vrijdag 27 april 2018

De snorrende sprinkhaanzanger.

sprinkhaanzanger zingt uit volle borst
De gele rietkragen die je nu overal nog ziet, worden de komende weken overwoekerd door de jonge frisgroene scheuten van dit jaar. Maar dat oude riet is erg waardevol. Er zijn namelijk redelijk wat vogels die met name van dat overjarige riet houden. Jammer genoeg missen we bij ons in de Oranjepolder die oude robuuste rietkragen. Het kleine stukje oud riet zie je alleen nog achter de volkstuintjes aan de Domeinweg. En daar zit dan ook de blauwborst en af en toe ook een kleine karekiet.

Bij Hooge Zwaluwe ligt de Zonzeelse polder, een gebied dat beheerd wordt door Het Brabants Landschap en daar kun je de brede overjarige rietkragen nog volop zien. Daar liep ik een paar dagen geleden en zag zoals verwacht blauwborsten, rietzangers en rietgorzen.

Maar wat ik niet direct verwachtte, waren de snor, die het liefst aan de buitenkant of de "natte" kant zit, en de sprinkhaanzanger die weer aan de andere, "droge" kant van het riet zit. Het ratelende geluidje hoor je al van verre en dan is het even goed speuren tussen de riethalmen om het beestje te zien zingen.

leefgebied van snorren en in de randen
van de sprinkhaanzangers  
Niet alleen de locatie van de vogels bepaalt met wie je te maken hebt, ook de toonhoogte van de zang van een snor en sprinkhaanzanger maakt dat je het verschil goed kunt onder-scheiden.

Zij zingen vergelijkbaar maar zitten nooit in elkaars gebiedje. De snor klinkt wat lager en de zang is wat ronder van klank terwijl de sprinkhaanzanger wat scheller of blikkeriger klinkt. Het vraagt wat ervaring maar dan is het verder ook makkelijk om ze te onderscheiden.

Beide vogelsoorten zitten dus vlakbij elkaar in de Zonzeelse polder en dat is prettig om ze te vergelijken en te leren kennen.

Wil je meer weten van de sprinkhaanzanger, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/ sprinkhaanzanger

dinsdag 24 april 2018

Witgat in het Kromgat.

witgatje(tringa ochropus) 
Een ongewone bezoeker langs Het Kromgat vanmorgen, een witgatje. Een witgat is een steltloper die graag langs de oevers van waterpartijen naar voedsel scharrelt. Je kunt ze echt overal tegenkomen, van de leemputten in de Boswachterij Dorst tot de ondiepe stroompjes in de Biesbosch en sinds vandaag ook langs de regenwaterafvoer Het Kromgat.

Al het overtollige regenwater uit de wijk wordt de polder, via Het Kromgat, uitgemalen. Daardoor staat er altijd wat trek op het stroompje en dat is niet iets waar een witgatje de voorkeur aan geeft. Hij of zij houdt meer van plasjes, moerassen en zelfs van natte bossen.

Het is ook nog eens een steltloper die in bomen nestelt en niet als de kieviten en scholeksters op de grond in akkers en weilanden. Al met al een bijzondere vogel voor de Oranjepolder te noemen.

waar Het Kromgat overgaat in De Donge.
Het is een onopvallende donker gekleurde steltloper die, als je hem ziet, opvalt door het steeds opwippende achterste. De vogel is behoorlijk schuw en vliegt makkelijk op en dat is dan weer wel fijn want dan zie je hem tenminste. De witte stuit is dan opvallende en heel herkenbaar. Daarom had ik hem vanmorgen ook zo makkelijk in de smiezen.

Een witgatje is geen Nederlandse broedvogel en is dus slechts een doortrekker. Dit witgatje zal dus, na wat foerageren in onze regio, doorvliegen naar het oosten of noorden. Het dichtstbijzijnde broedgebied ligt over de grens in Duitsland. De laatste witgatjes zijn over een paar weken vertrokken en dan zien we ze deze zomer niet meer. Ik vermoed dat de eerste pas weer in september ons land bezoeken als ze op weg zijn naar het zuiden om te overwinteren.

