit en dook zodra het kon de berm in. En eerdat ik mijn camera te pakken had was de vogel al een stuk verder gevlogen. Toch lukte het om een snel een foto te schieten die goed genoeg was om als bewijs-plaatje te dienen. Het bleek achteraf een grauwe kiekendief te zijn die een grote beschadiging had opgelopen aan zijn rechter vleugel. Ogenschijnlijk deerde hem die grote hap veren uit zijn vleugel niet. De vogel heb ik die middag niet terug gevonden dus van enig geluk kan ik hier wel spreken.
steppekiekendief, 20 september 2023
Vughtpolder Teteringen
Eenmaal op de hotspot aangekomen sloeg ik zowat achterover van het aantal jagende toren-valken om mij heen. Werkelijk tientallen vlogen, doken het gras in of hingen biddend boven de velden. Regelmatig werd een prooi gevangen en behalve roofvogels deden ook grote zilver- en blauwe reigers zich tegoed aan deze rijk gedekte tafel. Die ochtend werd daar behalve de zeearend en grijze wouw ook de zeldzame zwarte ooievaar gezien. Wat een indrukwekkende lijst roofvogels en aaseters is dat. Ik ben benieuwd hoeveel muizen hier de afgelopen week het leven lieten maar dat aantal moet net zo indrukwekkend zijn.

Wil je meer weten van deze bijzondere en best wel zeldzame roofvogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/steppekiekendief

maandag 21 september 2026

De oehoe rukt steeds verder op.

oehoe, Teteringen16 september 2026
(Eurasian Eagle Owl, Bubo Bubo)
Jaren geleden moest je of naar de Sint Pieters-berg in Maastricht of naar de steengroeve in Winterswijk om een oehoe te zien. Maar dat hoeft nu niet meer want dit nachtdier heeft zich de afgelopen jaren zeer succesvol door Nederland verspreid. Het aantal broedparen in ons land loopt nu al richting de 150 en dat hebben ze best wel stiekem gedaan. Ze vallen normaalgesproken ook niet op en worden pas actief in de schemer en nacht en ongemerkt wordt op die manier het verspreidingsgebied verder uitgebreid. Ik weet dat zelfs hier in de buurt een aantal succesvolle broedparen leeft. In de bossen bij Chaam, het natuurgebied De Pannenhoef en Loonse en Drunense Duinen wordt al gebroed en het is aftellen of ze zitten straks in het Mastbos of Boswachterij Dorst. Ik denk zelfs dat de oehoe misschien wel de succesvolste uil van ons land is. Dat is natuurlijk wel iets anders als de meest voorkomende uil in ons land want dat is bosuil.

het prachtige, perfecte en gave verenkleed
Afgelopen week is een prachtige oehoe middenin Teteringen gezien. Vlakbij een schooltje zit de oehoe in een boom en rennen de kleine kinderen al gillend op het schoolplein rond en roepen "oehoe, oehoe, oehoe". De oehoe vindt het allemaal best en reageert amper op de herrie. Dat gedrag ken ik wel van uilen. Ze ondergaan al die aandacht gelaten en blijven je onverstoorbaar aankijken. Ook bosuilen, ransuilen en ook steen-uilen doen dat. Het is zeg maar een onderschei-dend gedragskenmerk van deze vogelsoort. Een buizerd zal dat nooit doen en is allang opgevlo-gen nog voordat je hem opmerkt.
de grootste uil van Europa
vorige week middenin Teteringen
De Teteringse uil zit perfect in het verenkleed en dat kleed is nog helemaal fris. Dat zou kunnen duiden op een eerste kalenderjaar vogel maar wordt door de validator van waarneming.nl ook goedgekeurd als adulte uil. De oehoe zat op een dikke tak en ik zag dat het echt een grote uil was maar had toch ook wel het idee dat ze nog groter waren. De spanwijdte van deze vogel is bijna twee meter en dat zag ik er toch niet direct aan af als ik hem zo zag zitten. Heel fijn dat deze oehoe zich zo op zijn gemak voelde 

Wil je meer weten van deze grootste Europese uil, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/oehoe

vrijdag 18 september 2026

Dwalende gestreepte strandloper.

gestreepte strandloper, 9 september 2026
(Pectoral Sandpiper, Calidris Melanotos)
De gestreepte strandloper is een Amerikaanse dwaalgast. Elk jaar doet wel een enkele "streep" of soms ook wel eens wat meer ons land aan. Gestreepte strandlopers zijn daarom ook de meest voorkomende dwaalgasten in Nederland. Vorige week met een stevig windje was er weer een aan de Zeeuwse kust aangekomen en kwam daar op adem en foerageerde alsof zijn leven ervan afhing. Een knappe prestatie om als stelt-loper die enorme afstand over zee af te leggen en waarom? Er is hier echt niet veel meer te vinden dan in "The States". Normaalgesproken trekken deze steltjes naar het zuiden, dus naar zuidelijk Zuid-Amerika en de Siberische "strepen" trekken zelfs naar Australië en Nieuw Zeeland. Wat een krachtpatsers!

