dinsdag 29 maart 2022

Zomerroest of toch niet?

De eerste van de twee ransuilen
Van november tot februari zoeken ransuilen elkaar op, vaak in grotere familiegroepen en brengen dan samen de winter door. Zo'n boom wordt dan een roestboom genoemd en ik weet dat bij Almkerk in een wijk aan de rand van het dorp zo'n boom staat waar een tiental ransuilen overwintert. Vanaf februari trekken de ransuilen naar hun eigen broedgebied of territorium en zien hun familieleden dan een half jaartje niet. 

Nu kwam ik deze week in de Boswachterij Dorst een tweetal ransuilen tegen die samen in een grove den zaten. En ik vraag mij nu af of dit een koppel ransuilen is dat ergens in het bos gaat broeden of zijn dit gewoon twee ransuilen die nog te jong zijn om te broeden en deze boom als zomerroest hebben gekozen. Ook in de zomer kunnen ransuilen elkaar opzoeken en overdag samen slapen.

Nr. 2 een hele gezonde ransuil
Ik ontdekte geen nest in de boom en ook de bomen er omheen hadden geen nest in de takken zitten. Een oud kraaiennest is in het bos tegenwoordig goed te vinden want die kraaien nemen aardig toe in het bos. En dat is tevens een grote bedreiging voor al die andere bosvogels. Het zijn slimme rovers die precies weten wat er in het bos gaande is.

Voor deze twee ransuilen is dat denk nog niet aan de orde want het uilen broedseizoen is volgens mij toch al begonnen maar twijfelgevallen heb je natuurlijk altijd. Afgelopen jaar zaten in de Oranjepolder ook ransuilen en die jongen vlogen pas in juni uit. Deze ouders waren ook late starters, dus wie weet.

Stel dat dit een zomer roest is, dan maak ik mij wel zorgen omdat het er maar twee zijn. Dat zouden toch wel wat meer uilen moeten zijn die dat, als er niet gebroed wordt, doen? Even in de gaten houden dus.

Wil je meer weten van deze sterk bedreigde nachtvogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/ransuil

vrijdag 25 maart 2022

Genieten van de baardmees.

polder Ruwen Hennip
Het beeld van een groepje opvliegende baardmannetjes in het vroege ochtendlicht staat op mijn netvlies gebrand. In een trage vlucht van west naar oost, op geringe hoogte, staken de vijf baardmannetjes af tegen de ijle blauwe lucht als kleine oranje gloeilampjes. Prachtig om te zien, dansten ze voorbij. Een beeld om nooit meer te vergeten.

Dat je zo'n waarneming kunt doen is een voorrecht. Dankzij de BMP(Broedvogel Monitoring Project) telling, maak je zoiets wel eens mee. Het is niet altijd feest, zeker niet als het regent, steenkoud is of wat later in het seizoen onmenselijk vroeg is, want je moet een uur voor zonsopkomst in het gebied zijn om de eerste vroege zangers waar te kunnen nemen. Half juni betekent dat om  02.00 uur je bed uit en op pad gaan. En niet onbelangrijk, ongeacht het weer, de telling gaat altijd door. 

In april en mei zijn dat vooral de nachtegalen en roerdompen die zich op dat onmenselijk vroege tijdstip laten horen. Maar toch weegt dat alles op tegen alle zogenaamde "ongemakken". Want waar hebben we het over?
mei 2020, Noorderplaat, Biesbosch
De baardmannetjes zijn niet dik gezaaid, ook niet in de Biesbosch. Ik ken niet heel veel plekken waar ze leven en broeden. 

Langs de Deeneplaat, de uitgestrekte rietvelden die daar langs de Merwede liggen, is zo'n plek. En verder moet je die baardmannetjes toch wel diep in de Biesbosch zoeken in de rietpolders Noorderplaat en Ruwen Hennip. En in die laatste rietpolder zag ik ze afgelopen week en dat was voor mij ook de eerste keer in deze polder. En ik kom hier toch ook alweer tien jaar.

Ik heb in de BMP historie wel gezien dat daar eerder door andere broedvogel tellers baardmannetjes waren gezien maar dan heb je het ook over slechts enkele waarnemingen van jaren terug.

Dat geeft dus wel aan dat ze niet dik gezaaid zijn. Ik dacht dat we nu amper 2000 broedparen in Nederland hebben en dan moet je weten dat niet eens zo heel lang geleden in Nederland zoveel baardmannetjes leefden dat door de populatiedruk de vogels naar het buitenland uitweken. Toch niet voor te stellen?

Wil je meer weten van deze prachtige oranje baardmees, Klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/baardman

woensdag 23 maart 2022

Je hoort me wel maar ziet me niet.

vorige week op 3 meter
De natuur blijft je steeds weer verbazen. Het is elke keer weer spectaculair hoe vogels en ook sommige zoogdieren volledig op hun schutkleur kunnen en durven vertrouwen. Als je regelmatig in de natuur komt en van de paden afgaat en door het struweel of wildere gras loopt en niet door het gras van een weiland kom je nog wel eens wat moois tegen.

Niet zelden kost zo'n ontmoeting je een flinke hartverzakking want als een patrijs de vlak voor je voeten de lucht ingaat schrik je je rot. Afgelopen tijd is mij dat nu een paar keer gebeurd en ook fazanten zijn van die beesten die tot het laatst wachten. Met veel lawaai gaan die dan de lucht in en vaak zijn dat dan meerdere vogels tegelijk. 