Wil je meer weten van deze doortrekkende bezoeker, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/witgat

donderdag 19 april 2018

Blauwborst laat van zich horen.

blauwborst mannetje
Een echte Biesboschvogel en de laatste jaren zeker ook een Oranjepoldervogel is de blauwborst. Een echte rietzanger die wel houdt van wat ouder of overjarig riet. Tijdens de laatste twee broedvogel inventarisaties(BMP) in de Biesbosch zijn de aan-tallen blauwborsten weer aanzienlijk.

Vermoedelijk is de toename van het aantal blauwborsten in de oude rietpolders in de Biesbosch te danken aan de herstelwerkzaamheden van de klepduikers. Het waterpeil is weer hoger, en het oude riet met hier en daar een struikje is ideaal voor deze zangertjes.

In de Oranjepolder zijn de leefomstandigheden voor blauwborsten weer een stuk anders. Geen robuuste, natte, oude rietvelden maar wat drogere rietkragen die van tijd tot tijd ook nog eens gemaaid worden. Toch zie en hoor je hier met enige regelmaat een blauwborst zingen.

Rond de zandopslag bij de waterzuiveringsinstallatie en achter de volkstuintjes liggen wat rietplakkaten die door de blauwborsten goedgekeurd zijn. Het zijn geen toevalstreffers want ik zie en hoor ze hier nu alweer enkele jaren achtereen. De omgevingsfactoren moeten kloppen om tot broeden te komen en blijkbaar voldoet dit gebied aan de minimale eisen.

In de oude rietpolders in de Biesbosch zijn de leefomstandigheden in mijn ogen veel idealer. Met name de rustfactor lijkt mij bepalend en die heb je daar maximaal. Dat kun je van de Oranjepolder niet zeggen, met name de agrariërs die regelmatig de boel op zijn kop zetten en de toenemende recreatiedruk in ons gebiedje is niet gering.

Wil je meer weten van deze prachtig gekleurde rietvogel, klik dan op;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/blauwborst

dinsdag 17 april 2018

Vogels tellen mee.

Noorderplaat Biesbosch
In deze periode worden de broed-vogels in de Biesbosch met een vaste regelmaat geïnventariseerd. Een hele interessante tijd waar je de "binnenkomst" van veel zang-vogels mee kunt maken.

En met binnenkomst bedoel ik zangvogels die na een lange en gevaarlijke tocht uit Afrika terugkeren naar de broed-gebieden. In de Biesbosch heb je een paar van die rietpolders waar veel vogels samenkomen om te broeden.

De rietgors en rietzanger zijn zowat de eerste die je daar in grote aantallen kunt horen, vrij kort daarna, ruim twee weken, hoor je blauwborsten en snorren. Kleine karekieten komen weer wat later die hoor je nu nog niet of zo eens een enkeling. Over een paar weken is het gezang in het riet bijna oorverdovend en zit alles uit volle borst te zingen.

roerdomp, iets minder
zeldzaam
zeldzaam porseleinhoen
Soms maak je iets bijzonders mee, roepende baardmannetjes, een over-vliegende visarend en een "hoempende" roerdomp. Maar afgelopen vrijdag maakte ik iets uitzonderlijks mee, er zat niet ver weg, het zal een metertje of 20 zijn geweest, een porseleinhoen te roepen.

Het geluid is zo anders dan andere rallen, want hij behoort tot de familie van de rallen. Het geluid lijkt nog het meest op een zweepslag die steeds een aantal keren wordt herhaald. Na een korte pauze worden de zweepslagen weer herhaald, onmiskenbaar het porseleinhoen en niet te verwarren met de andere rallen.

Heel bijzonder om mee te maken en een kers op de taart die het vroeg opstaan volledig goed maakt. Want dat is overigens wel een voorwaarde om het porseleinhoen te horen, het is nog vrijwel donker als je daar in die natte rietpolder rondloopt. Een uur later hoor je hem niet meer.

