dinsdag 14 juli 2020

'karekiet-koekoeken'

roepende koekoek in een boomtop
De meeste koekoeken hebben hun eieren gelegd en er zijn zelfs al koekoeken weggetrokken naar de overwinteringsgebieden. Dat gaat altijd sneller dan ik zou willen want het geluid van een roepende koekoek maakt mij altijd vrolijk. Het geluid hoort zo bij het voorjaar en de zomer. Ze zijn hier vanaf half april en half juli begint die trek al op gang te komen. Als laatste vertrekken de jonge koekoeken maar die roepen nog niet en waarom zouden ze ook want een partner zoeken, doen ze toch pas over een jaar als ze weer terug zijn. Jonge koekoeken kunnen wel tot in september hier rondhangen voordat ze vertrekken.

Afgelopen zondag zag ik zo'n jonge koekoek, of liever gezegd, hoorde ik zo'n jonge koekoek. Niet het bekende koekoek geluid maar "psriee", "psriee", "psriee" etc. Toen ik het geluid hoorde leek het even op het geluid wat grote lijsters ook maken als ze opvliegen. De jonge koekoek vloog op uit een wilgje in de rietkraag naar de overkant van de Donge bij 's-Gravenmoer. Daarna vloog hij nog en paar keer op en bleef maar roepen. Dat geluid is dus de bedelroep van de jonge koekoek en aangezien de vogel de hele tijd in de buurt van de rietkraag bleef vermoed ik dat een karekiet de waardvogel van deze koekoek is.

kleine karekiet(waardvogel)
Die karekiet vloog ook bij de rietkraag rond en ik denk dat deze twee met elkaar te maken hebben. Als deze koekoek een vrouwtje is, zal ze volgend jaar ook een karekietennest zoeken om haar ei in te leggen. Als dit een mannetje is, kan hij een karekieten-koekoekenvrouwtje opzoeken maar alle andere vrouwtjes zoals een heggenmussen-koekoekvrouwtje of rietzanger-koekoekvrouwtje behoren ook tot de mogelijkheden. De vrouwtjes hebben die vrije keuze dus niet en hun eieren lijken dus ook sterk op die van het waardvrouwtje. Dus als dit een vrouwtje is, is volgend jaar ergens een karekietengezin de sjaak.

Het jong van afgelopen zondag heb ik verder niet goed kunnen bekijken, daar was hij te druk voor. Maar een jong is wel te herkennen aan de lichte of vrijwel witte vlek op het achterhoofd. Geeft verder niet, deze eerste ontmoeting met een roepend of bedelend koekoekenjong was weer prachtig en leerzaam.

Wil je meer weten van deze broedparasiet, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/koekoek

vrijdag 10 juli 2020

steltloper op z'n retour.

kanoeten en rosse grutto's
(deze vogels verblijven vaak in elkaars gezelschap)
De steltlopers die in het voorjaar hier aan-kwamen, zijn alweer even doorgetrokken en broeden nu in het noorden van Scandinavië of nog veel verder in Rusland en het arctisch gebied. Toch zijn er nu alweer steltlopers die terugkeren van de broedgebieden en hier weer aan de kust verblijven.

Het zou kunnen dat de legsels daar mislukt zijn of mogelijk zijn dit de eerste vogels die daar aangekomen waren en die zijn dan ook het eerste klaar en kunnen weer terug naar hier.
bij deze kanoet zijn nog wat sporen van het zomerkleed te zien
Ik zag er deze week in Zeeland maar genoeg rusten of fanatiek in de modder roeren om zo een lekker maaltje van larven, garnaaltjes en piertjes te vinden. Aansterken dus.

Opvetten is nu het devies want de verre tocht naar Afrika moet nog beginnen. Net 4.000 km achter de rug en nog eens 4.000 km voor de boeg.

Deze week vielen mij de vele steltlopers in Zeeland op, het hele assortiment steltjes is al aanwezig. Groenpootruiters, zwarte ruiters(in zomerkleed), bonte strandlopers(in zomerkleed), zilverplevieren(juveniele vogels), kanoeten, rosse grutto's, regenwulpen, bontbekplevieren, strandplevieren, maar die broeden hier net als de tureluurs, grutto's, kluten, wulpen, scholeksters en niet te vergeten de kieviten.

rosse grutto ook in zomerkleed
Ze zijn dus maar een maand of twee, drie in het broedgebied aanwezig en toch wordt het land of gebied waar de vogel geboren wordt, het "thuisland" van de vogel genoemd. Ook al brengt de vogel de overige negen maanden van het jaar elders door en dat zijn leven lang.

Zo zijn de gierzwaluwen en koekoek amper 3 maanden in ons land en de rest van het jaar verblijven ze in Afrika en zijn het dus "onze" vogels en is hier hun thuisland.

