vrijdag 13 juli 2018

Slangenarend in De Kroon.

zo mooi had ik hem niet verwacht
Op de Biesbosch app kwam een spectaculair berichtje binnen. Zondag namiddag was daar een slangenarend gezien. In de polders De Kroon en De Zalm, een grote, vrij kale vlakte met weinig struiken en alleen bomen aan de randen, daar was hij gezien. Een roofvogel die hier echt niet thuis hoort en daarom ook veel vraagtekens opriep. De foto op waarneming.nl bood uitsluitsel en de waarneming van deze bijzondere bezoeker werd daarmee bevestigd.

Normaal gesproken spring ik bij een bijzondere waar-neming niet gelijk in de auto en om dat wel te doen moet het wel heel bijzonder zijn en ook nog eens een soort zijn die mij iets zegt of aanspreekt. Voor de zwartkoprietzanger, die vorig jaar toch een week bij de polder Maltha rondhing, deed ik dat ook niet.

Dat doe ik voor deze slangenarend dus wel. De volgende dag werd deze imposante verschijning opnieuw gemeld en wilde ik hem toch graag met eigen ogen zien. Op de app kwam met regelmaat een foto en plaatsaanduiding voorbij
slangenarend speurend naar een prooi
dus het beest opsporen zou geen probleem zijn. Het gebied is mij heel goed bekend en er zijn maar een paar wegen die door dit gebied lopen. Ja, en zo'n bijzondere vogel trekt meer vogelaars aan dus was het zoeken niet meer dan kijken waar een groepje auto's geparkeerd stond.

Bij het gemaaltje bij de Ganzenwei stond een hele rij auto's en op het gemaal stond een mannetje of vijf, zes. Daar moet hij dus rondhangen en dat deed hij dus letterlijk. Hoog in de lucht hing de slangenarend boven het gebied, soms biddend en speurend naar een prooi dan weer zwevend naar een nieuwe stek.

Slangen worden hier niet gevangen maar wel kikkers en kleine zoogdieren. Met regelmaat viel hij als een steen uit de lucht en steeg na verloop van tijd weer op. Op een moment is hij anderhalf uur aan de grond gebleven en dat zou dus kunnen duiden op een prooi die wat groter is, een klein zoogdier of zo.

Maar wat een imposante verschijning is dit, de bruine kiekendief die even nieuwsgierig met hem opvloog, viel bijna in het niet. De slangenarend is zeker anderhalf keer zo groot en negeerde de kiekendief volledig. Dat beest is ver beneden zijn stand, nee, arenden dat zijn pas roofvogels en daarvan zitten nu dus drie soorten vlak bij elkaar, de visarend, de zee arend en nu dus ook een slangenarend. Ga vooral kijken!

Wil je meer weten van deze zeldzaamheid, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/slangenarend

dinsdag 10 juli 2018

Nachtzwaluw ruilen voor uilen.

 ransuil op wacht
De afgelopen weken is het onafgebroken zuid Europees warm, en genieten we van warme, zomerse avonden. En dan is dit dé periode dat nachtzwaluwen zingen of beter gezegd knorren want dat past beter bij het ratelende geluidje wat ze maken. Op het moment dat de schemer invalt beginnen ze te roepen en te vliegen. Ik had al een paar keer gehoord dat op de nieuw ontstane kapvlakten in de Boswachterij Dorst nachtzwaluwen waren gehoord en die wilde ik ook weer een keer horen.

Afgelopen vrijdagavond tegen half tien waren we in de Boswachterij en vonden een bos in rust. Het was er stil, geen wandelaars en amper nog zingende vogels. Een lijster en een roodborstje zongen nog een laatste slaapliedje en het werd donker. In deze tijd van het jaar met een heldere nacht wordt het niet echt donker en kun je toch verbazend veel zien. Je ogen wennen en passen zich aan en de verrekijker trekt nog wat extra licht naar binnen waardoor je een door het bos lopende ree prima kunt bekijken.

echt pikkedonker wordt het niet.
Maar na een paar uurtjes rondlopen en wachten werden we toch wat ongeduldig, zouden we al te laat in het seizoen zijn of zitten ze er dit jaar niet? Wel hoorden we een hoge, harde roep. Een korte heldere kreet die op de roep van een uil leek. Even checken op de telefoon en het bleek de roep van een jonge ransuil te zijn.