Wil je meer weten van deze ral die op de rode lijst staat, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/porseleinhoen

donderdag 12 april 2018

ooievaars

Afgelopen woensdag
3 september 2017 in de Oranjepolder
Of het nu vogels waren die nog op trek waren of vogels waren die nog niet broeden en gewoon wat rondvlogen weet ik niet. Afgelopen woensdagochtend vroeg kwamen ze laag overgevlogen en landden zelfs vlak achter mij in het eerste weiland van de Oranjepolder.

Twee on-geringde ooievaars doe ook direct in het gras begonnen te pikken, ze leken wel uitgehongerd. Veel ooievaars zijn al aan het broeden maar de ooievaars op weg naar het noorden, broeden een stuk later dan de Hollandse vogels. Ook wel logisch want in het noorden begint het voorjaar en dus ook het broedseizoen een paar weken later.

Maar hoe kom je daar nu achter? De meeste noordelijke ooievaars trekken via de Bosporus naar het noorden, dus wie zijn dit dan geweest?
In de afgelopen weken trekken vrijwel dagelijks kraanvogels en ooievaars over Nederland. De kraanvogels komen dit jaar ook behoorlijk westelijk over en zijn regelmatig in de Biesbosch te zien. Maar die trek moet eerdaags toch wel voorbij zijn want anders wordt het broedseizoen in het noorden wel heel erg kort.

De najaarstrek van de ooievaars van het afgelopen najaar hebben we in de Oranjepolder ook mooi mee kunnen maken. Op drie september kwamen maar liefst 19 ooievaars in de Oranjepolder foerageren. Niet schuw en redelijk benaderbaar lieten ze zich fotograferen. De twee van deze week waren alweer weg toen ik weer terug in de polder was.

Wil je meer weten van deze statige poldervogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/ooievaar

dinsdag 10 april 2018

Echtpaar buizerd.


links, vrouwtje en rechts, mannetje buizerd
De twee buizerds in de Oranjepolder  hebben het goed naar de zin. Beide vogels zitten in de nestboom of vliegen in de buurt rond, elkaar goed in de gaten houdend.

Het is overduidelijk een koppel en zo te zien mogen ze elkaar graag. Het mannetje vloog op een ochtend naar het nest en had volgens mij een prooi voor het vrouwtje bij. Zij vloog haar man achterna en landde ook op het nest, er werd wat gefladderd, en naar elkaar geroepen waarna het mannetje wat verderop op een tak toekeek hoe het vrouwtje het cadeau op at.
Toen ik dat tafereeltje zo gadesloeg, viel mijn oog op een tweetal ringmussen die aan de onderkant van het buizerd nest druk heen en weer vlogen. Zou dit een tweede geval van commensalisme zijn?

De ringmus profiteert van de aanwezigheid en bescherming van de buizerd en kan zo zonder enige bedreiging in deze boom gaan nestelen. De buizerd heeft hier geen last van en gedoogt de zogenaamde profiteurs.

samen op een tak
Daar leek het dan op maar het is onwaar-schijnlijk omdat ringmussen graag in los kolonieverband broeden. Het zal denk ik om insecten gaan, een makkelijke maaltijd bij elkaar sprokkelen in een nog vrij koude periode.

Niet veel verder, hemelsbreed vijfhonderd meter, broedt een tweede koppel buizerds. Zij hebben het bosje tussen de voetbalvelden van SCO geclaimd. Hun territorium grenst aan dezelfde weilanden waar het echtpaar van hierboven heerst. Grensconflicten zijn mij nog niet opgevallen maar ik zou er niet van staan te kijken als ze elkaar nog eens in de veren vliegen.

Wordt dus zeker nog een keer vervolgd.



donderdag 5 april 2018

Weidevogelinventarisaties.


Noordwaard

De eerste Weidevogelinventarisatie in de Noordwaard, Biesbosch, is weer achter de rug. De Keizersguldenwaard, wat voor mij een geheel nieuw gebied is, was vandaag aan de beurt. Niet helemaal onbekend voor mij, alleen heb ik hier nog niet eerder geïnventariseerd.