Enkel jaren geleden gebeurde dat in de boswachterij Dorst toen een houtsnip en later dat jaar een nachtzwaluw vlak voor mij opvloog. Die maakte geen herrie en vloog zigzaggend over de heidepollen weg. En nog wat jaren langer geleden bleef een nachtzwaluw zelfs voor mijn voeten liggen en sloot de ogen om echt niet opgemerkt te worden. Die vertrouwde echt op zijn schutkleur.

op afstand onzichtbaar(jan 2018)
En zo zijn er nog wel wat voorbeelden te noemen. Niet alle vogels hebben een schutkleur waardoor ze gezien tegen de achtergrond aan het zicht worden onttrokken. Soms gaat het ook gewoon om goed verbergen en plat op de grond liggen zoals patrijzen en fazanten ook wel doen. Soms is de schutkleur van een roofdier belangrijk om niet opgemerkt te worden als een prooi beslopen wordt. Maar een vogel spant toch wel de kroon vind ik en dat is de roerdomp.

De roerdomp kan in de "paalhouding", volledig opgaan in de achtergrond van een rietkraag. Die verbergt zich niet zoals een patrijs of fazant. Hij staat op een paar meter van je vandaan, volledig stil maar wel op scherp. 

Waarom zou deze vogel toch zo'n risico nemen want er is niet heel veel voor nodig om alsnog gepakt te worden. Opvliegen is dan geen optie want dat gaat echt niet zo snel. Het is in ieder geval een riskante vorm van bescherming.

Wil je meer weten van de best gecamoufleerde rietvogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/roerdomp

zaterdag 19 maart 2022

De eerste broedvogels.

rietpolder de Vijf Ambachten 
Afgelopen weekend zijn we weer gestart met de broedvogel inventarisaties in de Biesbosch. De rietpolders liggen er weer schitterend bij en zijn klaar om de broedende rietvogels te ontvangen. De blauwborsten en roerdompen zijn in de buurt, er wordt al voorzichtig gezongen. De stevige zuiden wind van de afgelopen dagen geeft ze nog net een extra zetje mee naar hier. De rietgorzen zijn minder terughoudend en zingen al volop. Voor hun kan het broedseizoen beginnen en voor sommige grauwe ganzen is het zelfs al zover. 

Op een paar plekken zaten al grauwe ganzen op het nest en andere ganzen vertoonden afleidingsgedrag door onbeweeglijk vrijwel geheel plat op het water te liggen. De eerste jonge ganzen kunnen in de eerste helft van volgende maand al op het wateroppervlak dobberen. Het aantal ganzen neemt in deze rietpolders alweer enkele jaren flink toe. Dat is trouwens geen pretje want met hun alarmerende gegak overstemmen ze soms de kleine zangertjes.

grauwe gans op het nest
Komend weekend, weer een week later is de situatie al anders dan vorige week. De blauwborsten zingen dan wel volop en kiezen zorgvuldig hun territorium. Niet veel later komen de rietzangers aan en nog wat later snorren en kleine karekieten. 

Zo wordt elke vierkante meter van de rietpolder bezet. Over een dikke maand leun je daar tegen een oorverdovende muur van geluid aan, zoveel vogels zingen dan en is het een echte uitdaging om alle geluiden goed in het BMP(Broedvogel Monitoring Project) systeem van SOVON te registreren.
vanaf volgende week zingende blauwborst
Veel van de soorten die in de rietpolder gaan broeden zijn afhankelijk van de goed gereguleerde waterstand. 

Want als het te droog is, kiezen bijvoorbeeld snorren voor een ander natter gebied. Daarvoor in de plaats kun je dan wel weer een sprinhaanzanger tegenkomen. Die houdt niet zo van hele natte voeten. Een goed uitgebalanceerde waterstand in de rietpolders bepaalt veel van wat er gaat gebeuren. Gelukkig wordt daar de afgelopen jaren flink aandacht aan besteed. 
roerdomp gisteren

De roerdompen doen het hier alweer een paar jaar goed en al "hoempen" ze nog niet, ze zitten er wel. Er zat zelfs een roerdomp op amper 3 meter van mij vandaan en hij bleef onbeweeglijk in de "paalhouding" staan. Volledig vertrouwend op zijn schutkleur stond hij daar. 

Ik kon rustig mijn camera uit de tas pakken en hem uitgebreid fotograferen. Al die tijd hield hij mij onbeweeglijk in de gaten. Hij vloog niet weg en ik ben heel rustig doorgelopen zonder plotselinge bewegingen te maken. Prachtig zo.


dinsdag 15 maart 2022

Jonge zeearenden?

zeearend afgelopen zaterdag
Tijdens de maandelijkse watervogel inventarisatie in de Noordwaard zie ik altijd wel ergens een zeearend zitten of vliegen. Je hoeft er eigenlijk nooit echt moeite voor te doen behalve dan regelmatig omhoog kijken. Het is toch wel bijzonder dat deze vogel in een relatief korte tijd zo gewoon is geworden. Hij komt daarom ook regelmatig voorbij in mijn blog want ik schrijf immers over mijn recente ervaringen en waarnemingen.

De volwassen zeearenden zijn nu even uit beeld want die zijn druk met het uitbroeden van de eieren. 
en nog een jongeling
De zeearend in de Brabantse Biesbosch ligt al in broedhouding op het nest en die van de Dordtse nog niet. Binnenkort wordt, als alles goed gaat, de populatie verder uitgebreid en dat was een dikke maand geleden nog een spannende. In een paar weken tijd kwamen Corrie, Dudley, Eunice en Franklin voorbij. Zware stormen krijgen een naam en laten als dank een spoor van vernielingen achter. 
En die stormen slopen de bomen van de Biesbosch. Ongelooflijk hoeveel bomen daar nu omgewaaid zijn. Het zijn voornamelijk oude, soms dode en rotte populieren en wilgen die het begeven maar dat is ook het overgrote deel wat er staat. En juist grote oude, liefst gevorkte bomen hebben de voorkeur om en nest in te bouwen. 