Nederland is met onder andere de Wadden en de Delta een pitstop op de lange route(de East Atlantic flyway) en een korte periode om weer op krachten te komen.

Wil je meer weten van deze enorme vogelmigratie, klik dan op de link;
http://globalflywaynetwork.com.au
(Australische site met tracking gegevens van 4 soorten steltlopers waaronder de kanoetstrandloper)

dinsdag 7 juli 2020

Wel eens een kwartel horen roepen.

ruige graslanden, daar houden ze van
De eerste kwarteltelling was geen succes maar dat is nu eenmaal het lot van een vogelaar. Je hebt niets zeker en daarbij moet je gewoon ook wat geluk hebben. En dat is maar goed ook want daardoor blijft het een interessante bezigheid. In de zomer en dan met name in de avond, worden de kwartels actief en roepen ze steeds maar weer hun bekende liedje "kwik-me-dit", "kwik-me-dit", kwik-me-dit".

Een makkelijk en goed hoorbaar en bekend deuntje. En er zijn maar weinig plekken waar je dit lied kunt horen en dan moeten alle omstandigheden ook nog meezitten. Het meeste succes is te behalen op een warme zomeravond, weinig wind en vooral rust in het gebied. De biotoop let wel nauw, intensief beheerde graslanden, daar moeten ze niets van hebben. De voorkeur gaat uit naar kruidenrijk, ruig grasland. Een kwartel zien is andere koek, dat gaat niet een, twee, drie lukken. Ze leven nog veel meer verborgen dan patrijzen in de zomer. Die zie je vooral in het voorjaar en het winterhalfjaar.

de avond valt in de Noordwaard, het moment waarop
 de kwartels "kunnen" gaan roepen.
Het uitgestrekte gebied van de Noordwaard heeft een paar plekjes waar je de kwartel kunt horen en daar ben ik de komende weken actief aan het zoeken. Vorige maand maakte ik midden op de dag mee dat daar een kwartel in het veld zat te roepen, een mazzeltje. Het kan zijn dat deze vogel nog maar net gearriveerd was en in zijn enthousiasme of zelfs van blijdschap zijn lied liet horen.

Kwartels arriveren zo laat omdat ze op hun weg naar ons land al een eerste legsel hebben grootge-bracht. Dat doen ze ongeveer halverwege de route naar Nederland. Als ze dus hier arriveren is dat om hun tweede legsel en soms hun derde legsel uit te broeden. Bijzondere actie die je bij mijn weten bij geen enkele andere soort ziet.

Wil je meer weten van deze nachtbraker, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kwartel

vrijdag 3 juli 2020

Zomerse kolganzen?

zomerse kolganzen in Lage Zwaluwe
In deze tijd, de tweede helft van juni arriveren de kolganzen in het uiterste noorden van Rusland.
Het broedseizoen begint dan pas want eerst moet daar de sneeuw weg zijn en dat duurt in Siberië nu eenmaal wat langer dan bij ons(als er bij ons al een keer wat sneeuw valt).

Vanaf april trekken de kollen hier weg en zie je ze steeds minder en in mei is het gedaan. En zo hoort het ook te zijn, ganzen trekken in de zomer weg uit Nederland en broeden dan ergens ver weg. In de zeventiger jaren gold dat eigenlijk wel voor alle ganzensoorten, brandganzen, grauwe ganzen, toendra rietganzen en kolganzen zag je dan niet meer in ons land en pas in de herfst kwamen ze dan langzaamaan terug om hier te overwinteren.

Na de zeventiger jaren bleven steeds vaker ganzen "overzomeren", met name de grauwe gans had al snel door dat je hier ook prima kon broeden en overleven zonder een risicovolle reis te ondernemen.
dit is nog een winterse kolgans, ook in Lage Zwaluwe

Ook de brandganzen trekken bijna niet meer weg en in de Biesbosch zitten ook nu nog flinke aantallen. Toendra rietganzen en kolganzen trekken nog wel massaal weg maar er is nu ook al een heel klein groepje kolganzen in Lage Zwaluwe die hier probeert te overzomeren. Ze zitten daar in een groep grauwe ganzen bij het Gat van den Ham. Mogelijk zijn dit nazaten van ontsnapte lokganzen maar evengoed zijn het gewoon achterblijvers die het hier wel best vinden. Een stuk of negen kollen hebben zich aangepast maar broeden hier in Lage Zwaluwe (nog) niet.

Het zou dus kunnen dat dit groepje pioniers hier mettertijd ook gaat broeden en dan zien we ze dus net als die andere ganzen het hele jaar rond in ons land. In ieder geval zijn het de afgelopen maanden de eerste kolganzen die ik hier in een zomerse omstandigheid heb gezien.

