vrijdag 28 juli 2017

Alle grote lijsters verzamelen.

Het is nu al de tweede keer dat ik bij Surae in de Boswachterij Dorst een flink aantal grote lijsters bij elkaar zie. Op vrijdag 21 juli zaten tien grote lijsters op de open vlakte tussen de leemputten en vanmorgen was het weer prijs. Nu zaten er maar liefst veertien bij elkaar. Naarmate je dichterbij komt schuiven de lijsters steeds een stukje op zodat je niet te dichtbij kunt komen. Maar ze zijn net niet te ver om te kunnen zien dat het om grote lijsters gaat.

Ze zoeken hun voedsel op de grond en lopen steeds een stukje waarna ze rechtop gaan staan en rondkijken of het nog wel veilig is. Want in Surae moet je echt oppassen als je in het open veld gaat zitten want dit is namelijk ook het domein van de jagende haviken

Maar het zijn onmiskenbaar grote lijsters. Flink postuur, maatje merel of zelfs iets meer, rechtop staand, en de kop heeft een grijsbruine zweem. Maar het makkelijkst is toch wanneer de grote lijster opvliegt en je de bijna geheel witte ondervleugel goed kunt zien. Bij een zanglijster is die ondervleugel veel bruiner gekleurd en is de vogel trouwens een derde kleiner dan een grote lijster. In een ander jaargetijde zou je bijna denken dat je een groepje kramsvogels in beeld hebt.

De grote lijster houdt wel van grote open vlaktes in bosrijke gebieden met naaldbomen en agrarisch cultuurland met bosjes of lanen. Dus het gebiedje waar ik ze vanmorgen zag, de open vlaktes tussen de leemputten past helemaal in de biotoop voorkeur van deze lijster. Als je ze ook wilt zien, moet je er wel vroeg bijzijn. Ik loop daar in de vroege ochtend, zo rond een uur of zes, zeven rond.

tussen de leemputten in Surae
De trek begint pas in september en de reden van deze samenkomst is mij niet geheel duidelijk. Paren met uitgevlogen jongen sluiten zich vaak bij elkaar aan. En vanaf eind juni vormen zich groepen van tientallen grote lijsters op voedselrijke plekken.

De najaarstrek speelt zich tussen half september en begin oktober af, met de meeste trek in de eerste helft van oktober. Dus naast een rijk voedselaanbod is het mij niet geheel duidelijk wat de reden van deze samenscholing is, maar mooi is het in ieder geval wel.

Wil je meer weten van deze grootste lijster, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=77

dinsdag 25 juli 2017

Kemphanen in overvloed.

vrouwtje kemphaan
Een bezoekje aan de Noordwaard, onderdeel van de "nieuwe" Biesbosch is altijd weer interessant. Wekelijks worden in dit deel van de Biesbosch bijzondere soorten gezien, soorten die zelfs het nationale nieuws halen. Denk maar eens aan de berichten over de broedende visarenden. Deze week is een zeldzame poelruiter gezien en we hebben dit jaar de Mongoolse pieper en de zwartkop- rietzanger gehad om maar eens een paar soorten te noemen.

Ondanks wat zoekwerk deze week, heb ik de poelruiter in de Muggenwaard niet gevonden, maar daar zaten nu wel honderden en honderden kemphanen. En dat is ook bijzonder en niet alledaags te noemen. Dat de kemphanen daar verzamelen zegt ook wel iets over het voorbije broedseizoen. Deze vogels zijn namelijk "klaar" met deze jaarlijkse klus, waardoor ze zich hier verzamelen en opvetten voor de aanstaande vogeltrek. Zo tussen juli en september stijgen ze op en gaan ze op weg naar de zon.
honderden kemphanen in het water en in de lucht
De kemphaan is een steltloper die niet in dit deel van het land broedt, daarvoor moet je naar Friesland. Vorig jaar is in het oosten van Brabant een koppel tot broeden gekomen. Dat was een groot succes want dat is namelijk niet vanzelf gegaan. Met inzet van het Brabants Landschap is een gebied ingrijpend aangepakt en heeft men daar een slagenlandschap van gemaakt. Denk maar een enorme groene, natte golfplaat. Want die natte stukken zijn een voorwaarde voor vele steltlopers om tot broeden te komen. Die houden niet van droge akkers, in tegenstelling tot de kieviten, die juist wel massaal in Brabant broeden en minder in Friesland.
mannetje kemphaan
De kemphanen in de Biesbosch zitten in een uitgestrekt nat gebied met vele slikplaten waar veel voedsel te vinden is. Ze houden daar de kieviten, grutto's en wulpen gezelschap. Kieviten zijn ook alweer even klaar met het broedseizoen en hebben zich ook massaal in de Muggenwaard verzameld. Daar kun je makkelijk duizend kieviten vinden. De grutto's verzamelen zich hier de komende tijd ook. Het wordt dan een enorme slaapplaats van steltlopers vanwaar de in conditie gekomen vogels in goede gezondheid naar de overwintergebieden vertrekken.