Texel, De Marel 17 oktober 2022
Als je er niet op bedacht bent kun je deze strand-loper zomaar aanzien voor een kemphaan. Ze hebben erg veel overeenkomsten en op afstand is die vergissing zo gemaakt. Alleen de kemphaan is in zijn foerageergedrag een stuk drukker dan deze gestreepte strandloper. De gestreepte loopt ook langs de oever en lijkt een stuk bedacht-zamer naar insectjes, kreeftjes en andere water-diertjes. Ook de bosruiter lijkt sprekend op een gestreepte strandloper alleen valt de bosruiter op door zijn opvallende wenkbrauwstreep en zijn iets grotere postuur. Maar ook al zijn er duidelijke verschillen tussen de soorten steltlopers dan nog is het een lastig beestje om zo te herkennen. 

gestreepte strandloper in Zeeland, 9 sep 2026
De gestreepte strandlopers zijn hier tijdens de trek, juist in deze tijd maak je de grootste kans om ze langs de kust te zien. Als ze in februari weer wegtrekken, kunnen ze over een breed front over het binnenland trekken. Ook hier in het binnen-land, bijvoorbeeld in de Biesbosch zou je zomaar een gestreepte strandloper tegen kunnen komen. In 2020 was dat het geval, in de polder Muggen-waard heeft toen een paar dagen een gestreepte strandloper gezeten. De Muggenwaard is op delen ook ondiep water met slikrandjes, precies het ideale foerageergebied van deze strandloper of het nou zoet- of zoutwater is. Dat maakt ze niet uit. Deze strandloper zwerft momenteel door Walcheren en zal binnenkort wel verder trekken. Mooi om hem toch weer even gezien te hebben. "Take care bird".

Wil je meer weten van deze streep, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/gestreepte-strandloper

maandag 14 september 2026

Winterkleed zonder franje.

grauwe franjepoot, 9 september 2026
(Red-necked Phalarope, Phalaropus Lobatus)
In deze tijd kun je zomaar op een watertje in het binnenland een grauwe franjepoot tegenkomen, Ze zijn dan onderweg van Scandinavië naar de Indische Oceaan "of all places". Deze keer dus niet naar Afrika maar nog verder naar het zuid-oosten. Nu is het wel zo dat ondanks dat ze over een breed front zuidwaarts vliegen ze toch eerder in het westen te zien zijn dan in het oosten van ons land. Ze hebben namelijk niet zo veel met zoet water en houden meer van brak- en zoutwater. Afgelopen week zag een mooi exemplaar aan de kust. Een eerste kalenderjaar in winterkleed was op de oever van een kleine plas druk aan het foera-geren. Nog niet eerder zag ik ze op het land rond-lopen en dat was best bijzonder. Ik ken ze niet anders dan druk met hun dunne snaveltje om zich heen pikkend en daarbij kris kras door het water zwemmend. Het zijn zeldzame beestjes die niet in ons land
grauwe franjepoot in zomerkleed, 25 juni 2021
broeden en alleen maar tijdens de voorjaars- en najaarstrek te zien zijn. De doortrekkende aan-tallen zijn ook niet erg groot dus een waarneming van deze franjepoot is best bijzonder. In totaal trekken maar een honderdtal franjepoten over ons land. En de laatste keer dat ik een grauwe franje-poot zag was ook aan de kust en nog geen honderd meter van de plek van afgelopen week en dat was alweer vijf jaar geleden. Alleen was dat in juni en een adulte grauwe franjepoot in zomerkleed. En dat ziet er zo anders uit dan dat vrij saaie grijswitte winterkleed. 

op het land foerageren, 9 september 2026
Deze kleine franjepoot liep tussen de wilde eenden en dat was ook weer zo'n openbaring want dan zie je pas goed hoe klein zo'n vogeltje is. Een grauwe franjepoot is namelijk net zo groot als een bonte strandloper of drieteenstrandloper om er maar eens een paar te noemen. Deze twee kun je aan de kust ook in de buurt van de franjepoot aantreffen en ook deze twee vogels zijn grijswit en kunnen voor verwarring zorgen. Behalve als de franjepoot zich gedraagt zoals ik dat gewend ben. Druk in het water voedsel zoeken maar dat was dus deze keer niet het geval en scharrelde de franjepoot op de oever waar die andere vogels ook liepen. Gelukkig na een jaar of vijf weer eens een grauwe franjepoot gespot. Zo kan een dagje aan zeer weer eens een verrassing opleveren.