Die zeearenden hebben daarom ook maar weinig keus en zijn dan meestal genoodzaakt hun nest in zo'n zwakke boom te bouwen. Een flink nest met een doorsnede van anderhalve meter en een kilootje of 150 tot wel 200 zwaar, is een enorme last voor een Biesbosch boom. Niet voor niets dat al een paar keer een nestboom omgewaaid is, zelfs met eieren in het nest. 
volwassen exemplaar
Elk jaar hebben we wel een keer te maken met een zware voorjaarsstorm en dit jaar hebben we zelfs vier van die stormen in korte tijd gehad.

Ik ben heel erg benieuwd wat die vier stormen van dit jaar te betekenen hebben gehad voor de Biesbosch zeearenden. De jonge zeearenden die nog niet aan broeden toe zijn, vliegen in ieder geval nog vrolijk rond, De eenden en ganzen de stuipen op het lijf jagend. Die hebben nog geen last van uitgewaaide nesten of omgewaaide bomen. Ik houd de boel in de gaten en kom er zeker een keer op terug.

Wil je meer weten van deze grootste roofvogel van ons land, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/zeearend

vrijdag 11 maart 2022

Gemaskerde wintergast.

klapekster in de winter
Met niet al teveel moeite kom ik in elke maand van de winter wel ergens een klapekster tegen. Maar het is geen algemene wintergast die je overal tegenkomt, het zijn slechts enkele honderden exemplaren die de winter bij ons doorbrengen. Ze komen in het najaar steeds naar dezelfde plekken terug waardoor je al weet waar je er een kunt vinden. Soms komen ze daar jaren en jaren achterelkaar terug. En dat zorgt ervoor dat ik ze altijd wel ergens zie.

De Deeneplaat in de Biesbosch, de Strijbeekse Heide, Haagse Beemden, Maashorst en enkele jaren geleden ook de Boswachterij Dorst, zijn van die vaste plekken. Dat de klapekster in Dorst zat, is trouwens alweer tien jaar geleden en hij zat daar aan de rand van de grote vlakte, steeds in de top van een hoge boom. 

Dat is ook altijd de favoriete plek van een klapekster, hoog in een boom met een goed uitzicht over het gebied om hem heen. Dat zorgt er ook voor dat je ze vrij makkelijk kunt vinden. Hun witgrijze verenkleed en het kenmerkende zwarte maskertje vallen op en dat zorgt dat je ze al van verre kunt zien. De naam kan je wel eens op het verkeerde been zetten want het is zeker geen familielid van een ekster, laat staan van een scholekster een echt steltloper. En wat de klapekster echt niet is, is een steltloper.

grauwe klauwier in de zomer
Een klapekster is nauw verwant aan een klauwier en qua bouw lijken ze ook erg sterk op elkaar. Ze hebben zelfs het boevenmaskertje met elkaar gemeen. Ze zijn even groot en hebben beide exact zo'n klein haaksnaveltje en een lange staart. Alleen komen ze elkaar hier in Nederland nooit tegen. 

De klapekster is hier in de winter en de grauwe klauwier arriveert vanaf mei en is in augustus alweer weg. Het zijn allebei echte rovertjes en jagen op grote insecten, woelmuizen en de klapekster in de winter zelfs op kleine vogeltjes. Dat zou je toch niet zeggen als je hem zo zit zitten. Hij komt ondanks zijn boevenmaskertje vriendelijk zelfs een beetje liefelijk over. Zeker niet op een agressieve, streng kijkende roofvogel.

duidelijk haaksnaveltje
De klapekster van de Boswachterij Dorst is alweer tien jaar verdwenen en ook de jaarlijkse klapekster telling is na de winter van 2018/2019 van de kalender verdwenen. Elke winter werd landelijk een klapekster telling gehouden en zo werd duidelijk hoeveel klapeksters in Nederland overwinterden. Leuk om aan mee te doen maar ook die telling is dus geschrapt. Ik heb geen idee waarom dat is, of het komt dat de klapeksters toenamen en niet meer bedreigd zijn, lijkt mij sterk, of dat het project simpelweg gestopt is omdat voldoende data verzameld is. ik weet het niet.

We kunnen nog een paar weken genieten van de prachtige klapekster en dan is die ook vertrokken en duurt het weer ruim een half jaar voordat hij terug is. 
Wil je meer weten van deze kleine boef, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/klapekster

dinsdag 8 maart 2022

Een nieuwe voedertafel.