Wil je meer weten van deze kleine overzomeraar, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kolgans

dinsdag 30 juni 2020

Het gevecht van de zwarte stern.

zwarte stern in de Zouwe Boezem
Zwarte sternen zijn net als alle andere sternen, typische zomer- gasten. Eind mei, begin juni komen ze aan en vliegen soms ook via de Noordwaard, richting het Groene Hart. Aan de oostkant, in de buurt van Lexmond en Ameide vinden ze de meest geschikte broedplaats in de Zouwe Boezem. Ze worden wel geholpen met kleine vlotjes waarop ze hun nest kunnen maken. Vroeger toen het allemaal nog wat natuurlijker was, bouwden ze hun nestjes op de krabbescheervelden maar dat is voorbij. Het oude moerasland is inmiddels verdwenen en willen we de sternen behouden, moet het allemaal wat .kunstmatiger

Ik sprak een keer iemand die vertelde dat zwarte sternen ook op de gele plompbedden hebben gebroed die in de Donge groeiden. Maar daar heb ik nog steeds mijn twijfels bij. Ten eerste door de stroming want het is tenslotte een stromend riviertje waar amper gele plomp groeit en ten tweede door het ontbreken van krabbenscheer, een echte plant die het doet bij het verlanden van ondiep water. Daarbij was het riviertje in het verleden zeer sterk verontreinigd zodat leven er vrijwel onmogelijk was. Dus gerede twijfel over deze waarneming.

vlotje met ganzenwerend gaas
De vlotjes voor de zwarte sternen hebben sinds een paar jaar een hekje van gaas zodat de grauwe ganzen er niet op kunnen gaan zitten en het legsel vernielen. Een mooie oplossing en de sternen hebben er geen last van. Maar nu hebben ze weer last van een andere bedreiging, marterachtigen zwemmen naar de vlotjes en eten de eieren op en zo blijft het maar tobben voor deze vogels. Ik ben benieuwd wat de volgende bedreiging wordt?

Moet je je eens voorstellen, zestig jaar geleden leefden nog 16.000 broedparen in ons land en daar is nu nog amper een kleine 10% van over. Zouden er toen ook nesten leeggeroofd zijn door marterachtigen? Bijna niet voor te stellen dat er toen geen predatie voorkwam maar dat was natuurlijk in een beter evenwicht en was de biotoop nog oorspronkelijk en mogelijk minder toegankelijk voor deze rovertjes. Ik hoop dat de zwarte sternen het gaan redden en wie weet zien we ze ooit nog eens bij in onze buurt.

Wil je meer weten van deze zoetwater sternen, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/zwarte-stern

vrijdag 26 juni 2020

Ransuilen, ze zijn er weer.

jonge ransuil in de acacia bij ons in de tuin
In de Oranjepolder, bijna om de hoek bij ons thuis, zijn de jonge ransuilen uitgevlogen. Ik wist nog niet eerder dat er zo vlakbij ransuilen hadden gebroed, totdat een paar jonge ransuilen 's-avonds in de schemer luid zaten te bedelen. Elke avond als ik de hond uitlaat in de polder hoor en soms zie ik ze ook.

Ik weet zeker dat minstens twee jonge rans-uilen zijn uitgevlogen, want ze zitten tegelijkertijd te roepen. Het kunnen er ook meer zijn maar dat weet ik niet zeker. Vorig jaar zat een koppel ransuilen aan de andere kant van de Oranjepolder te broeden en verschillende jaren ervoor, werd er ook al in de polder gebroed.

Zo wordt mij langzaamaan duidelijk dat de Oranjepolder een vaste uilenpopulatie heeft. Ik ben overigens benieuwd wat de verduurzaming van de Gemeente Oosterhout voor effect op deze vogels heeft. En ik bedoel dan de drie enorme windmolens die in de kleine polder gebouwd gaan worden. De turbulentie?, de enorme wieken en het constante gesuis/geraas, wat het gevoelige gehoor van de uilen zal beïnvloeden? Het zou zomaar kunnen dat er zo een einde gaat komen aan dit kostbare bezit.

winterroestplaats in de Biesbosch met 5 ransuilen
Het is alweer vijf jaar geleden dat zo'n jonge ransuil uit de Oranjepolder onze tuin uitkoos om de zomer door te brengen. Vanaf mei 2015 tot eind oktober van dat jaar zat de ransuil dagelijks bij ons in de tuin. Achterin de tuin, midden in de kruin van de acacia, keek de ransuil mij elke ochtend onderzoekend aan. Nooit bang en nooit opgevlogen bleef hij tot 's-avonds zitten. De planten helemaal wit gepoept braakballen en dode muizen lagen aan de voet van de acacia. Nu zitten dus jonge ransuilen in de bomensingel tussen het trainingsveld van SCO en het veld van de schaatsclub IJsco. Zodra deze uilen zelfstandig zijn, zoeken ze een eigen stekje op en blijven daar tot de herfst wonen net als destijds bij ons in de tuin. Zeg maar dat de ransuil in zijn eentje een "zomerroestplaats" bewoont.