Wil je meer weten van deze vechtjas on der de steltlopers, Klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=99

vrijdag 21 juli 2017

Gierend door de polder.

Het is elke keer weer een feest als de gier-zwaluwen op een warme zomeravond gierend door de lucht jagen. Dat geluid hoort echt bij de zomer en maakt zo elke zomeravond compleet. Als we dan buiten zitten zien we meestal een stuk of zes of acht vogels al gierend overvliegen. Veel meer als acht zie je hier eigenlijk niet.

In dit voorjaar ben ik tijdens de vogeltrek naar de vogeltrektelpost in Breskens geweest en zag daar duizenden gierzwaluwen laag over de duinen Nederland binnenvliegen. Ze hadden de lange gevaarlijke reis uit Afrika overleefd. Voor het eerst zag ik zoveel gierzwaluwen en vroeg mij af waar die toch allemaal bleven? Nu daar ben ik sinds een paar weken achter.
Ze zijn gewoon naar hier gevlogen, naar de Oranjepolder en omstreken en verder. Weliswaar geen duizenden maar hun aantal is wel spectaculair groot. Elke avond als we nu door de Oranjepolder lopen, zien we minstens vijftig tot soms wel meer dan zeventig gierzwaluwen vliegen. Wat een prachtig gezicht is dat toch.
Gierzwaluw telpost

Ik sprak deze week een vogelaar die hetzelfde was opgevallen, echter niet in de polder maar boven het oude centrum in Oosterhout. Er zijn dus aanzienlijk meer gierzwaluwen in
Oosterhout neergestreken en ik vraag mij gelijk ook af of dat nu ook voor heel Nederland geldt? Wat verklaart die toename hier in Oosterhout? En welke problemen levert die toename voor de gierzwaluwen zelf op, waar moeten die in vredesnaam nestgelegenheid vinden?

Vandaag zou de jaarlijkse gierzwaluwtelling van de vogelwerkgroep zijn maar die jammer genoeg afgelast in verband met de geringe deelname van tellers. Jaarlijks wordt de kerktoren van de Sint Jan basiliek beklommen en tellen we tegelijkertijd van de vier zijden van de toren alle overvliegende gierzwaluwen. Dat is nog eens jammer want we zouden vrijwel zeker het bestaande record aantal getelde gierzwaluwen hebben verpulverd. Want meestal komen we niet veel verder dan een stuk of twintig, maximaal dertig overvliegende gierzwaluwen. Werkelijk een gemiste kans!

Wil je meer weten van deze gierende halve maantjes, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=52

dinsdag 18 juli 2017

Boomvalkje zoeken.

Oranjepolder, thuisbasis van de boomvalken
Nog maar net terug van vakantie, lonkte de Oranjepolder al. Ik moest er even naar toe, hond aangelijnd en lopen maar, even kijken hoe het erbij staat. Ook al zijn we maar twee weken weggeweest, de Oranjepolder was flink gegroeid. Niet dat de polder groter was geworden maar de gewassen waren flink gegroeid, zo stond maïs zomaar op twee meter en dat was twee weken geleden zeker een half metertje lager. Eigenlijk is de polder door al dat groen juist kleiner geworden, het is maar hoe je het bekijkt.

Boven mij vlogen volop gierzwaluwen en twee hele grote halve manen. Gierzwaluwen zijn ook van die halve maantjes die hoog door de lucht kunnen zweven net als boomvalken dat ook kunnen. Boomvalken hebben een vergelijkbaar silhouet. Niet veel later zaten ze een stuk lager en hoorde je de roep. De roep van de boomvalk die al vanaf 2010 hier in dit deel van de polder te horen is. Het is een laatbloeier als je dat zo mag noemen. Pas vanaf mei zijn ze weer volop in het land en beginnen ze aan hun broedseizoen, op een moment dat de meeste vogels hun eerste ronde alweer afgesloten hebben.

De boomvalken beginnen dus in mei-juni en soms pas in juli met hun broedseizoen. De jongen zijn tegen eind augustus vliegvlug en hebben dan nog een ruime maand de tijd om alle vaardigheden aan te leren. Niet veel later beginnen ook zij aan de lange tocht naar het zuiden. Ze verlaten vanaf eind augustus tot ver in september via Spanje, Europa. De laatste keer dat ik het nest van de boomvalk had ontdekt leverde dat legsel een jonge boomvalk op. Ik ben erg benieuwd of deze vogel die Oosterhout als geboorteplaats in zijn paspoort heeft staan nog leeft en of deze vogel al eens in de Oranjepolder is terug geweest?