Wil je meer weten van deze alles behalve grauwe vogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/grauwe-franjepoot


donderdag 10 september 2026

Alle kieviten verzamelen.

kieviten in de Noordwaard,1 september 2026
(Northern Lapwing, Vanellus Vanellus)
In deze tijd als de zomer zo'n beetje op zijn eind loopt verkleuren niet alleen de bladeren en trekken de atalanta's weg naar Zuid-Europa maar verlaten ook veel vogels ons land. Voor die vertrekkende vogels komen weer andere vogels uit het noorden in de plaats om hier te over-winteren. Daartussenin, tussen de wegtrekkers en arriverende vogels bestaat ook nog een grote groep thuisblijvers. Voor die vogels verandert maar weinig. Het zijn de bikkels die hier het hele jaar alle uitschieters van ons zeeklimaat trotseren. De kievit is zo'n bikkel want zo kun je hem wel noemen als je ziet wat ze hier meemaken. Naast alle bedreigingen in het broedseizoen moesten ze dit jaar ook nog eens vijf hittegolven trotseren. 
een paar duizend kieviten kiezen het luchtruim
Galeiwaard, 13 december 2025
Ik zie ze de laatste tijd niet meer in de omliggende polders en dat is ook gebruikelijk. Altijd als de broedperiode achter de rug is vertrekken ze halverwege de zomer naar voedselrijke en veilige gebieden waar ze soms massaal de winter samen doorbrengen. Een van die kievit rijke gebieden is de Noordwaard in de Biesbosch. De Noordwaard is een groot waterrijk en ondiep gebied waar eb en vloed dagelijks de boel beïnvloed. De Bies-bosch is het grootste zoetwater getijdegebied van Europa en dat maakt het tot een regelrechte vogelmagneet. 
Twee keer per dag vallen de slikken droog en worden dan massaal bezet door de vele vogels. Duizenden en duizenden vogels waaronder ook een paar duizend kieviten zoeken daar naar wormpjes en insecten. De kieviten vertrekken hier pas als de weersomstandigheden te slecht worden en dan doen ze dat ook maar tijdelijk want als het weer wat opknapt dan zijn ze weer terug. Ze trekken zogezegd met de vorstgrens mee naar het zuiden. Dat doen ze niet allemaal want ik zie in een stevige vorstperiode toch steeds weer enkele kieviten die het aandurven om te blijven. Ik weet niet waarom ze dat doen, misschien zijn ze niet fit genoeg of hebben ze gewoon meer lef dan de anderen en wagen ze het erop. Het scheelt natuurlijk wel een flinke vlieg inspanning die ook veel kostbare energie kost.



Wil je meer weten van deze
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kievit

maandag 7 september 2026

Pubervogels, bestaan die?

jonge boompieper in Dorst, 24 augustus 2026
(Tree Pipit, Anthus Trivialis)
Dit lijkt de stilste periode van het jaar. Want als je in alle vroegte op pad gaat, hoor je amper nog zingende vogels. De broedperiode is achter de rug en de uitgevlogen jonge vogels zingen nog niet. Daarmee lijkt het alsof er nog maar weinig vogels aanwezig zijn. Maar niets is minder waar! Het stikt momenteel van de vogels alleen zie of hoor je ze niet zoveel. En aangezien ik mij daar heel bewust van ben, ga ik ook actief naar op zoek naar die stille beestjes. Niet alle gebieden zijn daar geschikt voor want veel vogels trekken in deze tijd ook naar andere plekken dan waar ze gebroed hebben. Zo zag ik in het bos een groepje van 23 putters vliegen en ook de boomleeuweriken doen daar nu aan groepsvorming. En wat te denken van die gemeng-de groepen mezen waar soms ook goudhaantjes bij aansluiten? Het zijn nu de vliegende pubers die nog niet weten wat ze te wachten staat en dat is ook weer een hele mooie fase in het vogeljaar. In de 
Boswachterij Dorst kun je in tegenstelling tot de
juveniele roodborsttapuit, 22 augustus 2026
Boswachterij Dorst
Oranjepolder nog wel aardig wat jong spul tegen-komen. Jonge boompiepers, boomleeuweriken, roodborst-tapuiten, gekraagde roodstaarten, gras-mussen, tjiftjafs en fitissen laten zich daar nog wel aardig zien. En als klapper van de week zag ik daar op een vroege ochtend maar liefst 79 grote lijsters samenscholen. Maar of de groep van deze laatste soort ook allemaal jonge vogels waren weet ik niet. Ik vermoed dat dit gedrag meer te maken heeft met het gezamenlijk wegtrekken naar de overwintergebieden in Afrika en daar zitten dan waarschijnlijk ook volwassen vogels bij. De jonge vogels die nu hun vliegvaardigheden verder moeten ontwikkelen hebben de komende tijd nog een enorme uitdaging voor de boeg.