Mooi meegenomen want dat is geen alledaagse ontmoeting. Niet veel later hoorden we er twee tegelijk roepen en ze kwamen dichterbij, zelfs zo dichtbij dat ze vlak over ons heen vlogen en in de bomen om ons heen gingen zitten. Een paar keer roepen en de uilen vlogen weer naar de volgende boom en zo waren het er uiteindelijk een stuk of vijf die al roepend en vliegend voorbij kwamen.

Heel bijzonder om mee te maken en minstens zo leuk als een roepende nachtzwaluw in de Boswachterij Dorst vinden.

vrijdag 6 juli 2018

Boze buizerd

de open duinvallei bij Ouddorp
Afgelopen week was ik een beetje uit koers, niet in de Oranjepolder te vinden maar op en rond de stranden van Ouddorp. Mijn vroege ochtendwandeling liep ik daarom in de duinen van Goeree, vlak bij de Kwade hoek. Een prachtig uitgestrekte duinvallei met waterpartijen, struiken en vooral grote open, licht glooiende vlaktes. Ideaal voor veel vogels die normaal gesproken in heel verschillende biotopen voorkomen. Bijvoorbeeld de roerdomp en blauwborst met vlak daar in de buurt visdieven, zwartkopmeeuwen en overvliegende grote sternen.

dit jong lust wel een duifje
Aan de rand van de open vlakte staan wat eiken en vlieg-dennen en daarin huist een buizerdgezin. Ik had ze een paar weken eerder al gezien en die bewuste ochtend had de buizerd mij gezien. Van verre liet hij al horen dat hij mij gezien had en cirkelde op de thermiek mijn richting in. Het alarmroepje klonk harder en vaker en de buizerd had het duidelijk op mij voorzien. Het hele stuk dat ik langs de bomen, en langs het vermoedelijke nest of pas uitgevlogen jongen liep, volgde de buizerd mij.

Toen ik voor hem geen gevaar meer vormde, dook de buizerd en vloog werkelijk rakelings over mijn hoofd en hoorde ik een luid zoevend geluid. De vogel trok op in een steile boog omhoog, sloeg af naar rechts en verdween boven de bomen. Net zoals straaljagers dat in een "fly by" doen. Een machtig geluid en zicht en een serieuze waarschuwing aan mij om de volgende keer toch maar een andere route te kiezen.

De volgende dag zag ik een paar kilometer verderop ook een buizerd, die was niet bezig met mijn aanwezigheid maar wel met het jagen op een prooi. Dat had ik eerlijk gezegd ook nog nooit zo goed gezien. Een jonge houtduif moest er aan geloven en de moeder of vader houtduif deed nog een ultieme poging op het kind te redden maar dat was vergeefs. De buizerd nam dit malse hapje mee en vloog weg.

Maar dat was nog niet alles, diezelfde middag zag ik de buizerd weer, spiedend vanuit de lucht op zoek naar nog een prooi. En die prooi was snel gevonden, een duikvlucht het gras in en een jong konijntje was de sjaak en werd ook de lucht mee ingenomen. Ook deze buizerd heeft dus nog hongerige jongen. En wat een effectieve jager is deze buizerd toch, met ogenschijnlijk gemak werden twee flinke prooien op een dag gevangen.

Wil je meer weten van topjager, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/buizerd

dinsdag 3 juli 2018

A duck is watching you.

een spiedende eend?
Het moet niet gekker worden. Ik las een piep-klein artikeltje over een fobie. Nou zijn er vele fobieën, van veel voorkomende en bekende fobieën tot hele zeldzame fobieën. Zo'n hele zeldzame fobie die uit de vogelwereld komt is de fobie Anatidaefobie. Meestal neem ik fobieën serieus maar vanaf nu niet altijd meer.

Ik dacht eerst dat het om een flauwe grap ging maar niets is minder waar. Het is een echte erkende fobie, en schiet nog niet in de lach, die mensen kunnen hebben als ze "het gevoel hebben dat ze in de gaten gehouden worden door een eend".
Meestal heeft de persoon in kwestie als kind een traumatische ervaring met een eend gehad. De eend heeft je een keer gebeten of heeft je achterna gezeten en dat kan je dan op latere leeftijd nog steeds parten spelen. Je gelooft het niet maar sommige mensen kunnen zich ongemakkelijk voelen of misselijk worden of zelfs beginnen te transpireren wanneer ze geconfronteerd worden met hun grote angst, DE EEND.