Het is nu zaak, op de komende dagen goed op te letten in welk deel van de polder de boomvalken rondhangen en met wat geluk vind ik de nestplaats en kan ik net als een paar jaar geleden goed in de gaten houden of de boomvalken voor nageslacht hebben gezorgd.

Wil je meer weten van deze snelle libellenjager, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=19

vrijdag 14 juli 2017

Valt er wat te spotten?

spotvogel(natuurwereld.be)
De spotvogel is een serieuze zangvogel. Je moet echt geluk hebben om deze imitator van formaat te treffen. Het is in Nederland een algemeen voorkomende broedvogel maar is erg dun gezaaid. Het was daarom vanmorgen dan ook een verrassing om er een in de Gecombineerde Willemspolder te horen. Deze mannetjes spotvogel zong zijn lied in de bosjes bij het oude gemaaltje aan het eind van de Groenendijk. Ik was vanmorgen om half zes op pad gegaan om in alle stilte en rust door de polder te lopen. Lekker alleen en genieten van de vogels en andere verrassingen zoals reeën, hazen en konijnen want die zitten er ook. Alleen de vos miste ik deze ochtend en eigenlijk is dat meestal zo.

De spotvogel herkende ik niet direct omdat ik hem te weinig hoor en zijn lied niet in mijn "bovenste laatje" van bekende vogelgeluiden heb liggen. Ik wist vrijwel direct dat het om een bosrietzanger of spotvogel ging. Maar de bosriet is toch teveel rietzanger en de spotvogel is wat dat betreft trager met zijn lied en imitaties. Ik heb er vlot een kwartier aan besteed om naar zijn lied te luisteren en op een gegeven moment kreeg ik hem zelfs even in beeld toen hij vlak voor mijn neus langs vloog. Het lied heeft een onuitwisbare indruk achtergelaten en ik denk dat ik dit geluid de volgende keer direct zal herkennen.

spotvogel(vogelbescherming)
rechts naast het oude gemaaltje
Dat de vogel in dit deel van de polder te vinden is, is niet gek want de voorwaarden die de spotvogel aan zijn broedbiotoop stelt, zijn hier ideaal. Open agrarisch gebied met aan de randen hagen, bosschages en struwelen, genoeg ruimte om te nestelen en veilig te broeden. De vogel lijkt vanwege zijn hoekige voorhoofd erg op de grasmus,  alleen qua silhouet dan. Daar waar de grasmus witte en grijze delen heeft, is dat bij de spotvogel licht geel. De zang van die twee komt overigens in het geheel niet overeen. We kunnen nog maar een paar weken van zijn aanwezigheid genieten, want begin augustus zijn ze alweer op weg naar Afrika

Wil je meer weten van deze bijzondere na-aper, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=207

dinsdag 11 juli 2017

De smid aan het werk.

de smid in hoogst eigen persoon
Smeden, dat doet de zanglijster op zijn manier. Een zanglijster naast ons vakantiehuisje heeft een randje van het asfaltweggetje in gebruik ge-nomen om de gevangen slakken open te breken. Hij heeft er zogezegd zijn smidse ingericht. Zanglijsters zijn net als veel andere vogels erg handig geworden om lekkere hapjes te pakken te krijgen.

Zo zagen we dat meeuwen mosselen en oesters van aanzienlijke hoogte naar beneden laten vallen om zo de schalen te breken, kauwen die afgelopen winter bij ons in de tuin de vetbollen en pindanetjes die aan de touwtjes hingen om-
"de smidse"
hoog trokken om bij het lekkers te komen en vergeet het puttertje van Vermeer niet. Deze putter is handig genoeg gebleken om zijn "emmertje" met water op te takelen om zo bij een slokje water te kunnen komen. En zijn er waarschijnlijk nog veel meer voorbeelden.

huisjesslak
Zo zijn er tal van vogels die allerlei handigheidjes hebben aangeleerd om aan voedsel te komen. De grote hongingspeurder spant wat dat betreft de kroon. Deze vogel leeft in Afrika en waarschuwt mensen, de Massai in dit geval, als hij een bijennest met honingraten heeft gevonden. De Massaï begrepen deze vogel goed en gaven bij elke vondst de vogel een honingraat als beloning. En zo levert deze samenwerking een hele mooie win win situatie op.