onze "buurtbever"
Bij een nieuwe voedertafel denk je al gauw aan een vogelhuisje op een berkenstam met vogelvoer. Maar deze keer heb ik een hele andere nieuwe voedertafel gemaakt en ook nog eens voor een zoogdier in plaats van een voedertafel voor vogels. Dat komt zo. Afgelopen week zag ik zo rond een uur of elf  's-avonds een bever aan de rand van de polder en onze wijk. Ik liet daar de hond uit en hoorde een flinke plons. Dat hier hier bevers rondlopen en rondzwemmen weet ik al een paar jaar dus helemaal verrast was ik niet.
de nieuwe voedertafel
Bij bruggetje naar de polder staat een grote treurwilg die het met de stormen van de laatste tijd flink te verduren heeft gehad. Grote takken waren afgebroken en lagen aan de kant van het pad. Ik nam een tak mee gooide die vanaf het bruggetje in het water. Waar ik niet op gerekend had was dat de buurtbever direct aan kwam zwemmen en de tak zonder aarzeling meenam. Een prachtige ervaring en ik dacht gelijk aan de avond van morgen want er lagen nog meer takken en die zal deze bever ook wel lusten dacht ik.
Biesbosch bever, waar hij thuishoort
En ook de dagen daarna kwam de bever de net in het water gegooide wilgentakken ophalen en zo ontdekte ik ook waar hij ze mee naartoe nam. Wat verderop aan de rand van de plas, tussen de wijk en de polder, is een deel van de oever weggesleten en is een ondiepe plek ontstaan waar de bever op zijn gemak in het water kan zitten en de bast van zijn takken op kan eten. Hij laat de wilgentakken, ontdaan van hun smakelijk en voedzame bast, liggen en zo heb ik er dus een nieuwe voedertafel bij gekregen.

De bevers, want het zijn er inmiddels een paar, komen ook steeds vaker de wijk in en slopen de boompjes in het openbaar groen. Ze zijn ook steeds minder schuw en blijven soms gewoon op de weg zitten met mijn grommende hond voor zich en dat maakt geen enkele indruk.

cruisend door de wijk
Regelmatig gaat een boompje om en laatst zag ik bij de rotonde wat verderop een berk omliggen. Ik blijf voorlopig maar even voeren want daarmee houd ik de bevers uit de wijk en dus ook uit het gevaar van het verkeer. Ze steken 's-nachts de weg over en echt snel zijn ze niet dus een auto ontwijken zal ze niet makkelijk afgaan. 

Ik heb zelfs de wethouder gevraagd een paar borden te plaatsen met de tekst  "pas op! overstekende bevers". Hij keek mij vol ongeloof aan en zou er over nadenken. Nou dan weten wij wel wat dat betekent. Morgen nog maar een paar wilgen takken voor de voedertafel halen, misschien blijft hij dan aan de rand van de polder zitten.

vrijdag 4 maart 2022

Vroeg, vroeger, vroegst.

3 maart, voor mij de eerste zingende tjif
Gisteren, 3 maart, hoorde ik in alle vroegte de eerste tjiftjaf van het seizoen en daarmee is deze zingende tjiftjaf voor mij de vroegste tot nu toe. Dat wil niet zeggen dat dit mijn vroegste waarneming van een tjiftjaf is, want die zie ik elke maand van het jaar wel een keer. 

Veel tjiffen trekken in het najaar wel weg maar er zijn er ook altijd die het hele jaar hier blijven. Die gokken op een milde winter en besparen zich zo een hele lange en gevaarlijke reis naar het zuiden. In de winter zingen ze niet, je hoort dan hooguit een contactroepje en dat is het dan wel.

Officieel, als je dat zo kunt noemen, beginnen ze begin april weer te zingen en dan is deze zingende tjif toch echt een hele vroege. Daar zou trouwens deze milde winter wel eens voor gezorgd kunnen hebben. In de Biesbosch zitten altijd veel tjiftjafs en tussen deze vogels zaten deze winter ook een paar siberische tjiftjafs. Ze zijn nog stiekemer dan de gewone tjif en dus nog moeilijk te vinden. 
tjif-tjaf-tjif-tjaf-tjif-tjaf

Ik zag mijn eerste bij de polder Malta waar de siberische tjiftjaf onderin een braamstruik zat. Lang genoeg om hem goed te bekijken en opvallend was de grijze kleur. Het contactroepje was niet veel anders dan het contactroepje van de gewone tjiftjaf dus als je er niet speciaal voor op uit bent, kun je zomaar denken dat je een gewone tjiftjaf hebt gehoord.

Het is een Aziatische variant van de tjiftjaf en uitzonderlijk dat hij hier te zien is. Het is dus een regelrecht dwaalgast. Ze horen in Irak, Pakistan en Noord India te overwinteren en slechts een klein deel komt naar Europa. Tot 2012 werden waarnemingen niet echt serieus genomen totdat onderzoek uitwees dat er aanzienlijk meer in Nederland overwinterden dan gedacht werd. 

en nog een
Vanaf dat moment werden meldingen wel serieus genomen en zie je langzaam maar zeker dat meer meldingen gedaan worden. Daarbij komt de toename van het aantal vogelaars en het beter beschikbaar komen van middelen om een vreemde soort te determineren. De kennis neemt toe en zo is de kans op een mooie nieuwe soort dichtbij.

Wil je meer weten van deze vroege druktemaker, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/tjiftjaf

dinsdag 1 maart 2022

Miereneter op dieet?

even bijkomen in het
ochtendzonnetje(23 feb)
De stormen van de afgelopen dagen hebben er voor de vogels geen goed aan gedaan.Veel vogels hebben het lastig gehad en ik weet niet of door dit extreme weer ook vogels sneuvelen? Er zijn vogels die in deze tijd vrij gemakkelijk aan voedsel komen, kijk maar naar de mezen die uit de vele voedertafels, zaadsilo's, vetbollen en noem verder maar op kunnen kiezen. Voor watervogels veranderde er ook maar weinig, die zijn toch al nat, behalve dan dat opstijgen en landen een huzarenstukje was. Ik zag in de Willemspolder de knobbelzwanen die normaal gesproken in een weiland als groep bij elkaar zitten, nu verspreid door de hele polder zitten. Behoorlijk verwaaid dus.