Het was even zoeken naar het beste overzicht en het voorkomen van dubbeltellingen maar er was goed uit te komen. Ik had niet gedacht dat we nog zoveel weidevogels en verschillende soorten zouden zien. Een echte meevaller dus.
mannetje zomertaling

Het hoogtepunt was toch wel de prachtige zomertaling die zich van achter een laag dijkje steeds even liet zien. Veldleeuweriken en graspiepers lieten zich goed horen, tureluurtjes die in het halfhoge gras heen en weer schoten alsof ze verscholen achter graspollen onzichtbaar probeerden te zijn. Redelijk wat koppels slobeenden die paarsgewijs aan de oevers ineengedoken zaten te rusten om straks fit genoeg aan het broedseizoen te beginnen. Her en der een koppeltje scholeksters en een verdwaalde gele kwik, nou ja, verdwaald, deze vogel hoort hier gewoon thuis maar het is een vroege waarneming in deze tijd van het jaar.

mannetje zomertaling in de
avondzon
En dan natuurlijk de topper van de polder, de kievit. Daarvan zitten zeker 20 broedparen verspreid in het gebied. Van een paar kieviten heb ik het vermoeden dat de vogels al zaten te broeden, ze zaten op de grond en bleven onbeweeglijk zitten. Veel andere vogels lopen heen en weer of baltsen in de lucht maar deze kieviten niet. Daarom denk ik dat deze vogels al op eieren zaten.

De grote groep van meer dan dertig kluten zie ik nog niet zo direct in dit gebied gaan broeden maar vorig hebben kluten wel in de Noordwaard gebroed alleen niet in dit deel. Vorig jaar werd wel op het eilandje in de Hardenhoek gebroed, dus mogelijk vertrekken deze vogels nog naar dat gebied en wordt hier alleen maar gefoerageerd.

Wil je meer weten van de weidvogels, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/over-ons/standpunten/standpunt-weidevogels

maandag 2 april 2018

De roeken zijn geteld!

 Een roekenkolonie in aanbouw.
Hier in onze regio worden deze week weer alle roekenkolonies geteld. Voor mij zijn dat in en rond Oosterhout inmiddels 15 roekenkolonies. Het lijkt alsof er meer kolonies bijkomen maar ik zie ook dat de kolonies kleiner zijn. Zeg maar dat de grote kolonies uit elkaar vallen of opsplitsen in kleinere groepen.

Hemelsbreed zitten ze heus niet ver van elkaar en ik weet vrijwel zeker dat de bewoners van de diverse kolonies elkaar tijdens het foerageren ook regelmatig ontmoeten. Dus overstappen of verhuizen naar een andere familie zal zeker wel eens gebeuren. Dat lijkt mij ook goed om inteelt te voorkomen en zo blijft de soort ook sterk.

De grote kolonies zijn kleiner geworden en dat zijn de kolonies aan de Statendamweg(bij de Gamma), de kolonie aan de Waspikseweg en de kolonie bij Knooppunt Hooipolder. Deze drie grote kolonies zijn echt een stuk kleiner geworden. Bij elkaar zitten daar nu 29 broedparen minder.

Maar wat ook opvalt is dat er nu zomaar drie kolonies bijgekomen zijn. Het zijn drie kleine kolonies van respectievelijk zijn 21, 18 en 12 nesten groot en op deze locaties heb ik de afgelopen zes jaar niet eerder een roekenkolonie gezien.

Als je de aantallen kolonies van de afgelopen jaren met elkaar vergelijkt zie je dat de aantallen redelijk stabiel blijven.

Een kolonie is geheel verlaten, maar ongeveer hetzelfde aantal nesten is nu in de Kerklaan van Raamsdonk neergestreken. Het zou dus kunnen dat deze kolonie verkast is naar een wat rustigere plaats, want deze kolonie zat tot vorig jaar langs de A59 bij Raamsdonk. Hoe zou dat dan werken, is er in de hiërarchie van de kolonie een roek die de knopen doorhakt? Of is het een collectief besluit om elders te gaan broeden of is er dan toch een opperroek, een soort burgemeester of teamleider die dat bepaald heeft?