Dat hoeft bij de zanglijster allemaal niet te doen. Die is handig genoeg van zichzelf en lost zijn problemen zelf op en heeft ons daar dus helemaal niet bij nodig. "Onze" lijster heeft overigens een wat eenzijdig voedingspatroon. Als ik de lege schalen bij de smidse bekijk, zijn het allemaal huisjesslakken die op de menukaart hebben gestaan.

Niet verkeerd als je het mij vraagt en ik zou er wat voor over hebben om deze lijster bij mij in de tuin te hebben. Deze natuurlijke slakkerverdelger zou mij een grote dienst kunnen bewijzen. Veel van onze grootbladige planten zijn ernstig aangevreten door deze huisjesslakken en die vragen er, als je het mij vraagt, om verdelgt te worden....... door de zanglijster.

Wil je meer weten van deze groene tuinier, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=254

vrijdag 7 juli 2017

Zagen zagen.

Middelste zaagbek bij de Brouwersdam(2016)
Heel af en toe kom je wat bijzonders tegen. Gisteren had ik zo'n toevallige, bijzondere ont-moeting met een gezinnetje middelste zaag- bekken. Middelste zaagbekken kom je vrijwel uitsluitend aan de kust tegen en zeer sporadisch in het binnenland. Het zijn vogels die van het zoute water houden en niet veel op hebben met zoet water. Daar heb je vooral in de winter eerder te maken met de grote zaagbek, maar die zijn nu in de zomermaanden niet in Nederland te vinden.
De middelste zaagbekken die je in deze periode tegenkomt, zijn wat zeldzame overzomerende vogels die voor de kust dobberen en dan met name in de buurt van de Delta. Zie je deze vogels in deze tijd in zoet- of brakwater dan is er wat aan de hand en dat was dus ook zo.

Ik zag namelijk een koppel met 2 jonge zaag- bekken. Dit koppel middelste zaagbekken heeft dus gebroed in de Koudenhoek bij Ouddorp en het bijzondere is dat er maar zo'n zestig broedparen middelste zaagbekken in Nederland zijn. Het is in Nederland een zeer schaarse broedvogel. De jonge zaagbekjes waren een kwart kleiner dan hun ouders en lijken erg op hun moeder, weinig kleur en vooral bruin van kleur. Dat was dus een zeer bijzondere ontmoeting en ik ben er weer blij mee.

broedlocaties in de Delta

Middelste zaagbekken leggen soms tot twaalf eieren en wat dat betreft was dit koppel met twee uitgevlogen jongen niet erg succesvol. Mogelijk hebben ze met predatie te maken gehad want het nest wordt in het veld, vlak naast het water gebouwd en de Koudenhoek is verder vrij open waar bijvoorbeeld een vos, prima kan rondkomen. Ze broeden pas sinds 1977 in Nederland en de broedpopulatie groeit dus erg langzaam maar dat is beter dan niets.

Van de middelste zaagbek wordt gezegd dat het de snelst vliegende vogel is, in horizontale vlucht wel te verstaan. De zaagbek haalt dan 129 km/u en dat is naar mijn idee een veel grotere prestatie dan de snelle duik- vlucht van de slechtvalk die over de tweehonderd km/u kan halen maar dan helpt de zwaartekracht een handje. Een middelste zaagbek moet deze snelheid dus op geheel eigen kracht bereiken en daar kan de slechtvalk dan toch maar mooi een puntje aan zuigen.

Wil je meer weten van deze gevederde kruisraket, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=145

dinsdag 4 juli 2017

Ravenbeksbeen.


linksboven het ravenbeksbeen of coracoïd
De titel doet vermoeden dat ik het over een raaf ga hebben, maar niets is minder waar. Het ravenbeksbeen of coracoïd is een onderdeel van het skelet van een vogel en om precies te zijn maakt dit bot deel uit van het schouder/vleugel- gewricht van een vogel. Alle gewervelde dieren hebben een ravenbeksbeen met uitzondering van buideldieren en placentadieren(waaronder de mens) Bij mensen is het ravenbeksbeen vergroeid in het schouderblad.

foto van het ravensbekbeen
Dat het ravenbeksbeen in dit stukje staat, heeft te maken met mijn strandvondst in Ouddorp. Ouddorp ligt op Goeree Overflakee en het strand van mijn vondst ligt tegenover de tweede Maasvlakte. De tweede Maasvlakte is een jaren geleden opgespoten zandvlakte waarop de overslagbedrijven zich inmiddels gevestigd hebben. Met dat opspuiten van deze vlakte is de zeebodem flink in beroering gebracht en heeft veel fossielen naar de oppervlakte gebracht.