jagende ransuil in de polder
Heel wat anders dan de winterroestplaats van de ransuil. Vanaf oktober tot in februari zoeken ze elkaar wel op en "roesten" ze gezamenlijk. In de Biesbosch was een bekende roestplaats en een veel te bekende roestplaats in de Boswachterij Dorst is inmiddels door alle drukte verlaten. Als het eenmaal bekend wordt waar de ransuilen samenkomen, komen daar ook mensen samen om foto's te maken. Op een gegeven moment zijn de uilen het zat en vertrekken ze. Gelukkig voor mij, weet ik de "nieuwe" roestplaats in de Boswachterij Dorst en om de uilen hun rust te gunnen, houd ik de roestplaats stil.

Ik las overigens in een onderzoeksverslag dat ransuilen die 's-winters in de stad of dorp roesten ongeveer 20 gram zwaarder zijn. Ze zijn dus in een betere conditie dan de ransuilen van het buitengebied, dus is het uiterst belangrijk dat de uilen in de polder en bossen goed beschermd worden.

Wil je meer weten van deze schemervogels, klik dan op de link;
 https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/ransuil

dinsdag 23 juni 2020

Om door een ringetje te halen.

volwassen zilvermeeuw met 5//K, zwart op geel, rechts
Afgelopen week zag ik op een vroege ochtend op de zeedijk van Westkapelle weer veel meeuwen zitten. Altijd leuk om de groepen meeuwen af te speuren naar bijzondere exemplaren. Zo kun je nog wel eens een Noorse kleine mantelmeeuw(Larus Fuscus Intermedius) vinden, een ondersoort van de bij ons algemeen voorkomende kleine mantel-meeuw(Larus Fuscus).

Om te kunnen zien dat het een Noors exem-plaar betreft kan eigenlijk alleen maar als de vogel geringd is met een zwarte pootring met witte letters en de eerste letter is dan altijd een "J"(kleine mantelmeeuw) of blauw met "C" als eerste letter voor zilvermeeuwen. De kleine mantelmeeuw is dan door de Universiteit van Oslo geringd. Mijn eerste Noorse kleine mantelmeeuw, J486R zwart links, dateert alweer van 28-08-2018 ook op de zeedijk van Westkapelle.
zilvermeeuw met wit op blauw C.UOZ

Maar terug naar afgelopen week, toen zag ik verschillende zilvermeeuwen met kleurringen. Een volwassen zilvermeeuw met een gele ring en zwarte tekst 5//K aan de rechterpoot. Een andere volwassen zilvermeeuw had een blauwe ring met witte letters, C.UOZ.

Van deze laatste ring weet ik dat de meeuw in kwestie in Nidingen, Noorwegen geringd is. Bij elkaar toch zo'n 843 km van de zeedijk in Westkapelle vandaan. De gele ring is een Nederlandse ring, het is mogelijk dat deze meeuw in het Markizaat bij Bergen op Zoom is geringd of zelfs op de zeedijk van Westkapelle.



Poolse pontische meeuw D.842
Beide ringen zijn inmiddels gemeld en nu is het afwachten wat de reactie is. Want wanneer zijn de vogels geringd en hoe oud zijn deze vogels, mannetje/vrouwtje etc. Alle informatie is terug te lezen in de levensloop van deze vogels.

De ring van de pontische meeuw links is afkomstig uit Polen en de ring las ik af op volle zee, zo'n 20 kilometer ten westen van Scheveningen. Ook zo'n geweldige plek om bijzondere meeuwen en hun ringen te zien.

vrijdag 19 juni 2020

Bosrietzanger

't is dat hij volop zat te zingen want anders zou je je nog aardig kunnen vergissen. Op het uiterlijk determineren valt zeker niet mee en moet je de subtiele kenmerken van de soort paraat hebben. Ik heb het dan over de bosrietzanger die qua uiterlijk sprekend op een kleine karekiet lijkt. Het zouden zomaar broers kunnen zijn. Een van die kleine subtiele verschilletjes is de kleur van de pootjes. Maar zoals je op de foto hieronder kunt zien, zijn de pootjes van de bosrietzanger onzichtbaar en kun je daar het "merk" dus niet van afleiden.

                kleine karekiet                                          bosrietzanger
Ze zitten allebei in ongeveer hetzelfde gebied en je kunt ze dan ook vlak bij elkaar horen zingen. Op basis van de zang de soort bepalen is in dit geval een koud kunstje. De bosrietzanger heeft een heel herkenbaar gevarieerd lied en is net zo herkenbaar als dat liedje van de kleine karekiet. Zolang ze dus zingen is er zeg maar niets aan de hand.