juveniele gekraagde roodstaart
Dorst, 22 augustus 2026
Ik vraag mij ook elk jaar met regelmaat af hoeveel van die jonge vogels sneuvelen of gekeken naar de meer positieve insteek, hoeveel vogels over-leven deze barre tocht en komen ook weer terug? Het zal om duizelingwekkende aantallen gaan wat tijdens de reis sneuvelt en slechts een mager percentage van wat in het najaar vertrokken is komt in het voorjaar weer terug. Sta daar maar eens bij stil! Gelukkig zijn er nog redelijk wat bikkels die het stokje over kunnen nemen en volgend jaar voor een nieuwe lading pubervogels kan zorgen.

Wil je meer weten van de gevaarlijke vogeltrek, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/actueel/bericht/vogeltrek-kijken

donderdag 3 september 2026

Krombekstrandlopers in de buurt.

krombekstrandloper, 26 aug2026 Kievitswaard
(Curlew Sandpiper, Calidris Ferruginea)
Een krombekstrandloper is een van de wat zeld-zamere steltlopers die je hier in deze periode tegen kunt komen. Niet dat het in Nederland een schaars doortrekkende steltloper is, dat niet, want in het noorden van het land bij de Wadden en Friese kust kun je in deze tijd zomaar een paar duizend krombekken tegenkomen. Tijdens de krombekkentelling begin augustus 2024 was er zelfs een moment dat ruim 9.000 krombekstrand-lopers op de slikken van de West-Friese kust rondstapten. Meestal zijn het om en nabij de 3.000 exemplaren die hier voorbij komen. Het zijn toch meer vogels die meer van het zoute dan van het zoete water houden want bij ons in bijvoor-beeld de Biesbosch beperkt de aanwezigheid zich
 
een paar meter verder stond deze
bonte strandloper(Dunlin, Calidris Alpina)
tot een enkeling en heel soms een paar meer. Best vreemd als je bedenkt dat de meeste Noord-Siberische krombekken via het oosten naar het zuiden trekken. Op hun weg komen ze dan volgens mij maar weinig zout water tegen. Het is overigens wel zo dat die route wat korter is dus de vogels die daarlangs vliegen zijn zeg maar de slimmeriken. Hier zijn in het binnenland zijn ze wel een stuk zeldzamer dan langs de kust. Ze zoeken overigens wel grote slikplaten op die bij eb droogvallen en die vind je in het noorden maar ook in de Delta maar daar worden die grote aantallen niet waargenomen. Waarom dat nu weer is weet ik niet maar het zou voor mij een stuk makkelijker zijn als ik daar die grote groepen ook zou kunnen zien. Behalve krombekken
hier foerageren ze samen(vorige week dinsdag)
lopen hier nu in de Biesbosch ook aardig wat andere steltlopers rond en is het nog niet zo makkelijk om daartussen een krombek te vinden. Ik zag ze steeds tussen de bonte strandlopers foerageren en die twee soorten lijken wel erg veel op elkaar. Het verschil zit hem echt in de lengte van de snavel. Die is van de bonte strandloper ook krom maar wel een stukje korter en verder zie ik maar weinig verschillen. De krombek is iets slanker, heeft iets langere poten en is daardoor iets groter maar dat verschil is eigenlijk te klein om zo een, twee, drie waar te nemen. Als ze allebei nog in hun zomerkleed waren dan was het een makkie. De bonte heeft een opvallende zwarte buik en de krombek is van de hals tot op de buik opvallend oranjebruin van kleur. Maar in deze tijd als de meeste exemplaren al in hun winterkleed zijn, is het allemaal niet zo makkelijk meer. 

Wil je meer weten van deze schaarse stelloper, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/krombekstrandloper