Ik blijf het een gek verhaal vinden en kan me bij een eend alleen maar een gezellig waggelende en kwakende vogel inbeelden.
Een spinnen- of slangenfobie, ja daar kan ik me nog iets bij voorstellen maar een eenden fobie klinkt een beetje gek. En dat je door dit dier in de gaten wordt gehouden, gek toch?

........en als ze dan ook nog eens zo kijken........
Maar het bijzondere van dit verhaal is nu wel dat ik toch anders naar eenden kijk. Of beter gezegd, kijken de eenden nu anders naar mij, wat denken ze als ik voorbij loop? Houden ze mij nu ook al in de gaten of is het gewoon natuurlijk waakzaam gedrag. Nu begin ik toch een beetje te twijfelen, vooral aan mezelf.

Tip; kijk de komende tijd maar eens goed naar de eenden, maar ontwikkel dan geen fobie!



vrijdag 29 juni 2018

Grasmussen krassen verderop.

bloeiende koolzaadvelden in de Oranjepolder
Redelijk vroeg in het voorjaar komen de grasmussen terug naar ons land om te broeden. Ik heb er in maart in dit blog al een keer over geschreven. Ze kiezen dan vooral hun territorium in de struiken langs Het Kromgat. Dit jaar ontdekte ik daar 4 territoria en dat zijn een aantal minder dan voorgaande jaren. Ik schreef in maart ook al dat dat geen probleem is want landelijk gaat het al jaren erg goed met de grasmussen. De aantallen stijgen jaarlijks en dat is in deze tijd met veel problemen in de natuur uitzonderlijk.
grasmus in het uitgebloeide koolzaadveld
Maar wat mij dit jaar pas opvalt is dat de grasmussen na het grootgebrachte legsel, hun territorium verlaten en een ander gebied kiezen. Niet ver van de struiken langs het Kromgat, zitten de grasmussen meer in het open gebied van de Oranjepolder. Vlak bij de Otterweg zie en hoor ik dagelijks de grasmussen krassen. Ze zitten in de toppen van de koolzaadplanten en in de hoge kruiden in een akker naast de Kromgatweg,

Zeker vier grasmussen krassen en foerageren in dit open stukje polder waar de boeren weinig activiteit laten zien. Ze kiezen dus wel voor rust maar ook voor ruimte en dat is opvallend. Want de grasmussen die begin van dit broedseizoen nog in de struiken zaten, zijn dus nu verkast naar het bouwland, hemelsbreed nog geen honderd meter. Nu kiezen grasmussen normaal gesproken ook voor open land met hoge kruiden maar dat ze die voorkeur gedurende het seizoen aanpassen is nieuw voor mij.

De reden van deze verplaatsing snap ik nog niet, mogelijk dat de noodzaak om in april en mei in de struiken te zingen afneemt, naarmate het broedseizoen vordert. De vogels kunnen nu kiezen en dat was in april en mei nog niet mogelijk. Zo zie je maar dat goed opletten weer tot nieuwe inzichten leidt.

Wil je meer weten van deze krassende knarren, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/grasmus

dinsdag 26 juni 2018

Late steenuilen.

broedend steenuiltje aan de Provinciale weg
Je zou het niet zeggen maar in Oosteind leven op diverse plaatsen steenuilen en ook een enkele kerkuil. Het zijn echt uilen die de nabijheid van mensen opzoeken en voor ons maar zelden of nooit te zien zijn.

Ze houden erg van rommelige even, oude boomgaarden en schuurtjes. En die hebben ze in Oosteind al worden dat er ook steeds minder want veel "stadse" mensen kopen de oude boerderijen en knappen en ruimen die flink op. Uiltjes zijn zoals iedereen wel weet met name nachtdieren en die blijven overdag buiten beeld, steenuiltjes laten zich ook overdag wel zien en dan jagen ze ook.

De uilenwerkgroep van IVN Mark & Donge helpt de uilen in dit gebied waar mogelijk. Nestkasten ophangen en onderhouden en wat misschien wel het belangrijkste is, de mensen waar de uilen bij in de buurt zitten, informeren. Een goede voorlichting is hier het halve werk.