De bosrietzanger van woensdagochtend zat uit alle macht zijn lied te zingen en ging daar zo in op dat ik hem vrij makkelijk kon benaderen. Dat lukt je eigenlijk alleen maar op het hoogtepunt van de baltsperiode. Op dat moment worden nogal wat angsten opzij gezet en/of overwonnen. Alles over hebben voor de aandacht van de dames, dat is nu dus gaande.

bosrietzanger nog eens duidelijk in beeld
Wat ik ook zo knap vind van deze vogel is de enorme afstand die ze afleggen van zuidoost Afrika naar hier. Ik denk dat ze door die enorme afstand ook als laatste zangvogel hier eind mei arriveren. Die late aankomst zorgt er ook voor dat het broedseizoen erg kort is en de terugtocht naar Afrika begin augustus alweer aanvangt. Amper drie maanden hier en de rest van de tijd in het warme Afrika.

Geen wonder dus dat de liedjes van de bosriet-zanger veel imitaties van Afrikaanse vogels bevatten. Jammer dat ik die niet als zodanig herken. De liedjes van de "gewone" rietzanger lijken op die van de bosrietzanger maar zijn veel en veel minder gevarieerd, daar zitten veel meer herhalingen in. De rietzanger is ook maanden eerder terug dan de bosrietzanger en ook nog eens een dikke maand eerder terug dan de kleine karekiet. Lekker handig want daardoor is het geluid van de rietzanger al geruime tijd goed vastgelegd op mijn harde schijf. Toch aardig belangrijk want al deze soorten kom ik op mijn diverse inventarisatie rondjes in de Biesbosch tegen en een juiste registratie is dan erg belangrijk.

Wil je meer weten van deze vliegende krachtpatser, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/bosrietzanger

dinsdag 16 juni 2020

Zeezeilers.

een bijna volwassen jan van gent afgelopen oktober
Een echte zeevogel als de Jan van Gent zie je vrijwel nooit op de kant staan of zitten. Zeker in deze maand zijn de jan van genten niet of nauwelijks in onze kustwateren te vinden. De jan van genten zitten dan aan de andere kant van de Noordzee en broeden, bijvoorbeeld op het vogeleiland Bass Rock.

Al heel wat jaren geleden waren we een keer op vakantie in Schotland en zagen, toen we langs de oostkust noordwaarts trokken, dit vogeleiland liggen. Een grote helemaal wit gepoepte rots stak fier boven zee uit. Met het juiste licht er op, stak de witte puist strak af tegen de donkere zee. Prachtig om te zien en zeker toen we door onze kijkers keken. We zagen duizenden vogels rond de rots cirkelen en dat waren voornamelijk jan van genten. Dé top broedstek van deze vogels in de Noordzee.


de schitterende jan van gent van afgelopen vrijdag
Voor onze kust ken ik de jan van genten vooral van de zee tripjes vanuit Scheveningen. De jan van genten joegen achter de boot op de uitge-worpen makrelen en probeerden de concurren-tie te snel af te zijn. Meeuwen duiken lang zo diep niet als de jan van genten en dat gaf ze het onderscheidend voordeel.

En afgelopen vrijdag zag ik de jan van gent op een andere manier en dat is de reden dat hij het onderwerp van dit verhaaltje is. De vogel zat namelijk op de keien van de zeedijk bij Westkapelle. Een prachtige volwassen vogel zat daar uit te rusten. Geen idee waarom hij deze dijk had uitgekozen. De vogel zag er topfit uit en naar mijn idee is dit onnatuurlijk gedrag. Ze zweven normaal gesproken moeiteloos over de golven en houden dat dagen achtereen vol. Ook dobberen op de golven is iets wat bij hun natuurlijk gedrag hoort. Op het land verblijven doen ze volgens mij alleen in deze periode en dan alleen in de broedgebieden. Dus ik denk dat ik een mazzeltje heb gehad en een mooie ontmoeting had met een van de mooiste zeevogels van de Noordzee.

Wil je meer weten van deze zeezeiler, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/jan-van-gent

vrijdag 12 juni 2020

Een kwak reigers.

roerdomp in perfecte schutkleur
De reigerfamilie in Nederland is misschien wel de lastigste familie vogels om te zien. Over een paar van die familieleden struikel je zowat elke dag maar een flink deel van deze familie leeft zo verborgen dat het echte zeldzaamheden zijn die zelfs voor veel vogelaars buiten beeld blijven. Neem nou het woudaapje, roerdomp of de kwak daar moet je echt moeite voor doen. En al helemaal voor de groene reiger en ralreiger die je hier alleen als dwaalgast tegen komt.