Zo maakt elke vogelsoort deze extreme weersomstandigheden op zijn eigen manier door. Ik ben wel benieuwd hoe nu bijvoorbeeld een groen specht deze periode doorkomt? Groene spechten zijn echte miereneters en ook die beestjes hebben het met dit weer lastig door de flinke regenval. 

jonge specht in Dorst
Hoe weet die groene specht in deze afgelopen weken aan zijn eten te komen als overal water staat? Natuurlijk heeft ook een groen specht enige vetreserve en kan best wel een dag of wat zonder mieren maar toch niet al te lang. Ze zullen noodgedwongen over schakelen op andere insecten die verstopt in de boomschors zitten. Dat moet wel.

Een vogel heeft een lichaamstemperatuur van 42 graden Celsius en zie die lichaamstemperatuur tijdens de hevige regenval, snijdende koude wind en ook nog eens een lege maag op niveau te houden. De groene spechten laten zich gisteren en vandaag weer volop horen en dat betekent dat ze toch wat eetbaars hebben kunnen vinden.

nieuwe aanwas, bedelend om
een hap mieren(juni 2020)
Er zullen ongetwijfeld vogels gesneuveld zijn maar hoeveel dat er zijn, is gissen. Dat ze nu zo luidruchtig zijn, lijkt wel een soort uiting van blijdschap te zijn, blij dat de weersomstandigheden verbeterd zijn en er weer toekomst is. En nu is het belangrijk dat de mieren het ook overleefd hebben. Met name de rode bosmier staat bovenaan de menukaart. Daar gaat het overigens ook niet goed mee waardoor groene spechten met name in de winter overschakelen naar gele weidemieren, wegmieren en glanzende houtmieren. Met deze mierensoorten gaat het minder slecht en die zijn nog goed beschikbaar.

Het broedseizoen zit er aan te komen en is er werk aan de winkel want de mogelijk ontstane gaten in de populatie moeten toch weer gedicht worden. We kunnen deze bijna exotisch uitziende spechtensoort absoluut niet missen.

Wil je meer weten van deze lachende houthakker, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/groene-specht

vrijdag 25 februari 2022

Bukken voor een aalscholver?

hoofdtooi al in broedstand
Elke ochtend als ik met de hond door de wijk loop, is het uitkijken geblazen want de aalscholvers hebben net gevist en hebben al wat prooi verteerd wat er ook weer uit moet. Ze zitten met de vleugels wijd op de lantarenpalen en sproeien hun uitwerpselen over de stoep. Op veel plekken onder de lantarenpalen is het wit van de poepstpetters. Uitkijken geblazen dus.

De aalscholvers hebben al broedvlekken en een prachtige verentooi op hun kop. Aalscholvers zijn er ook altijd vroeg bij en broeden vanaf deze maand. Het is een echte koloniebroeder en daar kijk ik dan weer naar uit. Waar zijn die kolonies nu precies te vinden? In de Biesbosch zijn op enkele plekken nog kleine kolonies te vinden maar die zijn echt niet zo groot meer als vroeger.

slaapplaats annex broedkolonie
(langs de Amer, tegenover Gat van den Ham)
Bij het Gat van den Ham broeden aalscholvers samen met blauwe reigers en dat is niet vreemd. Ze zoeken elkaar wel vaker op om samen te broeden. Je kunt ook goed zien hoe zo'n broedkolonie is samengesteld. De grote platte nesten van de blauwe reigers zitten meestal laag in de bomen, soms maar een meter of net wat meer boven het water terwijl de aalscholvers behoorlijk hoog in de bomen kunnen zitten. 

De aalscholvers broeden langs de Amer en slapen buiten het broedseizoen tegenover de jachthaven van Drimmelen bij de Onderplaat, zeg maar randje  Biesbosch.
hij zit er klaar voor, bukken.....
Op deze slaapplaats neemt het aantal aalscholvers gestaag af en komend weekend vindt de landelijke slaapplaats telling weer plaats. De laatste paar jaar kom ik niet verder dan tussen de veertig en vijftig aalscholvers. 

In 2012 sliepen op diezelfde plek nog honderdzestien aalscholvers. In 2018 maakte ik daar nog iets opmerkelijks mee, er sliepen ook nog eens zeven grote zilverreigers maar dat was een eenmalige waarneming. Waar die nu slapen is mij niet duidelijk.

Gedurende de dag zitten hier in de wijk vijf aalscholvers en vangen in de stadsvijvers op zijn tijd een visje. Er moet ook veel vis zitten want als ik zie wat de sportvissers vangen dan duiken deze aalscholvers zo op een gedekte tafel. En dan wordt ook duidelijk waarom de stoep onder de lantaarnpalen zo wit is. Oppassen als je er onderdoor loopt want je hebt zo een witte jas aan.

Wil je meer weten van deze onderwaterjager, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/aalscholver

dinsdag 22 februari 2022

Opmars van de koereiger?

zoals het hoort(Biesbosch 5 juli 2019)
Zou de opwarming van de aarde nu al zoveel invloed hebben op de vogelwereld dat die Zuidelijke soorten steeds vaker naar hier komen en zich hier zelfs gaan vestigen? Ik ken de cetti's al vele jaren en dat is, zeg maar, een soort die samen met de grote zilverreiger een pionier is geweest, Nu hoor hoor je om de haverklap over de enorme toename van de halsbandparkiet die overigens ooit ontsnapt is en zich hier prima kan handhaven. 