In juni worden alle nestkasten gecontroleerd. Er wordt gekeken of er jonge uilen en hoeveel jonge uilen er in de nestkast zitten. De verzamelde gegevens worden doorgegeven aan SOVON en besproken in de IVN Vogelwerkgroep. Ik was tijdens de jaarlijkse controle bij een van die nestkasten aan de Provinciale weg in Oosteind gaan kijken.

nestkast controle
Laat deze kast nou net in een eik hangen die ook nog eens vol zit met de eikenprocessierupsen. Uitkijken geblazen of je zit een week of langer met een fikse huidirritatie. In de kast zat een steenuil op eieren en dat is een zorgelijke constatering. Want in deze tijd van het jaar horen de eieren al lang en breed uitgebroed te zijn. De kans dat deze eieren uitkomen en de jongen uit zullen vliegen is uiterst klein.

Het is wel het beeld van dit jaar. Door de koude periode in maart zijn alle vogels later begonnen aan het broedseizoen. Als dat zo is hebben veel uilen een probleem. Maar stel dat het alsnog lukt, dan zouden uit dit nest drie jonge steenuilen uitvliegen. Binnenkort nog eens gaan kijken of er extra activiteit te zien is want dan moeten de uitjes aan de bak en volop prooien naar de kast brengen want die jonge beestjes hebben honger.

Wil je meer weten van het kleinste uiltje van Nederland, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/steenuil

vrijdag 22 juni 2018

Vissende zwarte sternen.

er werd volop vis gevangen
De zwarte stern is een stern van het binnenland. Alle andere sternen zijn vooral aan de kust te vinden en alleen de visdief zie je zowel aan de kust als in het binnenland. De zwarte stern is wat dat betreft ook echt anders, naast het verblijf in het binnenland is het verenpakket asgrijs naar bijna antraciet gekleurd. Alle andere sternen zijn spierwit.

Dit fraaie sterntje danst boven de lelie- en plompbladen op jacht naar een prooi, en af en toe zag ik ze een plotselinge duik maken, het heldere water in om vrijwel direct op te stijgen met een vers gevangen visje. Ik zag ze in de Oude Zederik bij Lexmond maar genoeg kleine visjes voor hun jongen vangen.
broedende zwarte stern
Daar broeden de zwarte sternen op, door mensen gemaakte, kunstmatige eilandjes. Vroeger toen deze nesthulpjes er nog niet waren, kozen de sternen graag voor de krabbenscheer-bedden die in het water dreven. Een krabbenscheerplant is een echte verlandingsplant en komt in moerasgebieden voor. Maar die zijn er steeds minder en minder in Nederland. Maar goed dat de sternen geholpen worden anders zag het er slecht voor ze uit.

Niet zo lang geleden sprak ik een oude boer uit Raamsdonk, hij was al ruim boven de tachtig, en hij sprak ook over zwarte sternen. Die zouden in een ver verleden ook in De Donge bij 's-Gravenmoer/Raamsdonk gebroed hebben. Daar zou ik ze niet verwachten want ik ken De Donge ook nog van voor de grote reinigingswerkzaamheden en de aanleg van het Noorder afwateringskanaal halverwege de zeventiger jaren en daarbij staat er in De Donge altijd een gestage stroming richting de grote rivieren en daar houden de krabbenscheren niet van.

Het was toen een inktzwart riviertje dat vooral de viezigheid van de leer- en schoenfabrieken uit Dongen moest vervoeren, richting de Oude Maas en Amer om uiteindelijk zo ongezuiverd en wel samen met nog veel meer viezigheid de zee in te stromen. Het leek mij onwaarschijnlijk dat de zwarte sternen dit destijds een aantrekkelijke leefomgeving hadden gevonden. Jammer dat de zwarte sternen niet meer in De Donge broeden, er liggen weliswaar geen krabbenscheervelden in het water maar wel grote gele plompbedden en die lijken mij ook stevige genoeg. Dus wie weet, komen ze ooit weer terug.

Wil je meer weten van deze donkere maar o zo mooie sterntjes, klik dan op de link;
 https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/zwarte-stern

dinsdag 19 juni 2018

Zomers nonnetje?

Half juni, het is bijna zomer en dan verwacht je geen wintergasten meer te zien. Maar dat kan heel onverwacht wel eens anders lopen. Afgelopen week, tijdens een weidevogel-inventarisatie in de Biesbosch zagen we een koppel nonnetjes zwemmen. Het zijn zogenaamde overzomeraars in plaats van overwinteraars want broeden doen ze hier niet. Wat de reden van hun verblijf hier is, weet ik niet.