Dat is toch leuk om over na te denken. Het is volgens ook net zo iets als een groep spreeuwen die door de lucht scheert, er is niet een specifieke spreeuw die dat bepaalt maar de groep die gezamenlijk en tegelijkertijd een keuze maakt.

Wil je meer weten van kolonievogels, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/roek

vrijdag 30 maart 2018

Buizerds en eksters, vrienden?

geel=buizerdnest, groen=eksternest
Toen ik vorige week de strijd tussen de nijlganzen en de buizerd op haar nest gadesloeg, zag ik dat in de dezelfde boom, een metertje of vier hoger een eksterpaar ook een nest had gebouwd. Deze eksters zijn dus niet bang van de buizerd en nemen toch een zeker risico dat de buizerd het over enige tijd wel eens voorzien kan hebben op de jonge ekstertjes. De jonge buizerdjes moeten straks ook eten.

Van de andere kant zou het dus ook wel eens een slimmig-heidje van de eksters kunnen zijn. Als je weleens naar de nesten van een ekster kijkt dan zie je een immens bouwwerk, veel groter dan nodig en heel vaak ook met een afdak erboven. Dat dak is niet om lekker uit de wind of regen te zitten maar om de kraaien uit het nest te houden. Want vergis je niet, die kraaien maken nogal wat slachtoffers in de vogelwereld door nesten leeg te roven. Eieren en jonge vogeltjes staan de komende maanden hoog bovenaan op het menu van de kraai.
vrouwtje, rechtsboven op het nest

Nu zijn kraaien en buizerds geen vrienden en je ziet ze dan ook altijd ruziën. Kraaien pesten de buizerd door schijnaanvallen uit te voeren en ze doen erg veel moeite om de buizerd uit hun gebied te verdrijven.

Dus ik dacht zomaar dat dit eksterkoppel wel eens gebruik zou kunnen maken van de bescherming van de buizerd. Lekker dichtbij een nest bouwen en je verder geen zorgen maken om de kraaien in de buurt. Als de kraaien ook maar in de buurt van het nest durven te komen, zal de buizerd de aanval kiezen en net als de nijlganzen, ook de kraaien verjagen en op veilige afstand houden.

Het mannetje is altijd in de buurt.
Deze samenwerkingsvorm wordt met een mooi woord ook wel commensalisme genoemd. De ene partij, in dit geval de ekster, profiteert van de andere partij, waarbij de gastheer, de buizerd geen nadeel ondervindt. Een mooie samenwerking en daar is nu, zolang er nog geen blad aan de boom zit, volop van te genieten.

Twee bomen in een verder vrijwel kale polder met de strijd tussen nijlganzen en de buizerd, de ekster die weer van diezelfde buizerd profiteert, de loerende kraaien die op afstand worden gehouden en de dikke wat dommige houtduiven die daar tussendoor fladderen. Het is een complexe leefsituatie op micro niveau.

Wil je meer weten van de meest voorkomende roofvogel van Nederland, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/buizerd

dinsdag 27 maart 2018

Buizerds belaagd

 
In de linkse boom zit het bewuste nest
In de Oranjepolder broeden een paar koppels buizerds, ver genoeg uit elkaar zodat er maar weinig ruzie wordt gemaakt. Maar ik zag afgelopen week toch buizerds ruzie maken, vlak bij het nest wat vorig jaar ook door een koppel buizerds gebruikt is. Ik zag een vogel op het nest zitten en daar vlak naast wat gerommel in de dichte takken van de nestboom.

Het bleek geen ruzie tussen buizerds te zijn maar een ruzie tussen een koppel buizerds en een nijlgans. De nijlgans zat op het nest en probeerde de buizerds van het lijf te houden.

Die nijlgans moet je overigens niet onderschatten want de nijlgans staat er om bekend dat hij nogal agressief is. Er zijn nogal wat vogels die plaats moeten maken als de nijlgans zijn zinnen heeft gezet op een boomnest.

een van de buizerds die in de Oranjepolder rondhangt
Je zou het niet zeggen maar de nijlgans broedt in een boom en de jongen springen dus van een flinke hoogte gewoon naar beneden. Dat is trouwens niet ongebruikelijk in de eenden- en ganzen wereld. Denk maar eens aan de brilduiker en de brandgans, die presteren hetzelfde. De brandgans is helemaal een stuntvogel, de jongen springen van steile rotswanden naar beneden en waggelen na de harde landing gewoon naar het water.