Het tegenovergestelde gebeurt ook en dat zie je bijvoorbeeld aan de wilde- en kleine zwanen die niet meer zover naar hier, het Westen trekken en zo'n 600 kilometer minder ver trekken omdat het in het Oosten niet zo koud meer is. 

vorige maand in onze tuin
Zo verschuift de hele vogelwereld en nemen soorten af en verdwijnen ook en andere soorten nemen weer toe of zijn complete nieuwe soorten in ons gebied. Soms is dat jammer maar net zo vaak is dat ook weer prachtig om te zien. Ik ben heel benieuwd hoe onze vogelwereld er over 25 jaar uitziet? 

Ik kom hierop omdat de laatste jaren het aantal koereigers ook aan het toenemen is, eerst een klein aantal in de Biesbosch en dat groeide tot ruim een tiental en nu zie ik op waarneming.nl op steeds meer plekken in het land waarnemingen van dit kleine reigertje. Een grote broedkolonie hebben we nog niet maar er wordt al wel zo hier en daar een poging gedaan. 

vorige week bij Zonzeel
Een paar jaar geleden op het eiland de Sassenplaat bij Moerdijk in het Hollands Diep en ik meen mij te herinneren dat afgelopen jaar ook weer ergens een koppel een broedpoging heeft gedaan al weet ik niet meer waar dat ergens was en ik weet ook niet of die poging succesvol was.

De afgelopen paar maanden zit in de Zonzeelse polder ook weer een koereigertje. Nu niet tussen de koeien zoals dat in de Biesbosch steeds het geval was, maar tussen de knobbelzwanen. Ook tussen deze vogels voelt hij zich thuis en pas dan valt goed op hoe klein dit vogeltje is. 

in zomerkleed
Het wordt daar bij Zonzeel wel spannend voor de vier zwanensoorten en dit reigertje want er is een verjaging- en afschotvergunning afgegeven voor deze vogels. De boeren ondervinden teveel overlast en hebben via de provincie nu dus een vergunning om de boel daar eens flink uit te dunnen. Ik hoop dat die jagers wel weten wat ze doen want het zou eeuwig zonde zijn als de wilde-, kleine zwanen en de koereiger ook in een hagelregen verzeild zouden raken.

Wil je meer weten van dit kleine Afrikaanse reigertje, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/koereiger

vrijdag 18 februari 2022

Je moet er maar oog voor hebben.

witoogeend in Teteringen
Het was alweer dik acht jaar geleden dat ik voor het eerst een witoogeend zag. Deze eerste witoogeend zag ik in de buurt van Den Dungen, dobberend op de de Meerse Plas. Even tussen de middag vanuit mijn werk naar de plas gereden om hem te zien. Dat deed ik zo wel vaker en kon ik onder andere de zeldzame steppekievit, zwarte ooievaar, kraanvogels en de bonte kraai afvinken. Allemaal in een vrij kleine cirkel rond Eindhoven waar ik werkte.

Nu zat deze wintergast in Teteringen en zou in deze tijd eigenlijk in Afrika moeten zitten. Hij is dus zeldzame dwaalgast en eigenlijk een doortrekker en dan ga je toch twijfelen. Zou het een ontsnapt exemplaar zijn?
vrouwtje kuifeend
Want dit is zo'n soort die door volière houders gekweekt wordt maar dan worden ze ook geringd en hebben we met een zogenaamde "escape" te maken.

Gelukkig kreeg ik al vrij snel te horen dat het hier om een ongeringd exemplaar ging. Dat zou dus duiden op een echte wilde vogel en die tellen mee. De vogel was makkelijk te vinden en niet heel erg schuw, alhoewel ze die naam wel hebben. 
ongeringde marmereend
(27-9-2016, Huis ter Heide)
Dat deed mij ook direct weer denken aan de marmereend die ik in bij Huis ter Heide zag. Ongeringd en zeker niet schuw net als deze witoog. Uiteindelijk werd die marmereend toch als escape bestempeld en van de lijst geschrapt. Ik ben benieuwd wat met de witoog uiteindelijk gaan gebeuren? Langzaam zwom hij van mij vandaan maar was niet bang en dobberde zo verder uit het zicht.

Deze witoogeend heeft wel wat weg van een vrouwtjes kuifeend alleen heeft die een geel oog en heeft een minder warm bruine kleur. Vaak ook uit gemakzucht kijk je niet naar de kleinste details en mis je zo weleens iets aparts. Gelukkig zijn er genoeg "scherpe" vogelaars die dit soort beestjes wel ontdekt en dan is het lekker meeliften. Deze witoogeend is een van de jaarlijks zeldzame waarnemingen van de soort. Elk jaar zijn er wel een paar in Nederland te vinden en als je maar lang genoeg wacht komt er ook een in de buurt langs. Totaal worden nu op zes plaatsen in Nederland witoogeenden gezien en dat is iets boven het langlopende gemiddelde vanaf 1989 gerekend.

Wil je meer weten van dit speciale eendje, klik dan op de link;
https://nl.wikipedia.org/wiki/Witoogeend

dinsdag 15 februari 2022

25 jaar oud en nog steeds topfit.

ringen zoeken op de zeedijk bij Westkapelle
Ringen aflezen is een hobby in een hobby. Niet iedere vogelaar houdt zich hiermee bezig en die weten eigenlijk niet wat ze missen. Kijk, het aflezen is op zich is al een sport want de vogels werken niet altijd mee en gaan vrijwel zonder uitzondering precies zo zitten dat je de letter en/of cijfercombinatie net niet helemaal af kunt lezen. Het gaat dan ook vaak mis en het is een echt geduldwerkje. Maar die keren dat het lukt wordt het pas echt leuk.