Ik had al vaker gehoord dat er een vrouwtje nonnetje bij de polder Maltha rondzwom en dat doet ze ook alweer een paar jaar. Dit koppel zwom in de Muggenwaard, wel wat verder weg maar door de telescoop prima te bekijken.

het Biesbosch koppeltje van afgelopen week
Nu ik er zo over nadenk, kan ik mij goed herinneren dat afgelopen winter redelijk wat nonnetjes in onze telgebieden rondzwommen, meer dan andere jaren. Het kan ermee te maken hebben dat het voedselaanbod of weers-gesteldheid in hun broedgebieden ervoor zorgde dat ze massaal naar het zuiden getrokken waren of er zijn gewoon meer nonnetjes en gaat het goed met deze eend uit de zaagbekken familie. Hij wordt trouwens ook wel eens de kleine zaagbek genoemd.

Je zou het zo niet zeggen maar samen met de brilduiker, ook zo'n wintereendje zijn ze beiden familie van de zaagbekken. In ons land komen acht zaagbek familieleden voor en ook de eider, ijseend, grote en zwarte zee eend zijn familie van de grote en middelste zaagbek. De meeste soorten komen dus op zee voor.

Wil je meer weten van deze overzomeraars. klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/nonnetje


vrijdag 15 juni 2018

Geheimzinnige purperreigers.

laag overvliegende purperreiger in de Zouweboezem.
Van alle reigers die bij ons in Nederland voorkomen is de purperreiger de meest schuwe en meest lastigste reiger om te zien. Ze zitten meestal in een kolonie op een paar plekken in Nederland. De voor mij meest bekende kolonie is die in de Zouweboezem bij Lexmond. Een hele kleine kolonie hier in de buurt is de kolonie van slechts 9 nesten in het Aert Eloyenbosch in de Sliedrechtse Biesbosch.
Deze kolonie heb ik de afgelopen jaren een paar keer mogen bezoeken met als doel de nesten te tellen. Het zoeken van de nesten in het zeer dicht begroeide en modderige gebied van dit stukje Biesbosch is een ware "survival of the fittest" onderneming.

purperreiger op zoek naar prooi
Hier staan polsdikke wilgenstruiken zeer dicht op elkaar met op ooghoogte de purperreigernesten. Je kunt net in de nesten kijken of er eieren of jonge reigers inzitten. Al worstelend en klimmend beweeg je je voort, goed oplettend of je tussen de dichte begroeiing een nest kunt vinden. Het zicht in dit natte oerwoud is slechts enkele meters. Helaas kon ik er dit jaar niet bijzijn en dat spijt mij wel want het is zeker een unieke beleving.
purperreigernest

De kolonie hier heeft het zwaar en het zal mij benieuwen of die zal blijven bestaan. De echte grote kolonies bestaan uit 100 tot 200 nesten en die kunnen wat meer hebben. Zo'n grote groep bij elkaar versterkt alleen maar.

In de afgelopen veertig jaar blijft het aantal purperreigers in ons land met zo'n 850 broedparen wel stabiel. In de tussenliggende tijd is de populatie wel gedaald naar 200 broedparen maar heeft zich in de loop der jaren goed hersteld. Dat toont de veerkracht maar weer eens aan van deze soort, de dip die tot een dieptepunt van ongeveer 200 nesten leidde, is momenteel weer helemaal goedgemaakt.

Wil je meer weten van deze uitgesproken zomergast, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/purperreiger

dinsdag 12 juni 2018

De bende van 17 eksters.

het trainingsveld als ontbijttafel
Eksters zijn altijd heel vroeg met broeden, ze beginnen al in februari en zijn in de maand ervoor al druk met het bouwen van het enorme nest want dat kunnen ze. Grote nesten, hoog in de top van een boom met een dak erboven en vaak ook nog een reserve nest dicht in de buurt. Je weet maar nooit waar dat goed voor kan zijn. Dat betekent ook dat de jongen al vroeg in het voorjaar uitvliegen en dat kun je zo rond deze tijd ook goed zien. Die jongen zoeken elkaar op en verblijven de komende tijd in elkaars gezelschap.