Maar terug naar onze buizerd, die had het dus zogezegd verre van makkelijk. Het is een vogel die amper wat te duchten heeft en vrijwel geen angst kent. Andere vogels zoals eksters en kraaien vallen hem wel lastig maar hij trekt zich daar maar weinig van aan. Hij heeft alleen wat te duchten van ons en onze auto's.

Dus dit moet wel een hele bijzondere gewaarwording voor hem zijn geweest, een gans zonder scherpe snavel of klauwen die het aandurft om een grote roofvogel voor de voeten te lopen. Leuk om deze strijd gade te slaan en die exoot van een nijlgans die ik niet echt waardeer, heeft met deze actie, van mij toch weer wat meer respect gekregen.

Wil je meer weten van de nijlgans, maar dat kan ik niet geloven, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/nijlgans

vrijdag 23 maart 2018

Roodborsttapuit.

Vorige maand zag ik de eerste roodborsttapuit, niet hier in de Oranjepolder, maar in Zeeland. Ze kwamen dus al terug uit zuid Europa waar ze de winter doorgebracht hadden en vanaf dat moment lette ik in de Oranjepolder goed op.

Bij ons in de polder broeden namelijk al jaren twee, drie paartjes roodborsttapuiten, waarvan een koppeltje in de greppel tegenover de ijsbaan van IJSO. Afgelopen jaar heb ik geen goed zicht gehad op de voortgang van dit broedgevalletje maar in 2016 heb ik ze goed gevolgd.

vrouwtje roodborsttapuit
In april 2016 was het eerste legsel succesvol, drie jongen vlogen uit en je kon de polder niet inkomen of je hoorde de hele familie alarmeren. De jongen zaten graag in het zonnetje op de omheining van de ijsbaan en waren zich niet bewust van enig gevaar. De ouders waren des te angstig en probeerden je met hun getik, want zo klinkt het alarmgeluidje van de roodborsttapuit, af te leiden.

De roodborsttapuit is een broedvogel van de weides op de zandgronden en houdt ook van wat struikgewas. Niets van deze voorkeur zie je bij ons in de polder terug maar dat maakt ze dus niets uit. Op de een of andere manier is dit gebied toch interessant voor ze. Het nest wordt op of dichtbij de grond gemaakt. Ze zitten met name graag in de slootkant en daar gebeurt meestal maar weinig.

Jammer genoeg zijn in de Oranjepolder heel wat weidepaaltjes en prikkeldraad door de boeren opgeruimd en daar zitten ze juist graag op. Een uitkijkpost of zangpost hebben ze echt nodig om duidelijk te maken dat ze er zitten. Niet voor ons maar voor andere roodborsttapuiten.

Wil je meer weten van deze kleine poldervogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/roodborsttapuit

dinsdag 20 maart 2018

Grutto's gearriveerd.

de grutto's in de Muggenwaard denken maar aan een ding...... eten, eten, eten.
Alweer een paar weken arriveren plukjes grutto's in de Noordwaard en dan specifiek in de Muggenwaard. Dit grote natte gebied aan de noordkant van de Biesbosch is inmiddels een van de belangrijkste slaap- en foerageergebieden voor grutto's van Nederland. Aan het eind van de dag verzamelen de grutto's zich hier in een enorme groep en foerageren ze wat ze kunnen. Er zijn dagen dat meer dan 4.000 grutto's in de Noordwaard slapen en eten. Aansterken van de lange tocht van wel 5.000 kilometer die ze in een dag of vier, vijf afleggen naar Nederland. Ze steken de Sahara in een keer over en vliegen met een gemiddelde snelheid van 70 kilometer per uur naar Nederland.

uitgehongerd hebben ze alleen maar oog voor het bodemleven.
Eenmaal aangekomen in Nederland moeten ze aansterken om aan het broedseizoen te kunnen beginnen. Broeden doen ze niet bij ons in de Noordwaard maar in Noord Holland, het Groene Hart en natuurlijk in het grutto bolwerk van Nederland, Friesland.