Maar van die eerder genoemde drie zeldzame reigers, is de roerdomp de vogel die je nog het "makkelijkst" kunt zien. Wat later in het broedseizoen zie ik deze reiger op klaarlichte dag nog wel eens een voedselvlucht maken. Vorige week in de Noordwaard nog en deze week in de Kwade Hoek vloog een volwassen roerdomp voorbij. Eigenlijk zijn die drie zeldzame reigers, nachtvogels. Ze zijn dan actiever dan overdag en waarom dat eigenlijk is, weet ik niet. Volgens mij zie je overdag meer en is er ook meer voedsel actief zoals kikkers, muizen en insecten

Gisteren had ik het geluk een jonge kwak te zien, verborgen in het groen zat op een tak een flinke, volgroeide jonge kwak. In de Biesbosch een echte
de jonge kwak van gisteren
zeldzaamheid en moet ik zelfs teruggaan naar 2011 toen ik daar de eerste kwak tegenkwam en een jaar later in 2012 zag ik een jonge kwak vlakbij de Emmahoeve in de Noorwaard. Daarna duurde het tot 2019 eer ik er weer een zag. Dat was vorig jaar in een park midden in de stad Middelburg.

Deze jonge kwak zat op een tak te wachten tot er eten werd gebracht. Het duurt soms wel twee maanden voordat een uitgevlogen kwak volledig zelfstandig voedsel zoekt, hij wordt al die tijd bijgevoerd en moet in die tijd het "vak" van voedsel zoeken en vinden nog leren.

Het viel mij op dat deze vogel toch van een flink formaat was, want in mijn herinnering was een kwak een vrij kleine reiger om te zien. Deze kwak is toch wel qua grootte, twee derde van een blauwe reiger. Zo zie je maar dat je je flink kan vergissen als je een vogel zo maar eens af en toe ziet.

Wil je meer weten van deze nachtreiger van Nederland, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kwak

dinsdag 9 juni 2020

Dat is nog eens een roodstaart.

uitbundig gekleurde manntje
De gekraagde roodstaarten van vanmorgen waren het er absoluut niet mee eens dat ik zo dicht in de buurt van het nest rondliep. Dat wist ik natuurlijk niet en werd door de vogels attent gemaakt op de aanwezigheid ervan. Druk alarmerend kwamen ze zelfs op korte afstand van mij op een tak zitten. Het nest moest dus vlakbij zijn. De oudervogels waren tussen het alarmeren door, druk met het voeren van de jongen. Alarmeren met een rups of vlieg in je snavel valt niet mee.

Over het algemeen is het een wat verborgen levende zangvogel die zijn aanwezigheid verraad door in het voorjaar uitbundig te zingen. Ondanks het kleurige verenkleed van deze zanger moet je toch altijd goed opletten om hem goed te kunnen bekijken. Het lied vind ik een beetje lijken op dat van de vink. Het lied begint namelijk ook zo maar wordt niet met de "slag" afgemaakt.

het iet wat kleurloze vrouwtje
Zo uitbundig dat het mannetje gekleurd is, zo saai is het vrouwtje om te zien. Beige-bruin gekleurd met een flauw rode staart. Onopvallend maar wel zo goed gecamoufleerd om zonder al teveel risico's de eieren uit te kunnen broeden. In het bos zitten vlak bij elkaar meerdere koppeltjes te broeden. Volgens mij zitten ze amper 25 meter uit elkaar.

Gek, want er is meer dan genoeg ruimte en ook gek omdat ze ongewild steeds in elkaars territorium rondfladderen. Ik denk dat ze daar niet veel problemen mee hebben want anders zag het er wel anders uit. Ze zijn dus zeker niet zo territoriaal ingesteld als die vechtersbaas van een roodborst.

En juist ook in dit stukje bos van ongeveer 100 bij 30 meter leven ook nog eens een paar koppels grauwe vliegenvangers en een koppel bonte vliegenvangers. Op de een of andere manier is dit de ideale biotoop voor vliegenvangers waar ook de gekraagde roodstaart toe hoort.

Wil je meer weten van deze aandachtstrekkers, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/gekraagde-roodstaart

vrijdag 5 juni 2020

Jonge raaf de sjaak?

2020 het allereerste ravennest in Dorst
Op de stille vroege donderdagochtend in de boswachterij Dorst hoorde ik alleen maar vogels zingen. Wel wat minder dan een maand geleden en dat hoort ook zo. De meeste vogels hebben nu jongen en zijn druk met voeren en zeker niet met aandacht trekken. Want dat doen vogels als ze vroeg in de ochtend uitbundig zitten te zingen, aandacht trekken.

Ik zag winterkoninkjes, gekraagde roodstaarten zwartkoppen en grauwe vliegenvangers met insecten in de weer. De ontbijtjes voor de jongen werden uitgeserveerd. De meesjes waren alweer ietsje verder en vlogen al volop bedelend in het rond.