Zo'n plek, waar je elk jaar een grote groep jongelingen bij elkaar kunt zien, is het trainingsveld van voetbalclub SCO. Aan de rand van de polder, omzoomd door elzen, essen en bramenstruiken. Dit jaar is de groep wat groter dan afgelopen jaar toen waren het 14 eksters en nu is de groep 17 exemplaren groot.

overal, verspreid op het veld, etende eksters
Met veel herrie en heen en weer vliegen trekken ze ongewild de aandacht. Ze doen mij altijd denken aan een bende boefjes, kwajongens. Een beetje knokken, wat schelden en elkaar achterna zitten. In de loop van de dag verspreid de groep zich door de buurt en zitten ze ook bij ons in de straat, op het dak en in de boom voor ons huis. Maar 's-morgens zitten ze allemaal samen, samen ontbijten op het voetbalveld.

Jonge eksters die nog geen partner hebben en nog geen eigen territorium of nest, blijven het eerste jaar en soms ook wel het jaar daarna samen. Pas na deze periode als ze geslachtsrijp zijn gaan ze uit elkaar en begint het echte leven. Dan breken serieuze tijden aan en is er weinig tijd om te spelen, dan wordt er echt geknokt om te overleven en kraaien weg te jagen

Wil je meer weten van deze bendeleden, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/ekster

vrijdag 8 juni 2018

Kwartels gearriveerd.


om 5.45 uur ontwaakt de Lage Vuchtpolder met roepende kwartels.
In de Lage Vuchtpolder, tussen Teteringen, Den Hout en Breda, is een mooi natuurgebied ontstaan. Natte natuur, waar met name de weidevogels erg van houden en daar heb ik deze week volop van genoten. Op een vroege ochtend vlogen de grutto's, scholeksters, kieviten en zelfs tureluurs alarmerend over mij heen. De kans dat ze mij daar weg wilden hebben omdat de jongen daar ergens rondliepen, was erg groot. Het was windstil en helemaal onbewolkt en dat zijn de ideale omstandigheden om vogels te spotten. Ook vielen de vele graspiepers op, ze zaten op paaltjes, op het weggetje en ik zag er ook met voedsel in de bek. Die hebben dus ook ergens jongen zitten.

verborgen levende kwartel in beeld
Maar de grootste verrassing was toch wel het roepen en dus de aanwezigheid van kwartels. En niet zomaar een kwartel, nee ik hoorde op verschillende plekken bij elkaar wel zes kwartels roepen. Zien is een ander verhaal want ze leven nogal verborgen en dat is in deze polder geen kunst.

Geen weides met raaigras maar kruidige weides die niet gemaaid worden en maar door kleine groepjes runderen begraasd worden. Volop schuil mogelijkheden voor de kwartel.


zo zien we ze niet graag.
Dit familielid van de fazant is maar een paar maanden in ons land. Hij komt hier om te broeden en is eind augustus alweer naar Afrika weggetrokken. En dat maakt de vogel zo kwetsbaar en zeldzaam want tijdens de trek sneuvelen nogal wat kwartels door de jacht die in het zuiden op ze gemaakt wordt. Veel kwartels eindigen op een bedje van beetgare groenten, krielaardappeltjes en worden de boutjes gegarneerd met een paar witte druifjes.

Met de ontwikkeling van de Lage Vuchtpolder is een broedkamer voor kwartels ontstaan. Hier zullen ongetwijfeld een flink aantal kwartels uitvliegen alleen ik hoop niet dat ze eind augustus rechtstreeks naar een keuken op Sardinië vliegen. Dat zou eeuwig zonde zijn van al die inspanningen om de natuur hier een handje te helpen. Nee wat mij betreft mag de kwartelstand elk jaar toe blijven nemen. Het geluid van de kwartelslag vergeet je niet snel en daar ga je erg snel aan wennen en van houden.

Wil je meer weten van dit verborgen levende familielid van de fazant, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kwartel

dinsdag 5 juni 2018

Flatgebouw voor oeverzwaluw.

oeverzwaluw in volle vlucht
Vorig jaar werden de werkzaamheden bij mineraalverwerker Sibelco in Geertruidenberg stilgelegd omdat oeverzwaluwen in een berg grond op het bedrijfsterrein hun nesten hadden gebouwd. Niet veel later werd besloten om de oeverzwaluw een handje te helpen door een grote oeverzwaluwwand op het bedrijfsterrein te bouwen. Achteraan op het terrein op de oever bij de splitsing van de oude Dongetak en de het Wilhelminakanaal verscheen een enorm betonnen bouwwerk, met zo'n honderd gaten die de oeverzwaluwen zelf verder moeten uitgraven om er een geschikte nestholte van te maken.