Als je de grutto's zo bezig ziet, kop in het water en af en toe even adem- halen, snap je wel dat deze tocht heel veel energie gekost heeft. Zonder deze grote slikplaten met rijk bodemleven is het voor de grutto's heel lastig om te overleven. De aantallen grutto's gaan toch al razendsnel achteruit en zijn er nog maar een kleine 30.000 broedparen over. Dat waren er een paar jaar geleden nog 120.000.

Wat misschien niet iedereen weet, is dat 90% van alle grutto's, zeg maar gerust de wereldpopulatie, in Nederland broedt. Wij zijn dus verantwoordelijk voor het voortbestaan van onze nationale vogel, want dat istie ook nog eens. De Grutto, de nationale vogel van Nederland, die wij gerust laten creperen. Toch een beetje jammer zo.

Wil je meer weten van deze steeds schaarser wordende Nederlandse broedvogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/grutto

vrijdag 16 maart 2018

Boerenslimheid.

een vroege maartse ochtend in de Oranjepolder, vlakbij de Millenniumplas
Er zijn nog altijd van die boeren die maar niet met rare oude gewoontes van vroeger kunnen breken. Een oude gewoonte, want een oude traditie wil ik het niet noemen, is het in een akker ophangen van een paar dode kraaien om zo de kraaien uit een pas ingezaaide akker te houden. Iedereen weet dat dat gewoonweg niet werkt.

Zijn de boeren haantje de voorste als er een manier te vinden is om aan extra geld te komen, rommelen met de veestapel boekhouding, illegaal mest dumpen of noem maar wat op waar makkelijk geld mee te verdienen is en ze zijn er bij. Zeg maar dat ze altijd openstaan voor "vernieuwingen".

een onnodig gestorven kraai
Wat die boeren onderschatten, is de intelligentie van een kraai, die hou je echt niet voor de gek. Een kraai zal misschien even de kat uit de boom kijken, maar is er al heel snel achter dat die dode soortgenoot, bungelend aan een touwtje, geen gevaar meer vormt. De boer is uit het zicht verdwenen en dan is het al gauw weer goed voor de kraai en gaat hij op onderzoek uit. De gemorste zaden heeft hij zo gevonden en ook de houtduiven volgen dan snel en wordt de akker schoongeveegd.

Ook een gaskanon dat om de paar minuten een oorverdovende knal geeft, vogelverschrikkers in het veld, vliegers in de vorm van een roofvogel, zilverpapier aan een stokje, noem het maar op, niets werkt. Daar zijn die kraaien gewoonweg te slim voor, die hebben alles zo door.

Hoe komt het toch dat een boer dat niet in de gaten heeft en doorgaat met deze onnozele bestrijdingsmethode? Ik vind het jammer voor die dode kraaien en een trieste aanblik en niet meer van deze tijd.

Steeds meer boeren beginnen er ook iets van te snappen en sluiten zich aan bij een Agrarische Natuur Vereniging en daar is geen plaats voor dit gedrag, Alhoewel ik ook altijd weer denk, als een boer meedoet, wat zit daar dan achter? Veel boeren gaan plat gezegd voor het geld en zullen ook hier weer zoeken naar de eerder genoemde "vernieuwingen". Niet voor niets zijn 25% van alle miljonairs in Nederland veehouders.

maandag 12 maart 2018

Hoog bezoek in de Oranjepolder

winterse aanblik van de Oranjepolder
Hoog bezoek in de Oranjepolder, dat kun je van de jagende mannetjes blauwe kiekendief wel zeggen. Want normaal gesproken laten deze roofvogels de Oranjepolder links liggen. Onze polder is net iets te klein en misschien zelfs te "schraal" voor deze jager. Elke winter doen ze de Gecombineerde Willemspolder wel aan en verblijven ze daar ook enige tijd.