Wie ook uitgevlogen is, is de eerste jonge raaf van de boswachterij Dorst. Deze jonge raaf, enigst kind van het koppel dat zich de afgelopen winter in de boswachterij heeft gevestigd, vloog vanmorgen ook rond. En niet voor de lol want de jongeling werd door een flinke groep zwarte kraaien achterna gezeten en flink belaagd.

raaf in Dorst
De raaf moest zich uit alle macht verdedigen en schreeuwde het uit. Althans zo klonk het. Pa of ma was in de buurt en alarmeerde ook maar dat hielp verder niet. De raaf liet zijn of haar jong het zelf uitvechten en volgde het tafereel op afstand. De aanval bleef maar duren en ik maakte mij grote zorgen en ik begon langzamerhand te denken dat de jonge raaf, als dit zo doorgaat, het niet zou gaan redden.
alarmerend en waakzaam

Het zou toch wel heel erg jammer zijn als het eerste legsel van raven in Dorst, in vele vele jaren en misschien wel in meer dan honderd jaar op deze manier verloren gaat. De kans dat de oudervogels hier blijven en volgend jaar weer een poging doen is aannemelijk. Zij kiezen hun territorium namelijk voor het leven, mits er zich hele gekke dingen voordoen natuurlijk. De kans is dus reëel dat we komend jaar een herhaling van dit jaar meemaken en wie weet wordt dat dan een legsel met meerdere jongen. Hoe meer het er zijn, hoe groter de kans is dat ze aan de agressieve kraaien kunnen ontsnappen.

Wil je meer weten van deze grootste helemaal zwarte vogel in ons land, klik dan op de link,
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/raaf

woensdag 3 juni 2020

Baardmannetjes, maar dan echte.

baardmannetje in de Noorderplaat
Ik moet er elk jaar weer moeite voor doen om een baardman te zien. Je vind ze niet makkelijk en met name hun biotoop vind je hier in de omgeving niet makkelijk. Ze houden met name van veel riet en niet zo'n klein beetje ook. Grote robuuste natte rietvelden waar niet teveel gebeurt, is bij baardmannen favoriet. Waar vind je die? In de "natte" Biesbosch zoals de Noorderplaat, de brede rietstroken langs de Merwede bij de Deeneplaat en wat verder weg bij het Markiezaat en nog verder richting Zeeland.

En dan heb je weliswaar het geschikte leefgebied gevonden, dan heb je de baardman nog niet zomaar gevonden. Die leeft toch vooral verborgen en klimt af en toe langs een rietstengel omhoog en krijg je hem even te zien. Ze zijn behoorlijk druk en zitten niet veel stil. Ze klauteren en vliegen van stengel naar stengel en kunnen dat bijna onzichtbaar doen.

baardman keert mij de rug toe
Hun roepje of liedje is heel herkenbaar en hoor je veel eerder dan dat je de vogel te zien krijgt. Je hoort ze zogezegd aankomen. Wat dat betreft heeft dat geluid hetzelfde effect op mij als het geluid van de ijsvogel. Zodra ik dat geluid hoor, reageer ik direct door mijn blik richting het geluid te wenden. Op die manier zie ik nogal eens een ijsvogel door mijn blikveld voorbij schieten en zo lukte het mij ook om de baardmannen in het riet te ontdekken.

Tijdens de laatste BMP tellingen zag ik op een ochtend vijf baard- mannen op drie verschillende plekken vliegen. De Noorderplaat is sinds het herstellen van de klepduikers weer favoriet bij baard-mannen. Het is geen veel voorkomende vogel en het is dan ook best vreemd als je weet dat zo´n dertig jaar geleden hier zoveel baardmannen leefden dat er `broedruimtegebrek` ontstond en de vogels uitweken naar het buitenland. Het blijft voor mij een gek verhaal waar ik mij maar moeilijk iets bij voor kan stellen. In ieder geval hebben we in de Noorderplaat nog geen overschot en kunnen ze daar lekker doorgaan met uitbreiden.

Wil je meer weten van deze prachtige baardmees, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/baardman

vrijdag 29 mei 2020

Grauwe klauwieren zijn er klaar voor.

koppeltje grauwe klauwieren
Ook weer zo´n zeldzame vogel waar je of geluk mee moet hebben of toevallig weet waar zo´n zeldzaam beestje jaarlijks terug te vinden is. Tot die categorie is de grauwe klauwier te rekenen. Een zeer zeldzame broedvogel die je bijna nergens meer tegenkomt.

Ik heb inmiddels wel in de gaten dat deze vogelsoort niet zo van onze strakke opgeruimde agrarische gebieden houdt. Maar zodra het gebied robuust genoeg is en wij er met onze fikken grotendeels vanaf blijven, kom je in de buurt van het ideale klauwieren leefgebied.