Zo ook mijn prehistorische ravenbeksbeen, wat een paar dagen geleden aanspoelde op het strand. Zoals het er nu naar uitziet, zou dit bot ongeveer 80.000 tot 120.000 jaar oud kunnen zijn. De diersoort kan ik niet bepalen, het kan een kleine dinosaurus of grote vogel of vis zijn. Om hier meer duidelijkheid over te krijgen heb ik mijn vondst aangemeld bij de "Port of Rotterdam", op de site, "oervondstchecker". Hier worden alle aangemelde fossielen door een expert van BOOR, de archeologische dienst van de gemeente Rotterdam, het Natuurhistorisch Museum Rotterdam of de Werkgroep Pleistocene Zoogdieren beoordeeld.

walgvogel ook kermisgans
Ik hoop dat het een bot van een vogel is, want dat is mij als vogelaar, toch heel wat waard. Een bot van een oervogel bezitten. Dat doet me gelijk denken aan het dodo bot van Boudewijn Büch. Ik ben er net zo blij mee. Als de leeftijd een beetje klopt is dit bot uit dezelfde tijd als die dodo, alleen de dodo leefde alleen op Mauritius en heeft het zelfs tot de zeventiende eeuw volgehouden. Toen is de laatste dodo door menselijk toedoen uitgestorven.

De dodo is een echte pechvogel, zijn bijnaam was walgvogel omdat hij vies smaakte en er zijn alleen wat botten bewaard gebleven. Er is niet eens een opgezet exemplaar of een stel veren van overgebleven. Jammer want het lijkt mij juist een gezellige dikkerd die ik graag met zijn ravenbeksbotjes bij ons door de tuin zou hebben willen zien scharrelen.

vrijdag 30 juni 2017

Lefgozers.

een paar jonge eksters in de Oranjepolder
Een alledaagse en ook bijzondere vogel, de ekster. Alledaags omdat je ze op elk moment van de dag wel ergens in de buurt rond ziet hangen en bijzonder vanwege zijn mooie kleur en glans en zeker bijzonder door zijn gedrag. Over dat bijzondere gedrag van de ekster kan ik twee sterke staaltjes lef van de afgelopen week beschrijven.

Vlak bij de voetbalclub scharrelt altijd een flinke groep jongelingen rond. Deze groep van een stuk of vijftien eksters kun je hier elke dag zien en vooral ook horen. Ze roepen constant naar elkaar en vliegen elkaar ook regelmatig in de haren of liever gezegd veren. Maar soms verenigen ze hun krachten om het zo maar eens te noemen. Op een avond zaten zeven eksters rond een flinke rode kater, ze daagden hem uit, hipten om hem heen en naderden het rode gevaar op minder dan een meter. De kat was duidelijk niet op zijn gemak en keek behoedzaam naar zijn belagers maar durfde niets te doen. De eksters waren in het geheel niet bang en hielden dit spelletje langer vol dan de kat. Een mooi voorbeeld van samenwerken tussen vogels en hoe het aantalsoverwicht handig werd uitgebuit..

Een tweede bijzondere waarneming van de ekster maakte ik thuis mee, gewoon vanaf de bank in de woonkamer. Onze hond lag languit, zich rustig houdend vanwege de hitte, op de vloer toen ik het geluid hoorde wat ik altijd hoor als hij staat te eten. Wat gerammel van zijn brokjes in zijn bak. Maar deze keer geen hond die staat te eten, nee, het was een ekster die de brokjes meenam. Waarschijnlijk naar de jonge eksters bij ons op het plein. Daar zie ik elke dag dat de jonge ekster gevoerd worden. Ik zette de bak verder binnen in de keuken maar ook die angst werd door de ekster snel overwonnen. De ekster liep gewoon de keuken binnen en propte zijn snavel vol brokken en wandelde vrolijk naar buiten. Dat bleef hij doen totdat de bak leeg was. Onze hond, een jachthond, maakte voor de zoveelste keer zijn naam niet waar, maar verder is het een lieve hond.

Deze twee voorbeelden van lef van de ekster geven mooi aan hoe een vogel in een oprukkende verstedelijking zich kan aanpassen en er het maximale voordeel uit weet te halen en weet te overleven. Nee, die ekster hoeft zich geen zorgen te maken, die redt het hier, zeker in stedelijke gebieden, wel.

Wil je meer weten van deze onverschrokken en brutale buurtbewoner, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=40

dinsdag 27 juni 2017

Appelvink in de polder?

In het weekblad van Oosterhout las ik dat de visarend over de Oranjepolder was gevlogen en droomde ik ervan dat ik deze bijzondere vogel ook nog een keer aan mijn lijstje van "Vogels in de Oranjepolder" kon toevoegen. Twee dagen later had ik geluk en kon ik ook een andere nieuwe soort noteren, weliswaar geen visarend maar wel een appelvink. De appelvink zag ik in de IVN Natuurtuin aan de Domeinweg.