Maar dan heb je het ook over een polder die een keer of drie groter is en wat volgens mij het allerbelangrijkste is, dat in de Willems-polder geen "recreatiedruk" is. Dit is nog echt agrarisch gebied terwijl de Oranjepolder ook een uitgestrekt wandel-, hondenuitlaat-, hardloop- en fietsgebied is. De Oranjepolder grenst naadloos tegen de wijk Dommelbergen aan en is ook nog eens verkeersluw, er lopen geen doorgaande verkeerswegen doorheen.
jagende blauwe kiekendief
De blauwe kiekendief van een paar dagen geleden was net als op de foto bijna wit met een lichtblauw zweem op het verenpakket, de handpennen zagen er in het vroege ochtendlicht extra zwart uit. Het leken wel vingers, klaar om de eerste beste muis die zijn kop boven de wit bevroren grassprieten uitstak, vast te grijpen. Traag danste deze man laag over de velden en dat is nou precies wat een blauwe kiek hoort te doen, een beetje in de vleugels hangen, waardoor er altijd een soort "V" te zien is.

2017 blauwe kiek in de Willemspolder
Op de een of andere manier valt deze vogel altijd direct op. Nooit maar dan ook nooit te verwarren met de meeuwen die hier ook altijd rondvliegen. Vrijwel direct valt mijn oog op deze vogel en herken ik hem ook gelijk. En deze keer was dat dus in de Oranjepolder, de bonus van de ochtend kun je wel zeggen.

De blauwe kiekendief zal binnenkort wel weer noord- en oostwaarts vliegen want ook hij zal aan het broedseizoen in Scandinavië, het oosten van Europa tot in noord Rusland mee willen doen.

Wil je meer weten van de "vorstelijke" verschijning, klik dan op de link; https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/blauwe-kiekendief

vrijdag 9 maart 2018

Kleine zwanen naar huis.

de laatste kleine zwaan op 22 februari van dit jaar.
Vanmorgen, acht maart, liep ik door de Gecombineerde Willemspolder en ik had nog de stille hoop een paar kleine zwanen te zien. Maar helaas, of eigenlijk moet ik gewoon blij zijn dat de kleine zwanen de winter hier weer probleemloos hebben doorgebracht, waren de zwanen vertrokken. Ze hebben hier de hele winter flink gewerkt aan een goede conditie om de lange terugreis weer aan te kunnen.

Dit jaar was het aantal jonge zwanen weer minder dan de jaren ervoor. Wat moet dat dan toch worden met deze wintergast. Elk jaar dus minder en minder zwanen bij ons op bezoek en dat kan om verschillende redenen zijn.

De mildere winters die ook in het noorden een stuk zachter zijn waardoor daar ook voldoende voedsel beschikbaar is. En wat echt erg zou zijn, is dat er steeds minder jonge aanwas is, waardoor de populatie steeds kleiner wordt.

de rand van de winterse Willemspolder
Van de grote groep kleine zwanen waar ik vorig jaar de halsbanden van heb af kunnen lezen is een groot deel niet eens naar Nederland gekomen. de meeste zijn in Duitsland, Osterode Niedersachsen en in Finland, Tohmajärvi Asema gebleven. Ook goed want dat scheelt weer heel wat kilometers minder vliegen.

Dat de aantallen hier afnemen door de eerst genoemde mogelijke reden, is niet erg alleen maar jammer te noemen omdat we dan steeds minder van de aanwezigheid van kleine zwanen hier kunnen genieten. De tweede reden en dat is helaas de realiteit, nemen de aantal steeds verder af en komt de soort behoorlijk onder druk te staan. Een mogelijke oplossing of beschermingsmaatregel die ervoor zorgt dat de aantellen weer toenemen, heb ik nog nergens kunnen terugvinden.

Laten we hopen dat de wetenschappers die druk met het analyseren van de ringgegevens en GPS data bezig zijn een duurzame oplossing voor de toekomst weten te vinden.

Wil je meer weten van deze sneeuwwitte verschijning met gele snavel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kleine-zwaan