de net geplaatste oeverzwaluwwand

Een heel mooi initiatief waarvan je altijd maar moet afwachten of het iets gaat worden. Nou in dit geval hoef je daar niet lang over te twijfelen want de wand is vrijwel direct in gebruik genomen en grote aantallen oever-zwaluwen vliegen nu constant af en aan met voedsel voor de jongen die in de gangen van de wand in alle rust, beschermd op kunnen groeien.

ze ziet de bewoonde wand er nu uit
Want dat opgroeien ging in het verleden nogal eens mis omdat grondverzetbedrijven of aannemers het werk niet graag stilleggen en de zandhopen met bewoonde nesten en al op de schop de namen. Weg zwaluwen en weg legsels was het dan nogal eens.

Maar daar is nu een mooie veilige nestplaats voor teruggekomen en wat is het toch bijzonder dat vogels dat ook gelijk vinden en niet onbelangrijk, ook geschikt vinden. Je moet het maar willen, zo'n grijze saaie flat met allemaal dezelfde voordeurtjes? Voor de honderd koppels oeverzwaluwen maakt het dus niet veel uit als ze maar een nestgelegenheid hebben

Voor mij is het trouwens ook wel fijn, want nu kan ik op wandelafstand de oeverzwaluw zien, iets verderop zitten de huiszwaluwen onder een dakrand van een huis, gierzwaluwen gieren hoog boven onze wijk en in de polder zie ik regelmatig de boerenzwaluw achter insectjes aanjagen. Nee, wat zwaluwen spotten betreft heb ik niet te klagen.

vrijdag 1 juni 2018

Kauwenappartement bezet.

de jongen zijn net weer gevoerd.
Op het plein voor ons huis scharrelen elke dag eens stuk of zes kauwen rond. Ze zoeken naar voedsel en blijven meestal in elkaars buurt. Je kunt wel zien dat het koppels zijn. Ze blijven een heel leven bij elkaar en de koppels leven in een los kolonieverband bij elkaar in de buurt.

Maar wat ik nog niet eerder had gezien en dat ligt vooral aan mij, is dat ze ook bij elkaar in de buurt broeden. Ik heb daar eerlijk gezegd nog nooit eerder aandacht aan besteed. Ik ontdekte wel eens een nest in een schoorsteen van een huis in de wijk of bijvoorbeeld in de nestkast in de spouw van het gebouwtje van het IVN in de Oranjepolder. Daar werd dan de nestkast van de holenduiven tot aan de nok toe volgepropt met takken en de duiven werden fanatiek buiten de deur gehouden.
de kauwenflat zit vol

Langs de geluidswal van de A27 staat een lange rij populieren die jaren geleden flink gesnoeid zijn en een aantal van die bomen hebben deze drastische snoeibeurt niet overleefd en zijn afgestorven. Ze staan er nog en zijn flink onderhanden genomen door spechten en in die holtes huizen nu dus kauwen.

Vlak bij elkaar zitten een aantal nesten die de kauwen nu bewonen. Zo dicht bij elkaar dat ze al broedend een beetje stil moeten zijn om de buren niet te wekken. De tussenwandjes zijn maar dun en dan hoor je alles van elkaar.
De kauwen moeten soms echt moeite doen om de nestholte te betreden, ze zijn daarin opvallend behendig. Dus ze foerageren niet alleen als groep, ze broeden ook nog eens dicht bij elkaar en vertonen geen territoriaal gedrag.

Dat zie je vaak wel bij andere vogels en die dulden dan ook geen soortgenoten in hun nabijheid. Kijk maar eens naar merels en roodborstjes, die vechten er dan fanatiek op los, net zolang de indringer verdwenen is. Dat doen die kauwen dus niet, nee, kauwen zijn echte kolonievogels die niet alleen gezamenlijk foerageren maar ook samen broeden.