Op zich geen gekke plek maar aangezien de natuurtuin maar een postzegeltje is in dit voornamelijk agrarische gebied, is de aanwezigheid van een appelvink niet alledaags. Hij zat onder de lindeboom en was erg op zijn gemak. Ik was even van mijn stuk gebracht en terwijl ik naar hem zat te kijken twijfelde ik zelfs even aan mijn waarneming maar er was geen twijfel mogelijk, het was honderd procent zeker, met zijn groffe driehoekige snavel en strenge blik, een appelvink.

Appelvinken zijn voornamelijk te vinden in dichte hoge loofbomen en komen niet vaak op de grond. Nou deze appelvink in de Oranjepolder zat dus onder de lindeboom op de grond te foerageren. Op de agrarische kleigrond, terwijl ze dus voornamelijk op zandgronden voorkomen en daar ook broeden. Ze foerageren voornamelijk op zaden en bessen en soms ook op insecten.

Deze kleine ondernemer was dus de wereld aan het verkennen en moet zeker niet teleurgesteld zijn geweest.  Ik kom ze eigenlijk alleen in de bossen van Surae en de Biesbosch tegen en dan niet eens vaak. Elke keer als er een zie is er een klein juichmomentje. Ik heb het nog even nagekeken en deze appelvink was voor mij de derde van dit jaar.

Wil je meer weten van deze voor west Brabant bijzondere vink, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=3


vrijdag 23 juni 2017

Wie is de sjaak?


biddende torenvalk in de oranjepolder
Daar waar de sperwer hier in de wijk de vogeltjes achterna sjeest en vangt, is de torenvalk een heel andere jager. Hangend of biddend in de lucht zoekt hij zijn prooi op de grond. Meestal muizen en als die er niet genoeg zijn, kan een vogeltje gerust eens achterom of omhoog kijken, want dan staat een vogeltje ook op het menu. De torenvalk zal een vogeltje nooit in de lucht of in de vlucht te grazen nemen maar vrijwel altijd op de grond en dat is dus het verschil met de sperwer.
 
Zojuist zag ik boven onze tuin zo'n sperwer overvliegen, ze zat hoog, en dat het een ze was kon ik zien door het formaat. Veel groter dan een torenvalk en groter dan een mannetje sperwer. Ze had het formaat van een kleine buizerd en een mannetje havik. Met die laatste is de sperwer hoog in de lucht makkelijk te verwarren.

overvliegende vrouwtjes sperwer
Ik zag door mijn verrekijker de lichtbruine tekening op de borst en dat gaf voor mij de doorslag. Een sperwer heeft wel die kleuring op de borst en de havik in het geheel niet. Die is lichtgrijs tot bijna wit op de borst. De jachtmethode verschilt dus ook met de torenvalk maar ook met die van de havik.

Een havik is gebouwd voor de jacht in de bossen, compacte brede vleugels, wendbaar en voorzien van een goed roer, de staart, en die is lang en recht en zorgt voor een strakke sturing. Dat heeft de sperwer ook maar dan in een wat kleinere uitvoering en de sperwer heeft zijn jachtgebied wat dichter bij de mens gekozen.

Een sperwer is in de woonwijk behoorlijk onopvallende vogel en heeft wat weg van een houtduif die voorbij schiet. De sperwer kan door zijn wendbaarheid veel vogels verrassen, door tussen de huizen door te vliegen en onverwacht toe te slaan. Je ziet dat hij in de wijk is geweest als ergens weer eens een hoopje veren onder de boom, schutting of dakrand ligt. De sperwer betrappen is een ander verhaal, daar moet je echt geluk bij hebben. Vaak slaat hij in alle vroegte toe, als de wijk nog in relatieve rust is.

goed (vlieg)beeld van de verschillende roofvogels
Het is ons een keer gebeurd dat een sperwer in onze tuin een mus te pakken nam. Een bruut schouwspel, de mus, gillend voor zijn leven, werd in stukken gereten en stierf een pijnlijke dood. De sperwer wist wel raad met dit lekkere hapje en in no time was er niets meer van over dan het eerder genoemde hoopje veren. Ik moest hieraan denken toen ik vanmiddag op het juiste moment omhoog keek en de sluwe jager over zag vliegen en ik dacht..........