De afgelezen ring meld je dan bij de ringer of bij het betreffende ringproject. Dat is in het begin altijd een klusje om bij de juiste instantie terecht te komen. Er lopen namelijk heel veel ringprojecten in binnen- en in buitenland.
25 jarige larus argentatus 6F
De kleur van de ring in combinatie met de codering geven vaak al een indicatie in welk land de vogel geringd is. Ook de meeuwensoort geeft al een richting aan. Een pontische meeuw met een gele ring en zwarte letters/cijfers is een Pool of een Duitser.

Een zilvermeeuw met witte of zwarte ring en zwarte en resp witte letters/cijfers is een Nederlander of Belg. Zo las ik in november bij de waterzuivering in de Oranjepolder bij een adulte zilvermeeuw een witte ring met de zwarte letters 6F af en meldde die in dit geval bij het ringproject, buijs@ecoconsult.nl. Na een tijdje krijg je altijd de levensloop van de desbetreffende vogel in je mail. 

En zilvermeeuw(Larus Argentatus) 6F bleek een hele taaie rakker te zijn. Deze vrouwtjes zilvermeeuw bleek in juni 1996 als pullus bij Shell Moerdijk geringd te zijn door ringer H.van Vugt. Deze meeuw is dus inmiddels 25 jaar oud. In de tussenliggende periode is deze meeuw vaker gezien en gemeld maar nooit erg ver uit de buurt. Ze is geen echte reiziger en behoorlijk honkvast.
1e winter juveniele zilvermeeuw
met ring SG blauw
Zij hing graag bij Shell Moerdijk rond en ik snap niet wat daar zo leuk aan is maar ze hing ook bij de vuilstort De Spinder in Tilburg rond en op veel plaatsen daar tussenin, waaronder de waterzuivering in Oosterhout. Als het maar smerig is, dan is deze meeuw pas op haar gemak.

Zo te zien is deze zilvermeeuw de afgelopen 25 jaar ongeschonden doorgekomen en ziet ze er nog patent uit. Zou het dieet van menselijke uitwerpselen en restafval van de Tilburgers het geheim zijn om gezond en fit oud te worden? Wie zal het zeggen maar zo zie je maar dat het aflezen van een simpele ring je heel veel interessante informatie verschaft.

ringcombinaties per soort
Gisteren las ik op de Brouwersdam een ring af van een jonge zilvermeeuw. Ook weer rechts maar nu blauw met 2 zwarte letters aan het "dijbeen", oftewel tibia. De ring is inmiddels gemeld bij een Engelse ringer en nu is het weer afwachten wat in de levensloop van deze meeuw te lezen is. In het schema rechts de kleur van de ring met de kleur van de letter/cijfercombi.

Wil je meer weten van ringprojecten en zelf melden van ringen, klik dan op de link;
https://www.naturetoday.com/intl/nl/nature-reports/message/?msg=27678#:~:text=De%20website%20submit.cr%2Dbirding.org%20bestaat%20inmiddels%20vier,omdat%20het%20veel%20administratietijd%20bespaart.

donderdag 10 februari 2022

Zo kwaad is de Kwade Hoek niet.

de Kwade Hoek
Heerlijk dwalen door de Kwade Hoek, laarzen aan en een straffe wind tegen, prachtig! De kwade Hoek aan de kust bij Goedereede is een compleet verlaten gebied waar maar weinig mensen gaan wandelen. Niet gek natuurlijk als je in het gebied op laarzen door natte en glibberige kreken en stuifduintjes moet lopen. Soms is het hoog water en soms net drooggevallen en spekglad. Wandelpaden kun je wel vergeten en het gebied lijkt vooral op een prehistorisch strand. Zo moet het Nederlandse strand er vroeger uitgezien hebben.


plastic verzamelpunt in de Kwade Hoek
Maar dit strand heeft ook een minder mooie naam. Namelijk de vergaarbak van al het plastic afval dat in zee drijft. Door de aanleg van de tweede Maasvlakte is de ingang naar het Haringvliet in een soort trechter veranderd. Als de wind uit het noordwesten en zuidwesten waait ontstaat een stroming die al het afval deze trechter instuwt. 

Veel plastic spoelt aan op de stranden en als je daar niets aan doet, breken al die plastic deeltjes af tot microplastics en daar kennen we inmiddels de gevaren wel van. Onderzoek naar de herkomst van al het plastic van dit strand maakte duidelijk dat ruim 40% afkomstig is van de visserij. En dit stukje kust heeft de grootste verzameling plastic afval van Nederland. Het ligt hier ook echt vol met plastic, stukken visnet en heel veel plastic draden afkomstig van de zeevisserij. Dodelijk voor zeevogels!
jan van gent verstrikt in een stuk visnet
Afgelopen week liep door de natte schorren en kwelders toen in de verte een grote witte vogel op het strand zag zitten en mijn gedachten gingen direct uit naar een zwaan. maar een zwaan op het strand is wel heel gek. Ik heb nog nooit een zwaan op het strand gezien. Dus toch maar eens wat dichterbij gaan kijken en toen ik door mijn kijker eens goed keek zag ik dat het een jan van gent was. En als die vogel op het strand zit, is er echt iets mis. Deze uitgesproken zeevogel komt vrijwel nooit aan land. Hooguit in het broedseizoen maar dat is het nog lang niet. 