Ruige akkers met veel kruidige planten die massa´s insecten aantrekken, natuurlijke akkerafscheidingen met kleine boompjes,
braamstruiken, meidoorn en sleedoorn daar houden ze van. En zeker geen verkavelde polder uit de zeventiger jaren, die verafschuwen ze. Het devies is dus, niet teveel aankomen, een beetje sleutelen aan het waterpeil en zorgen voor rust dan komt het vanzelf goed.

vrijgezelle mannetjes klauwier
En dat laatste advies heeft bij een aantal van die voormalige agrarische gebieden fantastische resultaten opgeleverd. Kijk maar eens bij Huis ter Heide, de Zonzeelse polder en de Lage Vuchtpolder. In deze drie gebieden komen weer kwartels, poseleinhoen, grauwe klauwieren en broedende grutto's voor. En voor die laatste ben ik extra blij omdat die het toch wel heel erg zwaar heeft. De grauwe klauwier doet het stilletjes aan wat beter en afgelopen week zag ik zelfs twee mannetjes en een vrouwtje foerageervluchten maken. Aan broeden zijn ze nog niet toe, dat gaat volgende maand gebeuren. Mijn hoop is toch wel gevestigd op de aankomst van een tweede vrouw. Dan zouden dus twee broedpaartjes grauwe klauwieren hier vlakbij tot broeden komen.

Wil je meer weten van deze zeer zeldzame klauwier, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/grauwe-klauwier

dinsdag 26 mei 2020

Orpheusspotvogel, wah?

 Ὀρφεύς,spotvogel  (Orpheus spotvogel)
Soms is je gevoel volgen nog niet zo verkeerd. Afgelopen zondag hoorde ik een spotvogel zingen en niet veel later zag ik hem ook uitbundig zijn best doen. Iets in zijn lied klonk anders dan de liedjes van de twee spotvogels die ik die ochtend iets eerder al gehoord had. Ik miste het snerpende `tussendoor` deuntje maar ja dat is niet direct een reden om `ongerust` te worden. De spotvogel en ook de bosrietzanger staan er om bekend dat het fantastische imitators zijn, dus een variatie op het bekende liedje zou best kunnen. Dat de vogel een stuk sneller zong dan de gewone spotvogel was me nog niet eens opgevallen.

En deze spotvogel zat ook nog eens luid en duidelijk in de top van een jong boompje en deed geen moeite om het zicht te blijven en dat doet een spotvogel juist wel. Een mooie kans om deze vrolijke zanger eens goed op de foto te zetten. Alles bij elkaar genomen, zorgde deze ontmoeting toch voor wat twijfel. Zou het dan toch een niet alledaagse spotvogel zijn? Ik meldde de vogel voor de zekerheid als onzekere Orpheus- spotvogel en voegde mijn beste foto´s toe.

zeer korte handpenprojectie
Wat ik nog niet zo in de gaten had, was het belang van de handpenprojectie en als ik dat van tevoren had geweten was de determinatie een stuk makkelijker geweest. De handpennen van een Orpheus zijn namelijk een derde korter dan die van de spotvogel. Weer wat geleerd.

Gelukkig had ik die foto waar dat heel goed op te zien was voor de moderator van waarneming.nl beschikbaar. Hier rechts is goed te zien dat de handpennen een stuk korter zijn dan bij een `gewone` spotvogel. Die handpennen steken ver voorbij de stuit en liggen naast de staart. Toen de waarneming als `prima Orpheus` werd goedgekeurd was ik vanzelfsprekend blij. Een nieuwe zeldzame soort zelf ontdekken, weliswaar met wat hulp van waarneming.nl is altijd leuk Het gaat immers over slechts enkele vogels per jaar die ons land aandoen.
 Ὀρφεύς, Orpheus
Maar die naam is mij nog steeds een raadsel. Vaak zie je wel de naam van een weten-schapper terug in de vogelnaam maar deze is toch wel bijzonder te noemen. Orpheus(of Ὀρφεύς) was een semi-mythische figuur die in de Griekse mythologie tot de zeven wijzen wordt gerekend en gedood werd door zeven nimfen.

Genoeg geschiedenis zo en nou hoop ik dat deze Orpheus(spotvogel) dit leed bespaard blijft. Normaal leeft dit beestje in het zuiden van Europa en overwintert in Afrika. De opwarming van de aarde zou er zomaar eens voor kunnen zorgen dat dit vogeltje zijn noordelijke grens steeds wat verder opschuift en steeds vaker bij ons te zien en te horen zal zijn. Maar dan zijn we denk ik toch heel wat jaartjes verder en moeten we het voorlopig doen met dit soort incidentele waarnemingen ook wel gelukstreffers genoemd.

Wil je meer weten van deze mythologische vogel, klik dan op de link
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/orpheusspotvogelvogels/