             Wie is vanmiddag de sjaak?

dinsdag 20 juni 2017

Geschiedenis geschreven

vandaag, 20 juni  koppel visarenden
 op het  boomnest
Sinds vorig jaar ben ik met grote regelmaat in de Biesbosch in de buurt van het nest van de visarend te vinden. Fascinerend om van zo dichtbij mee te maken dat een bijzondere vogelsoort zich hier, voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis, vestigt. Afgelopen jaar is de eerste jonge visarend ooit geboren en uitgevlogen, dit jaar is hetzelfde boomnest opnieuw de basis van nieuw visarendgeluk. Maar alsof dat nog niet genoeg is, wat verderop zit een tweede koppel op een hoogspanningsmast te broeden.

Mijn roofvogelboek, "Roofvogels van Nederland", uitgegeven door de KNNV is met deze bijzondere gebeurtenissen achterhaald. Het hoofdstuk "Visarend(pandion haliaetus)", begint met de zin; De visarend broedt niet in Nederland. Dat moet nu dus veranderd worden in; De visarend broedt sinds 2016 in Nederland.

het bewuste visarenden bericht
Ik vind het echt bijzonder om van deze belangrijke ontwikkeling in de vogelwereld mee te kunnen genieten. En alsof het nog niet genoeg is, en daarom kwam ik ook op dit onderwerp, las ik in het weekblad van Oosterhout dat de visarend ook boven de Oranjepolder richting de Slotbosse toren heeft gevlogen en daar op de foto is gezet door een paar oplettende vogelaars. En wat zou ik deze waarneming in de Oranjepolder graag zelf willen doen en de soort aan mijn lijstje van "vogels in de Oranjepolder" toevoegen. Wellicht gaat dat nog een keer gebeuren want het tweede nest op de hoogspanningsmast bij het spaarbekken De Gijster, ligt niet ver over de Amer in de Biesbosch.

Hemelsbreed is Oosterhout en de Oranjepolder maar een paar kilometer vliegen. Een peulenschil voor de machtige visarend, slechts een paar ferme vleugelslagen en als hij niet oppast schiet hij ons zomaar voorbij.
2016, visarend in de Biesbosch
Deze week ga ik weer even bij het boomnest langs, de jongen zijn al flink gegroeid en met wat geluk zie ik ze boven de rand van het nest uitkomen en vang ik een glimp van ze op. Als dat lukt heb ik alle tot nu toe in Nederland geboren jonge visarenden gezien. Niet gek toch, het zou wat zijn als ik dat ook van de houtduif kon zeggen.

Wil je meer weten van deze bijzondere nieuwe broedvogel van Nederland, klik dan op de link;

https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=234

vrijdag 16 juni 2017

De tweede ronde.

door een kraai leeggegeten ei?
Veel vogels hebben dit voorjaar voor nageslacht gezorgd. Er zijn weer ontzettend veel eieren gelegd en daarvan is maar een fractie overgebleven. Heel veel eieren worden geroofd door vossen, marters, wezels of door vogels zoals kraaien en eksters of worden door verstoring niet uitgebroed. Maar dat is nu eenmaal de natuur en daar is goed mee te leven. En het is maar goed ook dat niet alles uitvliegt want zou het wel erg druk in de tuin, park of polder zijn.

Ik heb meer moeite met ingrijpen door mensen zoals dat bij ons in de Willemspolder is gebeurd. Daar hebben eierrovers 22 kievitsnesten leeggehaald, een kwalijke zaak. Er gaan verschillende verhalen de ronde, ze worden gebruikt voor consumptie of worden uitgebroed voor de handel. Ik weet niet wat hiervan moet denken maar de teleurstelling bij het zien van al die lege nesten was in ieder geval groot.

leeggeroofde nest van een meerkoet
Ik zie nu in de polder dat her en der vogels aan de tweede broedronde zijn begonnen. De meerkoet in de plas naast de voetbalvereniging heeft in een veldje watergentiaan weer een mooi drijvend nest gebouwd en ook deze meerkoet ontkwam er deze ochtend niet aan, de eieren zijn geroofd en leeggegeten. Zo te zien heeft een kraai of ekster zijn maag goed gevuld. Een vervolg van deze broedpoging zit er volgens mij niet meer in. Volgend jaar een nieuwe ronde met nieuwe kansen.

Maar om terug te komen op de hoeveelheid gelegde eieren, in onze tuin en aangrenzende tuinen, worden door heggemussen, houtduiven, merels, koolmezen, pimpelmezen, eksters, kauwen en tortels eieren gelegd. Wat meer naar de rand van de wijk, vinken, groenlingen, zwartkoppen, tjiftjafs, groene en bonte spechten etc. etc. Bij elkaar in een legronde al gauw meer dan zestig eieren, niet gering dus. Neem dat aantal maal een, twee en soms wel drie broedrondes en je hebt het al gauw over meer dan honderd eieren. uiteindelijk mogen we blij zijn als de helft uitvliegt en van dat aantal zullen er ook maar heel weinig overblijven en zelf voor nageslacht gaan zorgen. Als je er goed over nadenkt is dat voor vogels een erg stressvolle en wrede tijd in plaats van een hele blije tijd.

dinsdag 13 juni 2017

Bange buizerds?