Naarmate ik dichterbij kwam, zag ik iets groens bij de kop van de vogel en dat bleek dus een stuk van een visnet te zijn. Waarschijnlijk is de vogel tijdens het vissen met zijn kop in dit net gedoken en dat had zich rond de kop en snavel gewikkeld en zorgde dat de vogel niet meer kon eten. Gedoemd om te sterven. 

na de geslaagde reddingsactie
Een snelle actie zorgde ervoor dat ik de jan van gent stevig in mijn greep had en kon ik proberen het net van zijn kop te krijgen. Deze jan was (nog)niet blij met mij want hij beet mij flink tot bloedens toe. Met wat gefrunnik en voorzichtig wringen kreeg ik het net van zijn kop en snavel. Op een gegeven moment liet hij het maar toe en stribbelde niet meer tegen alsof hij snapte dat ik hem waarschijnlijk niet echt kwaad wilde doen.

Het duurde nog eventjes voordat hij in de gaten had, dat hij bevrijd was en weg mocht vliegen om weer te gaan jagen en aan te sterken.

de vrijheid tegemoet
Met een paar flinke vleugelslagen kwam hij los van de grond vloog naar zee en koos zo voor de herwonnen vrijheid. Wat een heerlijk gevoel om zo'n prachtige vogel te kunnen helpen en hem ook nog weg te zien vliegen.

Deze jan van gent zal de komende tijd, als alles goed gaat, oversteken richting Engeland want daar bij Bass Rock voor de Schotse Oostkust ligt zijn of haar broedgebied. Meer dan honderdduizend jan van genten verzamelen zich daar om te broeden. Buiten dat broedseizoen verblijven ze onafgebroken op zee en zie je ze zeker niet bij ons op de Nederlandse stranden.

Wil je meer weten van deze schitterend getekende zeevogel, klik dan op de link;
https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/jan-van-gent

dinsdag 8 februari 2022

Het gaat goed met de middelste!

middelste bonte specht in Dorst
De opmars van de middelste bonte specht is niet meer te stuiten. Dat is toch wel het idee wat ik krijg als ik lees waar ze nu allemaal worden waargenomen. En dan te denken dat ze nog maar een kleine twintig jaar in Nederland voorkomen. Tenminste als je Limburg even niet meetelt. Pas later zijn ze zich door de rest van Nederland gaan verspreiden en het heeft nog jaren geduurd voordat ze vanuit Breda de sprong naar Oosterhout hebben gemaakt. Daar zie ik ze ook alweer een jaar of vier en weet ik in de Boswachterij drie broedterritoria te vinden.

Op steeds meer plekken worden ze nu gezien en ik vraag mij af, zou dat ook met de klimaatverandering te maken hebben? Vroeger was de meest Noordwestelijke verspreidingsgrens van deze soort West Duitsland en verder kwamen ze niet. 

Vorige maand zat een middelste bonte(ook mibo genoemd) in de Biesbosch en was daarmee de zevende keer dat hij daar is waargenomen. Dat zelfs daar een mibo zit, geeft wel aan dat hun opmars niet meer te stuiten is. Steeds westelijker worden ze gezien. Mijn eerste mibo zag ik op 24 maart 2012 bij het Padvindersven in Etten-Leur. Dat is ook redelijk westelijk en sporadisch werd in die tijd een middelste bonte ook in Zeeland gezien. Maar broeden deden ze daar nog niet en ik weet eigenlijk niet of dat nu wel het geval is?

de andere 4 spechtensoorten van Dorst
In de Boswachterij Dorst zitten dus een aantal koppels en die beginnen nu al onrustig te worden. Soms hoor ik al een roepje en van de andere vier spechtensoorten die daar leven, hoor ik van een aantal ook alweer twee weken de roffels klinken. Nog niet veel en nog niet uitbundig maar ze zijn "wakker". Die roffels hoor ik de komende weken steeds vaker en dat is toch ook weer leuk. Trouwens de mibo roffelt niet, die roept of liever gezegd, die gilt op zijn tijd een keer.

De kleine bonte roffelt in een vast regelmatig ritme, de grote bonte laat de roffel uitsterven, de groene lacht zich rot en roffelt ook niet en de zwarte beukt op een beuk en laat een zware wat trage roffel horen. 

nog zo'n mooie mibo
Als je twijfelt of de roffel die je hoort van een kleine of grote bonte is, is er een stelregel. Bij twijfel, is het nooit een kleine bonte maar altijd een grote bonte. De roffel van een kleine bonte is zo herkenbaar dat je je daar nooit in kunt vergissen.

Dus laat de komende weken de roffels maar horen en dat is ook de tijd om uit te zoeken waar genesteld wordt. Ik ben benieuwd of de nestbomen van vorig jaar ook nog in beeld zijn? Van de zwarte specht wordt gezegd dat hij elk jaar een nieuw nest uithakt maar ik weet inmiddels een zwarte specht te zitten die al een jaar of vijf hetzelfde nest gebruikt. 

winters Dorst
Van middelste bonte spechten weet ik eigenlijk niet of ze jaarlijks een nieuw nest uithakken maar ook die verdenk ik ervan om een nest meerdere malen te gebruiken. Een mibo zit alweer drie jaar in hetzelfde hoekje van het bos en waarom zou je dan een nieuw nest uithakken als je oude nest nog goed is?

Vorig jaar moeten toch ook enkele jonge mibo's uitgevlogen zijn en ook die gaan in Dorst een nieuw territorium bezetten en daar is ook volop ruimte voor beschikbaar. Om ze te vinden ga ik eerst maar eens in de grote berkenbomen percelen zoeken. Ze houden namelijk van zacht hout.

Wil je meer weten van deze nieuwkomer, klik dan op de link; https://www.vogelbescherming.nl/ontdek-vogels/kennis-over-vogels/vogelgids/vogel/middelste-bonte-specht