Wil je meer weten van deze sociale flatbewoner, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/kauw

dinsdag 29 mei 2018

Koekoek betrapt of niet?

koekoeken el dorado, De Donge met zijn brede rietkragen en rust
Deze periode, van begin mei tot half juni is de toptijd om een koekoek te horen en zien. Veel koekoeken vertrekken zodra de eieren in andermans nesten gelegd zijn en dat gebeurt dus in deze weken. Het viel mij de afgelopen weken op, dat elke keer als ik langs De Donge liep, er minstens twee koekoeken zaten te roepen.

jonge koekoek langs Het kromgat in de Oranjepolder
Langs De Donge staat een stevige rietkraag en daarin leven zeker acht kleine karekieten-koppels. Ik vermoed dat deze koekoeken de kleine karekiet als waardvogel hebben. Vorig jaar zag ik op deze plek nog dat een koekoek achterna gezeten werd door twee kleine karekieten. Zij was dus waarschijnlijk op heterdaad betrapt toen ze haar ei in het kleine karekietennestje wilde leggen.

Koekoeken kiezen de waardvogelsoort niet uit, maar zijn zelf ook door karekieten uitgebroed en opgevoed. De waardvogelsoort zit, zeg maar in de genen ingebakken. Er zijn koekoeken die hun eieren in nesten van heggenmussen, kleine karekieten, graspieper of kwikstaart leggen en ik verdenk deze koekoeken langs De Donge ervan hun eieren bij de kleine karekiet in het nest te leggen.

vrouwtjes koekoek
Afgelopen zaterdag zag ik op een heel andere plek, de duinen van Goeree, een koppel koekoeken. Het grijze mannetje en het mooi kastanjebruine vrouwtje. Ze hadden het druk met elkaar of kenden geen angst en naderden ons op een metertje of twintig, bleven rustig in een struik zitten en vlogen pas na enige tijd op. Niet eerder dan uitgebreid door ons bekeken te zijn.

Een zeldzame waarneming want de vrouwtjes koekoek is geen alledaagse verschijning. De kans dat je een mannetje ziet is een stuk groter want al roepend trekt hij de aandacht. En maar heel af en toe hoor je het vrouwtje "hinniken".

Wil je meer weten van deze geheimzinnige weidevogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/koekoek

vrijdag 25 mei 2018

Weer eens wat anders.

De Noorderplaat in oude glorie hersteld
Langzaamaan merk je de veranderingen in het van oudsher zoetwater getijdegebied, De Biesbosch. Ik kom hierop omdat ik een artikel las met alle geboekte "successen" van de afgelopen paar jaar. De belangrijkste verandering die tot grote successen heeft geleid, is wel het verhogen van het waterpeil in de oude rietpolders. Daarnaast zijn deze gebieden ook weer door drastisch snoei- en maaiwerk volledig "gerestaureerd", 

De geheel aan veranderingen is zo langzaam gegaan dat het voor mij bijna ongemerkt is gebeurd en vielen ze mij door de samenvatting in dat artikel ineens op. "Ja, verrek, dat is de afgelopen jaren inderdaad allemaal bereikt".

Denk dan bijvoorbeeld maar eens aan de Noordwaard die van agrarisch gebied getransformeerd is naar een "semi" natuurgebied waar ruimte voor de rivier de prioriteit heeft. Maar toch, dit inmiddels buitendijkse gebied heeft een enorme aantrekkingskracht op vogels en maakt de Biesbosch nog gevarieerder en vooral ook groter.

Voor mij springen een paar van die successen er echt uit en dat zijn de waarnemingen van een paar echt zeldzame vogels tijdens de broedvogelinventarisaties van dit voorjaar. Er worden in De Biesbosch met grote regelmaat zeer bijzondere vogels waargenomen, dwaalgasten, doortrekkers of vrij algemeen maar bijzonder voor de Biesbosch. Daar gaat het mij dus niet om, het gaat mij juist om de zeer zeldzame broedvogels die zich hier nu voor het eerst of opnieuw gevestigd hebben en van plan zijn hier te blijven.

kleinst waterhoen, niet gezien
alleen nog maar gehoord
Inmiddels kennen we allemaal de kranten- en televisieberichten van de succesvol broedende visarend en zeearend in de Biesbosch. Minder bekend en minder aantrekkelijk voor de media maar zeker niet minder belangrijk voor de Biesbosch, zijn de super verborgen levende rallen zoals het kleinst waterhoen en porseleinhoen. Deze twee zeldzaamheden, samen met een aantal teruggekeerde roerdompen, maken het restauratiewerk van de oude rietpolders compleet en tot een groot succes.

Heel eerlijk, zijn deze twee rallensoorten mij meer waard dan al die mooie waarnemingen van dwaalgasten, doortrekkers en al die andere bijzonderheden samen. Een grotere beloning, door de definitieve vestiging van deze vogels, is haast ondenkbaar.