2015, jonge buizerd in de polder
Zaterdagavond was de tweede keer dat ik in de Oranjepolder meerdere buizerds zag. Ik had eerder die week maar liefst vier vlak bij elkaar omhoog schroevende buizerds gezien. Volop roepend naar elkaar en het was duidelijk dat ze iets met elkaar te maken hadden, ze bleven de hele tijd bij elkaar in de buurt. Ik vermoed zomaar dat het een ouder koppel was met twee jonge buizerds. Zo te zien nog niet zo lang geleden uitgevlogen en nog niet met het lef en onverschrokkenheid die oudere vogels laten zien. Die laten zich niet zomaar verjagen en maken zich niet erg druk om kraaien, kieviten of eksters.

Afgelopen zaterdag zagen we zo'n jonge buizerd vastberaden naar de Millenniumplas vliegen en hij was net het Kromgat overgevlogen, toen hij onderschept werd door een paar kraaien die het er duidelijk niet mee eens waren dat de buizerd in hun gebied kwam. En verrassend snel liet de geïntimideerde buizerd zich op andere gedachten brengen, draaide om en vloog terug naar een van de drie bomen die aan de Kromgatweg staan.

Op zondagochtend liep ik wederom in die hoek van de polder en zag opnieuw de buizerds vliegen en ook nu werd de boom, een oude populier als uitvalsbasis gebruikt. Ik zag de buizerds vanuit de boom naar de hoogspanningsmasten vliegen, landen op de hoogste sport en vandaar weer terug naar de boom vliegen. Het kan bijna niet anders dan dat deze boom een nest jonge buizerds heeft voortgebracht.

De oude nestboom die in het afgelopen najaar bij de trainingsvelden bij SCO is omgezaagd, heeft dus hoogstwaarschijnlijk een opvolger gekregen. Deze oude hazelaar werd in opdracht van de Gemeente omgezaagd omdat hij teveel licht wegnam voor de lagere begroeiing eromheen. Straks, als al het blad er in de herfst vanaf is, zullen we het weten en moeten we de resten van het oude nest kunnen zien.

zondag 11 juni 2017

Blauwborst zingt weer.

De laatste jaren hoor en zie ik regelmatig een paar blauwborsten in de Oranjepolder. Meestal in het gebied tussen de Domeinweg en de Statendamweg en het gebied rond de waterzuiveringsinstallatie. De oude rietstrook in het half natte deel achter de Domeinweg is relatief rustig te noemen. Rustig omdat er niemand door dat gebied loopt maar oorverdovend lawaaierig door het vele verkeer dat over de Statendamweg van en naar de A59 rijdt. Het lawaai is soms zo erg dat ik de vogels niet meer kan horen zingen.

perfect blauwborstengebied
Ik pak daarom soms mijn momentjes om eens te luisteren wat er zoal zit en zo ontdekte ik daar alweer een paar jaar geleden blauwborsten, bosrietzangers, kleine karekiet, groene specht en torenvalken om maar eens wat te noemen. De blauwborst van vanmorgen zat aan de andere kant van de polder, zeg maar een kilometertje of twee oostwaarts. Op de grens van een grasakker en een maisakker, gescheiden door een smal slootje, hoorde ik het "vliegwieltje" keer op keer aanslaan. langzaam opbouwende zang naar een wat onsamenhangend gebrabbel op het eind. Hij hield het goed vol en had het daar duidelijk goed naar de zin. Kan me amper voorstellen dat hij met die herrie daar een vrouwtje naartoe gelokt krijgt.

Dat de blauwborst eind mei zit te zingen heeft te maken met de tweede legronde. De eerst legronde is alweer anderhalve maand geleden en die jongen zij nu inmiddels zelfstandig. Ook in de Biesbosch zag ik afgelopen weekend de eerste tekenen van de tweede leg, daar zag ik een zingende blauwborst en een blauwborst in de weer met nestmateriaal. In de tussenliggende tijd is het erg rustig geweest en heb je ze amper of helemaal niet gehoord. We kunnen nu nog even genieten van de zang want over een paar weken is het echt afgelopen en zit het broedseizoen van de blauwborst er op.

Wil je meer weten van deze tropische verrassing in onze polder, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/?vogel=8